Bij zowel de Maagdenhuisbezetting vorige maand als de Roeterseiland-protesten in 2024 doken ME’ers in burger, zogenoemde Romeo’s op. Wat is of was hun rol tijdens de UvA-protesten? ‘Deze ME’ers zijn getraind om snel en tactisch mensen uit de groep te pikken.’
Gespierde mannen in ‘gewone’ kleding, maar wél met wapenstokken: het riep vragen op bij mensen die op sociale media de beelden bekeken van de Maagdenhuisprotesten van april. Probeerden deze ME’ers door te gaan voor studenten? En zo ja, waarom hadden ze dan een wapen bij zich?
Volgens Timmer mag een agent op basis van artikel 7 van de politiewet geweld gebruiken om zijn taak uit te voeren, mits dat proportioneel is en vooraf een vordering is gedaan, tenzij de situatie dat niet toelaat.
Demonstranten en media getuigen dat tijdens het Maagdenhuisprotest de burger-ME’ers geweld gebruikten zonder voorafgaande vordering. De politiewoordvoerder ontkent dit en meldt dat de agenten ‘meermaals sommeerden de deur te openen’, aldus Het Parool.
Daarnaast uitten Amnesty International NL en zeventig UvA-medewerkers kritiek op het in hun ogen ‘disproportionele politiegeweld’ dat door de burger-ME is gebruikt tijdens het Maagdenhuisprotest. De politie geeft aan momenteel ‘de context te onderzoeken’ van dit geweld.
Sunde stelt op basis van zijn beeldenanalyse dat de burger-ME ‘duidelijk controle’ had en waarschijnlijk geen geweld hoefde te gebruiken, maar de demonstranten fysiek had kunnen afvoeren, zoals Amnesty International NL ook aanbeveelt. Hij waarschuwt dat het gebruik van een wapenstok ‘veel sterker gecorreleerd is met verwondingen’ dan andere niet-dodelijke wapens, zoals pepperspray. Timmer beargumenteert dat het gebruik van pepperspray binnen in een gebouw geen optie is.
Volgens Timmer moeten agenten die geweld hebben gebruikt dit altijd na afloop intern melden. Hij raadt daarom demonstranten die gewond raken door politiegeweld aan om een klacht in te dienen of aangifte te doen.
Afgetraind in spijkerbroek
Deze mannen staan bekend als ‘Romeo’s: agenten die in burger zouden gaan tijdens UvA-protesten om studenten uit de menigte te trekken en op te pakken. Hoewel deze ME’ers zich dus graag onopvallend door groepen UvA-demonstranten bewegen, worden ze door sommigen snel herkend. ‘Ze zijn afgetraind en dragen altijd dezelfde spijkerbroeken’, vertelt Wouter*, die als demonstrant bij het Maagdenhuisprotest aanwezig was. Toch zou niet voor alle demonstranten duidelijk zijn geweest dat het om de politie ging, meldde Het Parool.
Inmiddels zouden deze burger-ME'ers bij zowel de Roeterseilandprotesten van mei vorig jaar als tijdens het Maagdenhuisprotest van afgelopen april gezien zijn door demonstranten en journalisten. Wie zijn deze vermeende ‘undercoveragenten’ dan precies?
Romeo’s in de menigte
Volgens Jaap Timmer, politiewetenschapper aan de VU, zijn deze ME’ers opgeleid en getraind om ‘snel en tactisch mensen uit de groep te pikken’. ‘Ze behoren tot de aanhoudingseenheid van de ME, een groep van acht personen met een commandant. Vaak hebben ze specifieke personen op het oog die ze uit de menigte halen om aan te houden.’ Degenen die worden geïsoleerd van de menigte, zijn de demonstranten die de politie als aanstichters ziet van strafbare feiten, vertelt Timmer. ‘De raddraaiers en opruiers in de groep’.
Deze functie verklaart waarom deze ME’ers spijkerbroeken dragen en geen uitrusting met schild en helm, zegt Timmer. ‘Om op te kunnen gaan in de menigte, willen ze niet herkenbaar eruitzien. Daarom dragen ze doorgaans geen uniform.’
Geen undercover-agenten
Desondanks zijn het geen undercoveragenten, benadrukt Timmer. ‘“Undercover” gaan is iets heel anders: dat zijn operaties onder dekmantel, vaak bij zware en georganiseerde criminaliteit. Daar komt de ME niet eens bij in de buurt.’ Het gaat ook niet om een elite-eenheid, want werk als ME’er is een nevenfunctie, vervolgt Timmer. ‘Ze zijn gewoon regulier politieagent, bijvoorbeeld op straat.’
Interactiebeelden
Hoewel het dus geen undercoveragenten zijn, blijft de vraag wat het effect van hun outfit is op UvA-demonstranten.
Criminoloog Hans Myhre Sunde, onlangs aan de UvA gepromoveerd op de vraag hoe agenten interacties ontvouwen, (laten) escaleren of de-escaleren, analyseerde voor Folia sociale media-beelden (video 1 en video 2) van de inzet van ME’ers in burger bij het Maagdenhuisprotest. ‘Echt een uitzonderlijke situatie, zeker vergeleken met de alledaagse interacties tussen burgers en de politie die ik voor mijn onderzoek bestudeerde.’ bestudeerde voor zijn onderzoek meer dan duizend uur camerabeelden uit Amsterdam en werkte mee aan onderzoeken naar het contact tussen burgers en de politie tijdens de Covid-rellen in 2021.
Effect van kleding
Hij vertelt dat de kleding van de politieagenten een effect kan hebben gehad op het gedrag van de veelal jonge UvA-demonstranten. ‘Sommige onderzoeken laten zien dat jongeren aangeven meer vertrouwen in de politie te hebben wanneer agenten een uniform dragen. Ze worden als meer legitiem gezien dan wanneer ze in burgerkleding optreden.’
Tegelijkertijd benadrukt hij dat een ME’er met schild en helm juist ‘minder vertrouwen oproept’ dan een niet-ME-uniform. Volgens Sunde is het al met al ‘moeilijk met zekerheid te zeggen of in de situatie op de beelden een politie-uniform beter was geweest dan burgerkleding’. Persoonlijk neigt hij naar wél een uniform. ‘Mensen kunnen schrikken van burger-agenten voordat ze na een aantal seconden beseffen dat het de politie is. Met een uniform is dat makkelijker te zien.’
Wapenstokken
Daarnaast heeft Sunde gekeken naar het gedrag van de ME’ers én van de demonstranten op de beelden. Hij benadrukt dat het lastig is om hier een eenduidig oordeel over te vellen. ‘De demonstranten voelden dat ze het recht hadden om te demonstreren, terwijl de agenten de legitieme opdracht hadden om hen uit het gebouw te halen. Twee hele gemotiveerde groepen met compleet andere overtuigingen dus, waarvoor deze situaties altijd lastig zullen blijven.’
Toch heeft hij een aanmerking op één van video’s. Daarop is te zien hoe de ME’ers in burger op het Binnengasthuisterrein aan komen rennen, hun wapenstokken in de aanslag. Hij begrijpt dat de politie dit wellicht deed vanuit de hoop om de demonstratie snel te eindigen. ‘Maar uit veel onderzoeken blijkt dat deze manier van benaderen niet erg effectief is voor de-escalatie en waarschijnlijk contraproductief voor het opbouwen van vertrouwen en legitimiteit tussen de groepen.’
Communicatieproblemen
Daarnaast merkt Sunde op dat er wellicht communicatieproblemen hebben meegespeeld tijdens het optreden van de burger-ME. Hij wijst erop dat in de video waarin de burger-ME’ers demonstranten het gebouw uit jagen, te horen is dat de agenten Nederlandse bevelen geven terwijl de demonstranten Engels spreken. ‘Dit kan wijzen op een taalbarrière.’ Volgens Wouter was er inderdaad verwarring over de bevelen van de politie bij de demonstranten. ‘Die agenten bleven maar “lopen” en “gebouw uit” roepen, terwijl voor ons onduidelijk was waar de uitgang dan was.’
Dergelijke misverstanden tussen de politie en burgers, kunnen volgens Sunde leiden tot ‘het wegvallen van communicatie, wat een van de wetenschappelijk bekende “routes” naar geweldsescalatie is.’
Kritiek ondernemingsraad FdG
Volgens de ondernemingsraad van de Faculteit der Geesteswetenschappen leidde het gebrek aan communicatie met demonstranten – waarbij de ME al dichtbij of op de plek van demonstratie of bezetting is vóór de aangifte door de UvA - ertoe dat de burger-ME werd ingezet tijdens het Maagdenhuisprotest, wat in zou druisen tegen de aanbevelingen uit het evaluatierapport over de protesten van mei 2024.
Sunde zegt dat vroege gesprekken tussen demonstranten en de politie de-escalatie kunnen helpen voorkomen. ‘Door demonstranten in te zetten die als liaisons een communicatiebrug vormen tussen de politie en demonstranten, kun je de “route” naar escalatie deels verbreken, mits dit in de eerste twee uur van het protest gebeurt. Daarna raken mensen vermoeid, en dat is vaak het moment dat dingen misgaan.’
Of er op volgende protesten weer ME’ers in burger worden ingezet, is vooraf lastig te voorspellen. Sunde hoopt dat het niet zover hoeft te komen. ‘In mijn optiek zou het inzetten van zulke agenten in protesten de allerlaatste optie moeten zijn wanneer alle andere mogelijkheden al zijn uitgeprobeerd.’
*De volledige naam van Wouter is bekend bij de redactie