Er is een jaar verstreken sinds de oprichting van het meldpunt sociale veiligheid en integriteit. In die periode werden er 69 meldingen ontvangen. Volgens het CvB ‘voorziet het meldpunt duidelijk in een behoefte’.
Op 1 oktober 2025 introduceerde de UvA het meldpunt sociale veiligheid en integriteit, een centraal loket waar studenten, medewerkers en promovendi terecht kunnen om melding te maken van zaken als ongewenst gedrag of schending van integriteit. Gedurende het eerste jaar waarin dat meldpunt operationeel is, zijn er 69 meldingen binnengekomen. Eerder dit jaar concludeerde het College van Bestuur tijdens een tussentijdse evaluatie al dat het meldpunt in de eerste zes maanden na de oprichting ‘duidelijk in een behoefte voorziet en meer wordt gebruikt dan vooraf voorzien’.
Rapportage
Een overzicht van het functioneren van het meldpunt in het volledige eerste jaar is nog niet beschikbaar, maar de rapportage van de Ombudsfunctionaris over het jaar 2025 toont wel aan welk type meldingen er in de eerste drie maanden na de oprichting werden ontvangen, en geeft daarmee een indicatie van de manier waarop het meldpunt wordt gebruikt.
Uit die rapportage blijkt dat de meldingen die in de eerste maanden het vaakst voorkwamen door de melders zelf werden geschaard onder de categorieën ‘ongewenst gedrag’, ‘patronen van sociale onveiligheid’ en ‘vermoeden van een integriteitsschending’. De meeste melders waren afkomstig van de Faculteit der Geesteswetenschappen (FGw) en het grootste deel van hen werd door het meldpunt doorverwezen naar een vertrouwenspersoon.
Uit notulen van het CvB blijkt dat er naar aanleiding van een eigen evaluatie van het meldpunt aandachtspunten bestaan ‘rond routering, taakafbakening, en de benodigde capaciteit’. Maar wat er op die punten concreet moet gaan gebeuren, is volgens een woordvoerder nog ‘werk in uitvoering’. In november gaat de UvA opnieuw meten hoe studenten en medewerkers het meldsysteem ervaren.