In Turkije wordt nu al dagen massaal gedemonstreerd tegen de arrestatie van Ekrem Imamoglu, de burgemeester van Istanbul. De politicus wordt gezien als de belangrijkste uitdager van president Erdogan en wordt verdacht van onder meer fraude en corruptie. Volgens critici gaat het hier echter om een politiek gemotiveerde vervolging. Deze Turkse UvA-studenten vrezen voor de democratie in hun vaderland.
‘Ik maak me grote zorgen, al is dit eigenlijk niets nieuws. Het regime in Turkije is al jaren bezig de democratie uit te hollen,’ vertelt de 21-jarige politicologiestudent Ege (zijn achternaam is bij de redactie bekend). Ege verhuisde drieënhalf jaar geleden voor zijn studie naar Amsterdam, maar bezoekt zijn familie in Turkije nog meerdere keren per jaar. Hij volgt de recente ontwikkelingen dan ook op de voet.
Hij vertelt over de Geziparkprotesten uit 2013, toen miljoenen Turken de straat op gingen om tegen het regime van Erdogan te demonstreren. ‘Dat was een kantelpunt voor het land. Toen al demoniseerde Erdogan de demonstranten, maakte hij ze uit voor terroristen en gebruikte hij buitensporig politiegeweld. Dat er nu zo streng wordt opgetreden bij de protesten is dus niet verrassend.’ Er werden de afgelopen dagen al meer dan 1100 demonstranten opgepakt.
Angstaanjagend
De arrestatie van Imamoglu is volgens Ege een manier van de overheid om de macht verder naar zich toe te trekken. ‘Erdogan maakt het de oppositie wel vaker ontzettend lastig, maar dat hij nu de oppositieleider laat arresteren is wel een hele grote, nieuwe stap. Imamoglu is zijn grootste uitdager, dus dat hij nu vast zit is heel angstaanjagend.’
Hij is ervan overtuigd dat het gaat om een politiek gemotiveerde vervolging. ‘De aanklachten zijn oppervlakkig en vaag. Ik denk dat het een overheidstactiek is om gebruik te maken van extreem ingewikkeld juridisch jargon, zodat het publiek niet goed begrijpt of de aanklachten waar zijn. Imamoglu is een prominent, charismatisch figuur, en hij maakt een reële kans om Erdogan te verslaan. Daarom probeert de regering op deze manier andere oppositiekandidaten angst aan te jagen.’
Toch houdt Ege hoop dat de Turkse democratie sterk genoeg is om te herstellen. ‘We hebben een sterke democratische geschiedenis. De mensen gaan massaal de straat op en accepteren dit niet. We hebben een krachtige oppositie, en hoewel de democratische instituten beschadigd zijn, blijf ik hopen dat onze politiek hiervan kan terugkomen.’
Dictatoriaal
Ook de 22-jarige Bilge (niet diens echte naam), een Turkse PPLE-student aan de UvA, is erg ongerust. ‘Ik besteed het grootste deel van de dag aan het checken van de laatste nieuwtjes van vrienden en familie uit Turkije,’ vertelt hen. ‘Het arrest van Imamoglu is totaal onrechtvaardig en elimineert de politieke tegenstand van Erdogan volledig. Er is geen enkel bewijs voor de aanklacht, en vele andere Turkse politici die wél aantoonbaar bij corruptieschandalen betrokken zijn geweest, zijn daar nooit voor bestraft. Het is dus duidelijk dat het gaat om een arrest op politieke gronden.’
Over de nabije toekomst van Turkije is Bilge pessimistisch. ‘Ik ben bang dat we onder Erdogan alleen maar fascistischer en dictatorialer zullen worden. Toch stemmen de enorme protesten mij voor de lange termijn hoopvol. Misschien worden de mensen in Turkije eindelijk wakker.’ Op dit moment is de protestbeweging volgens hen nog niet groot genoeg om echt een verschil te maken, maar daar zou verandering in kunnen komen. ‘Met de protesten in 2013 kwamen we heel dichtbij een écht grote verandering, maar in de jaren daarna is Turkije er alleen maar op achteruit gegaan. De economie staat er heel slecht voor, zelfs de aanhangers van Erdogan worden daar nu door geraakt. Mensen die van een pensioen of het minimumloon moeten rondkomen leven onder de armoedegrens. Als zij zich nu ook bij de protesten aansluiten kunnen we echt iets bereiken.’
Bilge heeft familie en vrienden in alle grote steden van Turkije, die de protesten van dichtbij meemaken. ‘Ik kom uit een gemarginaliseerd gezin, waarvan sommige familieleden politiek gezien in het nauw komen. Zij worden bijvoorbeeld zonder geldige reden, op basis van hun etniciteit ontslagen. Ik ben bang dat hun vrijheid er alleen maar verder op achteruit gaat. Daarnaast heb ik veel vrienden die, in tegenstelling tot mijn familie, actief deelnemen aan de protesten. Ik ben bang dat zij gewond raken of gearresteerd worden. Het is vaker uit de hand gelopen bij dit soort protesten. Mensen worden onterecht gearresteerd, gaan de gevangenis in en worden nooit meer teruggezien. Vooralsnog is er, voor zover ik weet, niemand die ik ken opgepakt, maar ik ben bang dat dat niet zo blijft.’