Lege collegezalen, een uitgestorven campus en werkgroepen via Zoom; deze week wordt tijdens de parlementaire enquête naar de coronapandemie het besluit van de overheid om het onderwijs te sluiten geëvalueerd. Verschillende UvA’ers blikken terug op die periode. ‘Ik heb gemerkt hoe belangrijk een sociaal vangnet is.’
Deze week staat de parlementaire enquête naar de aanpak van de coronapandemie in het teken van het sluiten van het onderwijs. Met onder meer oud-minister van OCW Ingrid van Engelshoven en Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer worden de keuzes die toen gemaakt zijn nog eens onder de loep genomen.
Ook op de UvA deed het besluit om de universiteit dicht te gooien in 2020 het nodige stof opwaaien, zo staat docent Nederlandse geschiedenis Arjan Nobel nog helder voor de geest. ‘Ik kan me die eerste dagen heel goed herinneren. Op een donderdag gingen er al geruchten rond over covid, en nog geen 24 uur later werden ineens alle colleges gecanceld. In een paar dagen tijd moesten we alles omschakelen naar Zoom of Teams, dat kwam als een enorme verrassing.’
Contact met studenten
Tot die tijd hadden Nobel en zijn collega’s nog nooit met zulke programma’s gewerkt. ‘Dat leidde tot hilarische situaties, want er waren wel een paar collega’s die moeite hadden met al die apps die ze plots moesten downloaden.’ Toch is het geen periode waar hij met genoegen op terugkijkt, vervolgt de docent. ‘Vooral wat het onderwijs betreft, was het echt enorm ingewikkeld. Het mooiste aan college geven is de interactie met studenten. Dat je door zo’n zaal loopt, in discussie gaat, vragen stelt en beantwoordt. Dat komt via Zoom gewoon veel minder tot stand, dat sloeg dood. We hebben er met z’n allen heel veel aan gedaan om te proberen het een beetje leuk te maken, maar je miste het contact met studenten gewoon.’
Voor Annabel Couzijn betekende de lockdown dat ze het tijdens de eerste fase van haar studie vrijwel zonder contact met medestudenten moest zien te rooien. De vierentwintigjarige student psychobiologie begon in september van 2020 aan haar bachelor – midden in de lockdown dus – en had zich het begin van haar studententijd wel anders voorgesteld. ‘Ik meldde me aan in januari, vlak voordat de pandemie begon. Toen had ik natuurlijk nog het idee dat het allemaal heel anders zou lopen. Ik heb er uiteindelijk toch maar voor gekozen om wel gewoon aan m’n studie te beginnen, een jaar thuis zitten met een tussenjaar leek me ook niet echt aantrekkelijk.’
‘Heel soms hadden we een werkgroep, maar verder ging alles online,’ herinnert ze zich. ‘Het was jammer dat ik op dat moment nog helemaal niet wist hoe “normaal” studeren eruitzag. Sociale contacten maken was ook moeilijker vanachter een scherm, maar gelukkig zaten we wel allemaal in hetzelfde schuitje.’ Voor dat sociale contact deed ze nog wel een poging, door op de eerste dag van haar bachelor een picknick voor studiegenoten te organiseren, ‘maar de mensen die ik daar ontmoette heb ik vervolgens een jaar niet meer gezien. Gelukkig zijn we later, toen we weer samen in een vak terecht kwamen, alsnog heel goed bevriend geraakt.’
Sociaal vangnet
Ook voor Siyu Gu (32) pakte de timing van haar komst naar de UvA bijzonder ongelukkig uit. In januari van 2020 verhuisde de Chinese onderzoekster naar Amsterdam, om hier aan haar promotieonderzoek te beginnen; twee maanden later werd de universiteit gesloten. ‘Als nieuwkomer was het lastig voor mij. Ik kende m’n collega’s en de professoren die op de universiteit rondliepen nog helemaal niet, omdat ik twee jaar lang alleen maar vanuit huis onderzoek heb kunnen doen. Meetings gingen allemaal online en ook het kerstdiner deden we via Zoom. Dat was een hele vreemde ervaring.’
Het was volgens Gu voor meer internationale PhD’ers en studenten een probleem dat ze tijdens de lockdown geen netwerk in Nederland hadden om op terug te vallen. ‘Ik was echt wanhopig om weer nieuwe mensen te ontmoeten, ook al ben ik van nature best introvert. Hoe belangrijk zo’n sociaal vangnet is, heb ik in die tijd wel gemerkt. Het is gewoon heel gek dat je de collega’s waar je jaren mee samenwerkt nooit echt goed leert kennen.’
Voordelen
Toch zaten er volgens Annabel Couzijn ook voordelen aan het thuis studeren: ‘We kregen telkens openboektentamens, waardoor ik minder stof uit m’n hoofd hoefde te leren. In het eerste jaar van m’n bachelor was dat wel een voordeel. Tegelijkertijd zorgde dat er ook voor dat ik in het tweede jaar, toen we wel weer fysiek les kregen, ineens op een heel andere manier moest gaan leren. Daar heb ik toen keihard voor moeten werken.’
Of er tijdens de pandemie met de kennis van nu de juiste keuzes gemaakt zijn, durft Ajran Nobel niet met stelligheid te beoordelen. ‘Achteraf is dat natuurlijk makkelijk praten. We wisten op dat moment echt nog maar heel weinig, die onzekerheid is me goed bijgebleven. Maar met de kennis van nu hadden er misschien dingen anders kunnen worden aangepakt, zeker als het gaat over onderwijs. Het is dan ook goed dat de overheid aan de hand van de parlementaire enquête nog eens kijkt of er wel goed aan is gedaan om de scholen zo snel te sluiten.’