Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
Emma Op den Kamp: ‘Ik praat al jaren over lepels. De mensen om mij heen begrijpen precies wat ik bedoel als ik zeg: “Dat kostte mij veel tijd én lepels.”’
Foto: Lisa Boshuizen
actueel

Waarom we niet alleen onze tijd, maar ook onze energie moeten plannen (met lepels bijvoorbeeld)

Lisa Boshuizen Lisa Boshuizen,
17 september 2026 - 13:22

Om kwart over negen een hoorcollege, om tien over twee een kappersafspraak en om één minuut voor twaalf moet dat ene paper worden ingeleverd. We plannen ons leven in, maar vergeten na te denken over hoeveel energie alles kost, schrijft UvA-gedragswetenschapper Emma Op den Kamp in haar boek Grip op je energie. ‘We reageren vaak pas te laat, als de energie al op is.’

Jouw boek gaat over het krijgen van meer grip op je energie. Je schrijft dat we, net als met tijd, een valuta nodig hebben om energie uit te drukken. Als voorbeeld gebruik je lepels. Hoe werkt dat precies?

‘Alles wat je doet kost in meer of mindere mate energie. Tijd is heel concreet. We kunnen uren en dagen tellen. Onze maatschappij is daarop ingericht. Dat is superlogisch en ook gewoon heel handig. Maar waarom doen we dat niet ook zo met energie?’


‘Het lepelconcept heeft de Amerikaanse schrijfster Christine Miserandino ooit bedacht. Zij zat in een café met een vriendin die haar vroeg hoe het is om met een chronische ziekte te leven. Op dat moment zag zij een handjevol lepels liggen en gebruikte dat als metafoor. De lepels staan voor de hoeveelheid energie die je op een dag hebt. Niet iedereen heeft hetzelfde aantal lepels. Ik praat al jaren over lepels, de mensen om mij heen begrijpen inmiddels precies wat ik bedoel als ik zeg: “Dat kostte mij veel tijd én lepels.” Het is natuurlijk allemaal een beetje met een knipoog, maar het helpt wel om het tastbaar te maken.’


‘Je kan niet zomaar denken: ik heb nog ergens wel lepels liggen. Stel je voor: je hebt ’s avonds nog maar één lepel en je moet de was doen én koken. Je moet dan misschien vaker keuzes maken en er bewuster mee omgaan.’

 

Jij bent ook chronisch ziek. Wat heeft dat jou geleerd over omgaan met jouw energie?

‘Iedereen heeft natuurlijk wel wat, de een zit diep in de rouw en de ander heeft net een baby die nooit slaapt. Maar door mijn ziekte had ik wel een lager energieniveau dan een gemiddeld gezond mens. Daar werd ik keihard mee geconfronteerd.’


‘Ik was best wel ziek, dus ik moest iets. Dat is deels bewust en deels onbewust gegaan. Ik probeerde op te merken wat er steeds gebeurde. Heb ik gewoon kort geslapen of ben ik geïrriteerd door iets anders? Waar komt dit door? Kan ik er iets aan doen? Ik was de hele tijd aan het kijken wat ik deed, hoe dat landde bij mij en wat hielp. Waarom dingen soms wel lukken en soms niet, heeft mij altijd geïnteresseerd. Ik ben om die reden ook psychologie gaan studeren.’

‘Als je de energiekosten vooraf meeneemt, heb je meer mogelijkheden. Je kunt keuzes van tevoren maken vanuit een versie van jezelf die nog niet helemaal gesloopt is’
‘Je kan bepaalde keuzes maken in je agenda. Maar je kan het ook meer ad hoc bekijken: kan ik ergens een pauze nemen en wat ga ik dan doen?’
Foto: Lisa Boshuizen
‘Je kan bepaalde keuzes maken in je agenda. Maar je kan het ook meer ad hoc bekijken: kan ik ergens een pauze nemen en wat ga ik dan doen?’

Wat zijn de consequenties van niet goed omgaan met energie?

‘In de praktijk, maar ook in onderzoek, zien we dat we nu pas nadenken over energie als het eigenlijk al op is. Er wordt soms pas over gesproken als iemand een burn-out heeft. We zijn gericht op herstellen achteraf. Maar als je het pas achteraf constateert, loop je achter de feiten aan en stapelt de belasting op.’


‘Achteraf word je vaak overvallen. Hoe moe je eigenlijk bent, kan best schrikken zijn. Dat je dan denkt: oh God, ik ben helemaal gesloopt maar ik moet nog zoveel doen. Als je van tevoren beter leert inschatten hoeveel energie jou iets kost, kan het je minder overvallen.’

 

Hoe zorg je er wél voor dat je energie meeneemt in de keuzes die je (vooraf) maakt?

‘Als je de energiekosten vooraf meeneemt, heb je meer mogelijkheden. Misschien kun je schuiven in je agenda of vijf minuten inplannen om even naar buiten te lopen. Op het moment dat je moet herstellen, ben je van jezelf aan het vragen om verstandige energiekeuzes te maken op een moment dat je daar geen energie voor hebt. De meeste mensen zijn daar gewoon niet zo goed in. Je kunt die keuzes van tevoren maken vanuit een versie van jezelf die nog niet helemaal gesloopt is.’


‘Je kan dus bepaalde keuzes maken in je agenda. Maar je kan het ook meer ad hoc bekijken: kan ik ergens een pauze nemen en wat ga ik dan doen? Helpt het om een rondje te lopen of moet ik juist even lekker lachen met een collega? Hoe meer grip je daarop krijgt, hoe beter je het vooraf ook kan meenemen. Er is geen universele hack, het gaat erom dat je jezelf beter leert begrijpen.’


Als je energie constant verschilt, hoe leer je het dan kennen en ook plannen?

‘Sommige mensen hebben een iets constanter niveau van hun energie. Die weten wel ongeveer hoeveel energie ze elke dag hebben. Op maandag kom je bijvoorbeeld tot leven terwijl je in het weekend helemaal gesloopt bent. Leef je op in de ochtend of avond? Daar kan je een patroon in hebben.’


‘Energieplannen is een brede term voor het meenemen van je energie in je keuzes en wat je doet. De een plant misschien heel letterlijk zijn energie in een agenda, voor de ander betekent het dat je je eigen energie beter leert kennen.’

‘Ik ben absoluut niet iemand die altijd de perfecte energiekeuzes maakt.’

Wat moeten we als maatschappij anders doen?

‘We moeten concreter over energie gaan praten. Dat moet normaler worden. Het gesprek erover kan op zijn minst al heel erg helpen, dat mensen zich wat meer gezien en gehoord voelen. Het hoeft niet alleen op individueel niveau te worden opgelost, we lopen hier allemaal tegenaan.’


‘Maar zelfs als we enigszins weten wat goed voor ons zou zijn qua energie, hebben we nog sociale normen om ons heen. We leven in een prestatiemaatschappij. Tijd is geld en dus zijn efficiëntie en productiviteit belangrijk. De prestatiestandaard mag er op zich wel zijn. Maar in de manier waarop we naar die prestaties toeleven, mag meer ruimte zijn voor hoe iedereen dat voor zichzelf doet. Daarin mag, niet alleen qua tijd maar ook qua energie, meer ruimte zijn voor individuele variatie in hoe je ergens komt.’


‘Mijn boek is niet bedoeld als het zoveelste zelfoptimalisatieboek of productiviteitshackboek. Het gaat er niet om dat we meer doen, maar ook niet om dat we minder doen. Het gaat erom dat we onze energie meer in acht nemen. Als jij daardoor productiever wil zijn, mag dat, maar het zou niet per se uit moeten maken. Niet alles is maakbaar. En ik ben ook absoluut niet iemand die altijd de perfecte energiekeuzes maakt en altijd fit is.’

 

Emma Op den Kamp, Grip op je energie (Amsterdam, 2026). Prijs: € 23,99.

website loading