Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
Foto: Marc Kolle
wetenschap

Komt wetenschapscommunicatie straks ook op het beoordelingsgesprek?

Sija van den Beukel,
29 november 2023 - 09:33

Blijft wetenschapscommunicatie een hobby die wetenschappers grotendeels in hun vrije tijd bedrijven? Of wordt het een onderdeel van de werving, selectie en beoordelingssystemen aan de universiteit? En is er straks nog ruimte voor de zonderling, het archetype wetenschapper op een zolderkamer? 

Toen UvA-natuurkundige Ivo van Vulpen deeltijdhoogleraar wetenschapscommunicatie werd in Leiden waren er collega’s die hem waarschuwden: ‘Ivo, wat ga je doen? Blijf gewoon lekker deeltjes zoeken.’ Scepsis onder wetenschappers over wetenschapspopularisatie komt zeker in de wat hardere bèta-kringen nog altijd voor. En dat is ook niet vreemd, aangezien wetenschappers nog steevast worden beloond voor de wetenschappelijke resultaten die worden geboekt.

 

Maar dat begint langzaam te kenteren. Van Vulpen. ‘Ik proef dat steeds meer mensen wetenschapscommunicatie belangrijk vinden. Maar om die slag te kunnen maken is een cultuurverandering nodig. Tot nu toe waren er niet heel veel knoppen bij de universiteit om aan te draaien om de mensen die al bezig zijn met wetenschapscommunicatie een duwtje in de rug te geven, maar dat begint echt te veranderen.’

Foto: Bob Bronshoff
Ivo van Vulpen

Dit slotstuk van een drieluik over wetenschapscommunicatie vertelt hoe impact maken onderdeel moet gaan worden van de loopbaan van een onderzoeker. Dit kan zijn door bijvoorbeeld meer te twitteren over onderzoek, maar ook door workshops te geven of aan wetenschap in samenwerking mét burgers te doen (citizen science). De ivoren toren uit, en de wetenschappelijke resultaten delen met de samenleving, dat is de gedachte. Een ontwikkeling die door sommigen met veel ongeduld wordt gadegeslagen en door anderen met koudwatervrees.

 

Schaap met vijf poten

Van Vulpen weet uit ervaring dat niet iedereen vóór meer wetenschapscommunicatie is. ‘Een van de argumenten is dat onderzoek aan internationale slagkracht verliest. Zelf denk ik dat er sprake is van angst dat wetenschappers gevraagd worden om dingen te doen waar ze niet goed in zijn. Is er nog wel ruimte voor de zonderling, het archetype wetenschapper op een zolderkamer, of moeten we allemaal schapen met vijf poten zijn?’

 

Volgens Van Vulpen is het belangrijk dat de universiteit meer mensen met een verschillend profiel aanneemt en dus niet alleen op onderzoek selecteert. ‘Dus wel twee schapen met vier poten maar elk met andere poten. Niet iedereen hoeft aan wetenschapscommunicatie te doen, maar mensen die het wel doen moeten niet worden benadeeld.’

 

Vervolgens moet wetenschapscommunicatie ook aan bod komen op het jaarlijkse beoordelingsgesprek. Ook zou een onderzoeker met een goed voorstel voor wetenschapscommunicatie bijvoorbeeld een half jaar de tijd en het geld moeten krijgen om dat idee echt uit te werken, suggereert Van Vulpen.

‘Is er nog wel ruimte voor de zonderling, het archetype wetenschapper op een zolderkamer?’
Foto: Sander Nieuwenhuys
Eddie Brummelman

Bloempjes tussen de straatstenen

Dat gebeurt nu nog te weinig, zegt ook UvA-pedagoog Eddie Brummelman, tevens bestuurslid wetenschap & maatschappij bij De Jonge Akademie (DJA). ‘Nu zijn er wel prijzen en beurzen die je kan aanvragen voor wetenschapscommunicatie, maar die zijn nog behoorlijk klein. Het zijn bloempjes die tussen de straatstenen opkomen, maar het is nog niet structureel.’

 

Brummelman vervolgt: ‘Tot nu toe wordt wetenschapscommunicatie vooral nog gezien als een hobby, vaak genoemd met het woord “enthousiasme”. Ik zie wel een verandering in mentaliteit, maar nog niet in de onderliggende systemen. Mijn visie is dat als we hier geen tijd en geld voor krijgen je ook niet van medewerkers kunt verwachten dat ze zich hiervoor inzetten.’

 

Jaargesprek

Een van de aanbevelingen van het onderzoeksrapport van de KNAW, Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappendat hier onderzoek naar deed is dan ook om wetenschapscommunicatie een volwaardige plaats te geven bij het opstellen van loopbaanprofielen naast onderzoek, onderwijs en academisch leiderschap (en patiëntenzorg in het geval van de UMC’s). Ook het landelijke programma Erkennen en Waarderen wil dat wetenschappers niet langer alleen op onderzoek worden beoordeeld en beloond, maar op een breed scala aan talenten waaronder ook wetenschapscommunicatie.

Hoe vergelijk je een succesvol Twitteraccount met een spraakmakende workshop?

Hoe dat geïmplementeerd wordt verschilt per universiteit. Sommigen, zoals de Universiteit Maastricht en het UMC in Utrecht kiezen voor nieuwe loopbaanprofielen waarin bijvoorbeeld 20 procent van de tijd is gereserveerd voor wetenschapscommunicatie. Ook bij de VU is een zogenoemd ‘impactprofiel’ al op centraal niveau vastgesteld en is het nu aan de faculteiten zelf besluiten om daar invulling aan te geven.

 

De UvA kiest voor loopbaanpaden waarin onderzoekers zelf en in teamverband de accenten kunnen leggen op onderzoek, onderwijs, impact, leiderschap of samenwerking. De afgelopen periode besprak de werkgroep Erkennen en Waarderen in interviews en cocreatiesessies de ervaringen, toekomstbeelden en dilemma’s met medewerkers. In 2024 zullen experimenten worden uitgevoerd om de differentie in loopbanen ook in de praktijk te brengen. Veel wil de werkgroep Erkennen en Waarderen aan de UvA daar nog niet over kwijt, omdat het exacte beleid nog niet geformuleerd is.

 

Tegelijkertijd brengt de beoordeling van wetenschapscommunicatie weer nieuwe dilemma’s met zich mee. Hoe vergelijk je een succesvol Twitteraccount met een spraakmakende workshop? Brummelman: ‘Dat is ontzettend lastig omdat de vormen zo divers zijn. Ook wordt impact soms pas achteraf duidelijk wanneer een maatschappelijk probleem zich voordoet waarvoor het onderzoek relevant is. Daar is meer onderzoek voor nodig om tot een evidence-based beoordelingssysteem te komen waarin we niet alles langs dezelfde meetlat willen leggen.’

Foto: Rathenau Instituut
Frank Kupper

Wetenschap op het toneel

Dilemma’s waar wetenschappers mee worstelen komt ook terug in de interactieve theatervoorstelling ‘Wetenschapscommunicatie: Gewaardeerd!’ geschreven door VU-wetenschapper en theatermaker Frank Kupper. In de voorstelling spelen acteurs herkenbare situaties van wetenschapscommunicatie in de praktijk uit om tot concrete actiepunten te komen. Het publiek kan daarna reageren op de scènes door zorgen te delen of suggesties te doen, waarna de scène opnieuw wordt gespeeld. De voorstelling reist langs tien universiteiten en speelt waarschijnlijk volgend jaar ook op de UvA.

 

‘Reacties die onderzoekers vaak krijgen is: leuk dat je die podcast maakt maar zorg dat het niet ten koste gaat van je publicatie,’ vertelt Kupper. ‘De impliciete norm is nog steeds dat impact maken ná het onderzoek komt. Juist de focus op academische excellentie maakt het heel ingewikkeld om betekenisvolle interacties met de maatschappij aan te gaan.’

 

Uit de première van de voorstelling in Leiden maakte Kupper op dat veel mensen wel meer ruimte willen voor wetenschapscommunicatie maar nog vastzitten in de oude structuur. ‘Het is een dilemma van structuur en cultuur. Een van de actiepunten die voortkomt uit de voorstelling is dat onderzoekers toch het gesprek aangaan met hun onderzoeksleider om meer aandacht te vragen voor wetenschapscommunicatie op de afdeling.’

 

Dit is het laatste deel van een drieluik over wetenschapscommunicatie.