Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
Vuurwerk
Foto: Unsplash
actueel

Hoe vuurwerk in Nederland tot een ware volkstraditie uitgroeide

Tijmen Hoes Tijmen Hoes,
29 december 2025 - 08:00

We lijken af te stevenen op de laatste jaarwisseling voordat het algeheel vuurwerkverbod ingaat. Hoewel de laatste vuurpijl – legaal of niet – daarmee voorlopig echt nog niet is afgestoken, komt er met dit verbod toch een eind aan een oer-Hollandse traditie. Maar hoe kwam die eigenlijk tot stand? UvA-historici zetten de Nederlandse vuurwerktraditie uiteen.

Hartje winter. De dagen zijn kort, de nachten zijn guur en de zon laat zich maar zelden zien. Best logisch eigenlijk, dat juist in deze duistere tijd van het jaar al eeuwenlang behoefte is aan rituelen waarbij het zo vertrouwde, verwarmende en beschermende vuur centraal staat. Volgens hoogleraar Peter Jan Margry, gespecialiseerd in Europese culturele antropologie, was het al in de vierde eeuw na Christus dat er tijdens de midwinterviering grote vuren werden gestookt. ‘Op 21 december staat de onoverwinnelijke zon op het laagste punt, om dat moment meer kracht bij te zetten ontstonden er al vroeg verschillende rituelen,’ vertelt hij.

Peter Jan Margry
Foto: Monique Kooijmans
Peter Jan Margry

Door middel van een hoop lawaai, klokgebeier en grote vuren zouden kwade geesten op afstand moeten worden gehouden, om op die manier een voorspoedig nieuw jaar in te luiden. ‘Dat soort Germaanse, heidense praktijken zien we al in de vroegste middeleeuwen,’ aldus Margry.

 

Edelen en landheren

Hoewel we op dat moment nog lang niet van echt vuurwerk kunnen spreken, komt daar in de tweede helft van de middeleeuwen verandering in. ‘Het buskruit uit China bereikte Europa, en langzaam maar zeker ontwikkelde zich in de vijftiende eeuw een voorloper van het recreatieve vuurwerk,’ zegt de hoogleraar. ‘Het is op dat moment nog wel echt een elite-aangelegenheid. Vuurwerk werd veel gebruikt bij festiviteiten rond edelen en landheren, of bij trouwerijen.’

 

In de eeuwen daarna komt vuurwerk steeds vaker voor, zo vertelt docent Nederlandse geschiedenis Arjan Nobel. ‘Zeker in de zeventiende eeuw wordt er in Nederland met grote regelmaat vuurwerk afgestoken bij grote feesten. Daar zijn ook prachtige afbeeldingen van gemaakt. Zo werd er vuurwerk afgestoken op de Dam in Amsterdam, toen in 1648 het einde van de Tachtigjarige Oorlog werd gevierd, of in 1697, toen er een groot gezantschap arriveerde.’

Arjan Nobel
Foto: Bastiaan Heus
Arjan Nobel

Vuurwerkers

De klus werd in die periode geklaard door gespecialiseerde mannen, vaak militairen, die vuurwerkers werden genoemd, zegt Nobel. ‘Die vuurwerkers – of pyrotechnici, zoals we nu zouden zeggen – maakten het vuurwerk en staken het af. Er werden toen zelfs boeken geschreven die zij als handleiding gebruikten, waarin werd omschreven hoe je verschillende soorten vuurwerk kon maken. Zo kwam in 1678 de Nederlandse vertaling van een boek op de markt, waarin onder meer stond uitgelegd hoe je een dolfijn of bruinvis maakte, waarbij er vuurstralen uit z’n bek schoten.’

 

Zo’n professionele aanpak was gebruikelijk, maar toch werd er, ook toen al, zo nu en dan ook particulier vuurwerk afgestoken. ‘Dat weten we omdat dorpen en steden regelmatig wetten uitvaardigden waarin het bijvoorbeeld werd verboden om voetzoekers af te steken,’ aldus Nobel. ‘Stadsbesturen waren vooral bang voor het brandgevaar dat kwam kijken bij particulier vuurwerk. Het was allemaal natuurlijk een stuk minder massaal dan vandaag de dag, en alleen weggelegd voor de elite, maar het gebeurde wel.’

‘Die rituele overgang van oud en nieuw is een soort niemandsland, een vacuüm waarin de maatschappij op pauze staat’

Oud en nieuw

Het is in de eeuwen die volgden dat het afsteken van vuurwerk steeds nadrukkelijker onderdeel van de oud en nieuwviering wordt. ‘In de tweede helft van de negentiende eeuw maakten Nederlanders in Nederlands-Indië massaal kennis met Chinees vuurwerk. In kranten uit die tijd lees je dat daar tijdens de jaarwisseling enorm veel vuurpijlen werden afgestoken. Die kennismaking lijkt ook de populariteit van consumentenvuurwerk hier te hebben beïnvloed,’ legt Nobel uit.

Tijdens de verovering van Namen werd vuurwerk afgestoken.
Foto: Cornelis Dusart, Rijksmuseum (1695)
Tijdens de verovering van Namen werd ook vuurwerk afgestoken.

Zo wordt vuurwerk aan het begin van de twintigste eeuw steeds gewilder, maar de echte doorbraak vindt plaats na de Tweede Wereldoorlog. De welvaart neemt sterk toe en halverwege de jaren ’50 schrijven kranten jaar in jaar uit over het vele vuurwerk dat met de jaarwisseling wordt afgestoken, inclusief overlast, gewonden en doden. ‘Vuurwerk wordt in die decennia steeds bekender, en ontwikkelt zich tot een nationaal fenomeen waaraan vrijwel iedereen participeert,’ aldus Peter Jan Margry.

 

Collectief geheugen

‘En daarin zit nu ook precies de moeilijkheid. We zijn vuurwerk zo sterk met oud en nieuw gaan associëren dat je er niet zomaar weer vanaf komt,’ vervolgt de hoogleraar Europese etnologie. ‘Vanuit de media is er, vooral de afgelopen decennia, een sterke behoefte ontstaan om precies vast te stellen welke tradities er in de samenleving bestaan. Ook zoiets als het immaterieel cultureel erfgoed van Unesco draagt bij aan de herbevestiging van dat idee. Daarmee heeft de vuurwerktraditie een heel eigen dynamiek gekregen die zich op metaniveau afspeelt. De happigheid om het als een belangrijke traditie te benadrukken heeft tot gevolg gehad dat mensen zich er steeds meer aan zijn gaan hechten.’

 

Zo is de hele vuurwerkkwestie ons als volk de afgelopen jaren bijzonder hoog komen te zitten. Vraag is dan ook: zal het gebruik ooit echt verdwijnen? ‘We hebben te maken met overlast en slachtoffers. Vuurwerk wordt steeds krachtiger en is makkelijk grootschalig in te kopen. Daarom hebben we nu besloten dat het zo niet langer kan,’ zegt Margry. ‘Tegelijkertijd bestaat het gebruik al ontzettend lang. Die rituele overgang van oud en nieuw is een soort niemandsland, een vacuüm waarin de maatschappij op pauze staat. Dat zit nu eenmaal in het collectieve geheugen, en dat krijg je er niet zomaar uit.’

website loading