De UvA heeft haar strategie en visie voor de komende jaren vastgelegd in een nieuw Instellingsplan 2027-2032, getiteld Samen komen we verder. De universiteit wil nadrukkelijker de verbinding zoeken met de buitenwereld én binnen de eigen gemeenschap.
‘Een universiteit die wat naar binnen gekeerd is.’ Volgens het nieuwe Instellingsplan, waarin de universiteit elke zes jaar haar visie en strategie vastlegt, is dat hoe externe partners de Amsterdamse universiteit typeren. Bij het verzamelen van input voor ‘de strategie’ – zoals het plan ook wel genoemd wordt – werd dit zelfs nog wat scherper geformuleerd: de universiteit zou ‘op zichzelf gericht’ en ‘moeilijk om mee samen te werken’ zijn.
In het instellingsplan – ook wel ‘de strategie’ – legt de universiteit eens in de zes jaar haar visie vast. Het document fungeert als basis voor de facultaire strategieën en UvA-brede initiatieven.
In de vorige UvA-strategie, die in 2020 geformuleerd werd en doorloopt tot het einde van dit kalenderjaar, werd met name veel aandacht besteed aan interdisciplinariteit en partnerschappen.
Het College van Bestuur (CvB) vond het daarom belangrijk om in de nieuwe UvA-strategie, die komend kalenderjaar ingaat, nadrukkelijk aandacht te besteden aan het karakter van de universiteit. De UvA moet de komende jaren ‘opener’ en ‘warmer’ worden.
‘Geweldige plek’
Een belangrijk element daarvan is dat de UvA ‘een geweldige plek om te werken en te studeren’ moet worden, zo valt te lezen in het plan. Vertrekkend rector magnificus Peter-Paul Verbeek zei tegenover de Centrale Studentenraad (CSR) dat de matige resultaten van de UvA bij de Nationale Studenten Enquête (NSE) laten zien dat dit momenteel nog ‘zeker niet’ het geval is. Het CvB maakt zich daarbij onder meer zorgen over de relatief hoge mate van internationale studenten die aangeven zich niet thuis te voelen op de universiteit.
Daarom wil de universiteit de komende jaren inzetten op een verbonden, veilige en inclusieve academische gemeenschap. De UvA streeft naar een cultuur waarin ‘sociale veiligheid, open gesprek en nieuwsgierigheid vanzelfsprekend zijn’. De campussen en werkplekken, die de komende jaren verschillende veranderingen zullen ondergaan, moeten ‘toegankelijke en levendige omgevingen’ zijn ‘waar studenten en medewerkers graag komen’.
Ondanks aanhoudende druk vanuit de nationale politiek om het aantal internationale studenten beperkt te houden, zegt de UvA in de komende jaren bovendien haar ‘internationale karakter’ te willen koesteren: ‘In ons onderwijs scheppen we de randvoorwaarden om een internationale universiteit te zijn. Zo verbinden we perspectieven en versterken we de kwaliteit en relevantie van ons onderwijs en onderzoek.’
Samenwerken
Om de samenwerking met de buitenwereld te verbeteren, wil de UvA de komende jaren inzetten op zogeheten ‘kenniscoalities’ waarin de universiteit samenwerkt met overheden, het bedrijfsleven, maatschappelijke en culturele instanties, en andere onderwijsinstellingen. Via platforms zoals Citizen Science moet bovendien ook ‘de samenleving’ actief betrokken worden bij het werk van de universiteit.
Verder stelt de universiteit zichzelf tot doel om ‘met topwetenschap’ maatschappelijke impact te maken en ‘al het talent’ te waarderen en te ontwikkelen. De UvA wil ‘betrokken’, ‘nieuwsgierig’ en ‘eigenzinnig’ zijn: ‘gedreven door vakmanschap en een vleugje Amsterdamse branie’.
De nieuwe meerjarenstrategie wordt op 31 augustus officieel gepresenteerd.