De afgelopen verkiezingen stonden de lijsttrekkers van politieke partijen weer flink in de schijnwerpers. Veel onderzoek naar de politiek richt zich ook op politici en op theorieën over wie zij vertegenwoordigen. Promovendus Judith de Jong deed als een van de eersten onderzoek naar hoe burgers vertegenwoordiging ervaren.
Judith, voor je onderzoek sprak je met 143 burgers met een migratieachtergrond in Nederland, Frankrijk en Duitsland. Hoe voelen zij zich vertegenwoordigt door de politiek?
‘Veel mensen ervaren gevoelens van frustratie en teleurstelling omdat ze zich niet vertegenwoordigd voelen door de politiek. Belangrijke issues, zoals racisme en discriminatie, komen volgens hen onvoldoende aan bod. Burgers met een migratieachtergrond vinden de politiek te weinig divers. Tegelijkertijd voelen ze zich heel zichtbaar gemaakt, door de negatieve manier waarop er over burgers met een migratieachtergrond gesproken wordt in de politiek.’
Wat houdt een migratieachtergrond eigenlijk precies in?
‘Volgens de officiële definitie van het CBS wil dat zeggen dat jijzelf of ten minste één van je ouders in een ander land geboren is. In de praktijk wordt het vaak gebruikt voor mensen met een niet-westerse migratieachtergrond, dus in dat opzicht is het een gepolitiseerde term. Onder dit label valt een diverse groep mensen met verschillende ervaringen en meningen over politiek.’
Uit recent UvA-onderzoek blijkt dat Nederland met 18 procent politici met een migratieachtergrond in de Tweede Kamer relatief hoog scoort ten opzichte van andere Europese landen. (Een kwart van de Nederlanders heeft een migratieachtergrond.) Voelen Nederlanders zich beter vertegenwoordigd in de politiek dan Fransen of Duitsers?
‘Veel Nederlanders waarderen dat het relatief eenvoudig is om een zetel in het parlement te behalen. Daardoor krijgen kleinere partijen, zoals DENK en BIJ1, de kans om een alternatief geluid te laten horen. In landen als Duitsland en Frankrijk is dat moeilijker vanwege hun meer restrictieve kiesstelsels.’
‘Toch zegt het percentage politici met een migratieachtergrond in de Tweede Kamer niet alles. In mijn proefschrift heb ik gekeken naar hoe het “label” migratieachtergrond zich verhoudt tot hoe mensen zich identificeren met politici. En dan zie je dat er meer meespeelt dan een gedeelde migratiegeschiedenis. Mensen kijken ook naar andere gedeelde ervaringen. Komen politici uit dezelfde wijk? Of hebben ze dezelfde etnische of religieuze achtergrond? Of dezelfde ervaring als vrouw met hoofddoek? Vooral klasse en ervaringen met racisme bleken doorslaggevend in identificatie met politici. En identificatie bleek uiteindelijk doorslaggevender voor burgers hoe ze hun vertegenwoordiging zouden willen zien dan alleen die gedeelde migratiegeschiedenis.’
‘Veel burgers dachten wel dat politici waarmee ze zich identificeren hen beter begrijpen. Door ervaringskennis kunnen ze zich inleven in hun alledaagse zorgen en politieke belangen. Ook zijn deze politici rolmodellen die negatieve stereotypering kunnen tegengaan – oud-burgemeester Ahmed Aboutaleb is van Marokkaanse afkomst en een hele competente burgemeester.’
‘Tegelijkertijd denken burgers dat deze politici vaak veel druk ervaren om zich aan te passen en niet altijd de issues aan kunnen kaarten die ze zouden willen.’
Heb je een voorbeeld?
‘Een voorbeeld is Tweede Kamerlid Kauthar Bouchallikht, die zich terugtrok van de lijst GroenLinks-PvdA, omdat ze zich met haar standpunt over Israël onvoldoende gehoord voelde binnen de partij. Dat is een somber verhaal over diversiteit.’
Waarom kunnen politici met een migratieachtergrond zich niet altijd uitspreken?
‘Naast wat ik vertelde over de politieke partij krijgen ze te maken met veel negatieve reacties. In de politiek wordt er voortdurend negatief gesproken over moslims, minderheden of migranten. Politici met een migratieachtergrond moeten zichzelf vaak eerst verdedigen en komen dan pas bij de inhoud. Op die manier wordt de politiek voor jongeren met een migratieachtergrond minder aantrekkelijk – en wordt deze groep op lange termijn minder zichtbaar.’
Kunnen burgers met een migratieachtergrond zich ook vertegenwoordigd voelen door politici zonder migratieachtergrond?
‘Ja dat kan soms, via een concept dat ik politieke verbeelding noem, gestoeld op theorie van Hannah Arendt. Wanneer politici meer alledaagse contacten onderhouden met meerdere groepen burgers in de samenleving, kunnen ze zich beter inleven en voorstellen hoe beleid hen raakt. En dat leidt tot beter beleid, bijvoorbeeld voor wonen. Neem het toeslagenschandaal, als politici meer in contact waren geweest met mensen die toeslagen ontvingen dan waren de problemen mogelijk geanticipeerd, eerder ontdekt of gehoord.’
Wat hoop je dat je onderzoek oplevert?
‘Dat politici in dominante posities zich harder gaan uitspreken tegen uitsluiting om zo meer ruimte te geven aan ervaringen van burgers met een migratieachtergrond. En dat er binnen gevestigde partijen meer ruimte komt voor gesprekken over racisme. Ook als diversiteit in de politiek toeneemt, moeten mensen wel de ruimte krijgen om zichzelf uit te spreken.’
Judith de Jong promoveert op 12 november om 13.00 uur op het proefschrift ‘Minoritized citizens’ perspectives on political representation. De verdedeging vindt plaats in de Agnietenkapel.