Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
Foto: Chris Leboutillier (Unsplash)
actueel

Studentenraad wil strengere voorwaarden voor UvA-samenwerking met fossiele industrie

Sija van den Beukel,
3 oktober 2023 - 15:36

Hoe is het besluit van de UvA over samenwerkingen met de fossiele industrie gevallen onder studenten en onderzoekers? De Centrale Studenten Raad (CSR) is nog niet tevreden, blijkt uit een ongevraagd advies aan het CvB. ‘Onder de huidige voorwaarden is greenwashing namelijk nog steeds mogelijk.’

Na een jaar UvA-brede dialogen over samenwerkingen tussen de UvA en de fossiele industrie, kwam het College van Bestuur (CvB) deze zomer met een besluit. Alleen onder strenge voorwaarden werkt UvA nog met fossiele industrie samen. Met lopende projecten gaat de UvA nog wel door.

Voorwaarden voor UvA-samenwerkingen met derden
  • Het project moet expliciet als doel moest hebben bij te dragen aan het behalen van het Parijs-akkoord.
  • Het project kan daarnaast niet op een andere manier of met andere, niet-fossiele partners worden gerealiseerd.
  • En een multidisciplinaire en breed samengestelde adviescommissie gaat in voorkomende gevallen adviseren of de beoogde bijdrage aan de klimaatdoelstellingen deze samenwerking rechtvaardigt.

‘Wat mij betreft is het een werkbaar compromis,’ zegt hoogleraar Joost Reek, die voor de productie van waterstof en de omzetting van CO₂ samenwerkt met Shell. ‘Er zijn nog mogelijkheden om inhoudelijk met bedrijven samen te werken en er wordt een serieuze analyse gemaakt of het project een bijdrage levert aan een duurzame toekomst. Dus in die zin is het geen slecht compromis.’

 

Volgens politicoloog Enzo Rossi, die eerder een opiniestuk over de kwestie schreef in Folia, zal er in de praktijk weinig veranderen. ‘Onder deze voorwaarden kun je als universiteit nog steeds samenwerken aan groene energie met bedrijven uit de fossiele sector. Dan legitimeer je nog steeds het bestaan van het bedrijf dat voor het overgrote deel aan fossiele uitstoot bijdraagt.’

 

Ook Disa Sauter, UvA-psycholoog en lid van Scientists for Future is teleurgesteld door het besluit. ‘De UvA doet veel op het gebied van duurzaamheid: gebouwen isoleren, onderzoeksprojecten financieren en duurzaamheid verwerken in het onderwijs. Dus dit kwam wel als een verassing. Er is namelijk al een precedent voor een principiëlere aanpak zoals bij de VU.’

CSR-voorzitter Noah Pellikaan

Ook de Centrale Studentenraad (CSR) – die samen met actiegroepen Amsterdam Autonomous Coalition en de Activisten Partij het debat aan de UvA in gang zette – is niet tevreden. ‘De UvA presenteerde het besluit als een “Nee, tenzij” besluit. Terwijl het in feite een “Ja, mits” besluit is’, zegt CSR-voorzitter Noah Pellikaan.

 

Het is inmiddels duidelijk dat de UvA niet bereid is de banden met de fossiele industrie volledig te verbreken. Wel gaat de UvA in het vervolg greenwashing ‘waar mogelijk’ voorkomen. Het advies – dat de CSR afgelopen week stuurde aan het CvB – probeert die definitie aan te scherpen om zoveel mogelijk greenwashing te voorkomen. Een bedrijf doet aan greenwashing wanneer het zich duurzamer of maatschappelijk verantwoorder voordoet dan een bedrijf daadwerkelijk is.

 

Scherpere samenwerkingsvoorwaarden

In de elf-pagina lange brief, ook ondertekend door studentenbond ASVA, pleit de CSR onder andere voor een bindende adviesbevoegdheid van de adviescommissie samenwerking met derden, deelname van medezeggenschapsraden aan die adviescommissie en scherpere samenwerkingsvoorwaarden.

 

Ook de UvA buigt zich in deze periode over het beleidskader samenwerkingen met derden: de precieze uitwerking van de nieuwe voorwaarden die de UvA deze zomer presenteerde (zie kader bovenin). Het advies van de CSR wordt daarin meegenomen, aldus een persvoorlichter van de UvA. In november zal het nieuwe beleidskader verschijnen op denkmee.uva.nl waar ruimte is voor commentaar.

‘Een bindende adviescommissie zou de academische vrijheid van onderzoekers beperken’

Bindende adviescommissie

Een bindende adviescommissie lijkt niet tot de mogelijkheden te behoren. ‘Een bindende commissie zou de academische vrijheid van onderzoekers beperken,’ citeert een persvoorlichter van de UvA uit het rapport van commissie Stolker. Wetenschappers zouden zelf hun niet-academische partners moeten kunnen kiezen. Dit vloeit namelijk voort uit de ‘derde taak’ van de universiteit: het delen en ontwikkelen van wetenschappelijke kennis in nauwe samenwerking met de samenleving. Ook brengt een bindende adviescommissie de wettelijke verantwoordelijkheid van de decaan voor wetenschapsbeoefening in het geding, schrijft de persvoorlichter.

 

Bij navraag blijkt de CSR niet op een bindende adviescommissie te doelen, maar op een bindende adviesbevoegdheid, een juridische nuance. Het doel van de CSR is niet dat de adviescommissie kan verhinderen dat wetenschappers met bepaalde bedrijven in zee gaan, maar om een schiftelijke verantwoording af te dwingen voor het niet opvolgen van een negatief advies. ‘Dit draagt bij aan de verantwoording van de commissie,’ aldus CSR-lid en briefschrijver Stefana Fecuic.

 

CSR-deelname aan adviescommissie

Daarnaast wil de CSR dat medezeggenschapsraden zoals de CSR, de Centrale Ondernemingsraad (COR) en de Centrale Promovendiraad (CPC) kunnen toetreden tot de adviescommissie over samenwerking met derden. Vanuit elke faculteit zit er één wetenschapper in die commissie, op voordracht van de decaan, met ervaring met ethische vraagstukken rond onderzoek en samenwerking met derden.

 

Volgens de persvoorlichter van de UvA is deelname van de CSR aan de adviescommissie niet nodig, omdat de medezeggenschapsraden al kunnen adviseren over richtlijnen en beleid. Dat kan vanuit hun deelname aan de Algemene Instellingsgebonden Ethische Commissie (AIEC) die het bestuur adviseert over richtlijnen met betrekking tot ethische aspecten verbonden aan de werkzaamheden van de instelling. De afweging per onderzoeksproject ligt vervolgens bij een commissie met experts.

Foto: UvA
Disa Sauter

In de brief schrijft de CSR dat de AIEC minder functioneert sinds de komst van de adviescommissie samenwerkingen met derden in 2021. Ook eerder werkte de ethische commissie al niet naar behoren.

 

Volgens Sauter zou het belangrijk zijn als de adviescommissie daadwerkelijk een diverse samenstelling zou krijgen. ‘We weten dat de faculteit over het algemeen niet erg divers is. Het lijk me belangrijk om een diverse representatie in de adviescommissie te hebben met leden die niet profiteren van fossiele subsidies.’

 

Gelopen race

Tegelijkertijd lijkt de race al gelopen en treedt er ook een vermoeidheid op wanneer het onderwerp ‘samenwerkingen met derden’ wordt aangesneden. Politicoloog Rossi: ‘De UvA-brede dialogen zijn er het afgelopen jaar extreem goed in geslaagd om de protesten te neutraliseren. Door het zo lang te rekken verliezen mensen hun interesse, studenten studeren af. Het CvB luistert wel, maar of ze er ook wat mee doen vraag ik me af.’

 

Hoogleraar Reek wil via een andere weg naar een groenere toekomst werken. ‘Ik blijf erbij dat het klimaatverandering te eenzijdig bij de bedrijven wordt neergelegd. We willen af van de fossiele subsidies, maar zeggen nee tegen de accijns voor fossiele brandstof die we zelf gebruiken.’

 

De snelste weg naar een groene toekomst is volgens Reek een inhoudelijke samenwerking tussen bedrijven, de overheid en de maatschappij, geïnitieerd door de academische gemeenschap. ‘Alleen als we deze partijen laten samenwerken gaat het snel, als we ze ieder hun eigen weg laten gaan dan gaan bedrijven voor het geld, de politiek voor de stemmers, en de maatschappij voor goedkoop fossiel gebruik.’

 

Ook Sauter voelt zich ongemakkelijk bij de discussie die wetenschappers zo tegenover elkaar zet. ‘Ik begrijp dat we onderzoeksubsidies niet zomaar kunnen stopzetten, zonder een goede vervanging. Maar deze beslissing voelt onbevredigend. Onze input is gevraag, en op basis daarvan is een beslissing gemaakt. Of de beslissing de meerderheid van de medewerkers en studenten van de UvA representeert, die vraag blijft nog open.’