Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
Foto: Ines Riera
actueel

‘Voor studenten is het Catalaanse onafhankelijkheidsgevoel soms moeilijk te begrijpen’

Dan Afrifa,
9 september 2020 - 11:31

Catalonië viert vrijdag haar nationale feestdag en in coronavrije jaren trokken dan honderdduizenden Catalanen de straat op om hun identiteit te vieren. Ook voor universitair docent Anna Escofet Vilà is 11 september een speciale dag. Als kind was haar moedertaal verboden, nu doceert ze het Catalaans aan UvA-studenten.

De Benelux kent één universiteit die het Catalaans aanbiedt en op die universiteit kan je bij één persoon terecht: Anna Escofet Vilà, sinds 2001 universitair docent bij de UvA-bacheloropleiding Spaans én de minor Catalaans. Het is eind augustus als we Escofet Vilà treffen en na een vakantie in Cadaqués, een pleisterplaats voor kunstenaars aan de Costa Brava, is ze net een paar dagen terug in Nederland. Het bezoek aan haar geboortestreek was de stilte voor de storm: ze heeft een semester met zowel fysiek als online onderwijs voor de boeg.

Foto: Susanna van Santen
UvA-docent Anna Escofet Vilà in Cadaqués

Voor sommigen is Escofet Vilà’s eerste vak van het studiejaar, Catalan 1a, een portaal naar een onbekende wereld: studenten weten Catalonië niet altijd aan te wijzen op de kaart. Desondanks stelt Escofet Vilà geen bescheiden leerdoelen. Naast het verwerven van de taal en kennismaken met de cultuur, wil ze ook dat haar studenten beter leren begrijpen waarom het onafhankelijkheidsstreven onder een deel van de Catalanen leeft. ‘Voor studenten zijn Catalaanse onafhankelijkheidsgevoelens soms moeilijk te begrijpen.’


Als kind had Escofet Vilà het waarschijnlijk niet voor mogelijk gehouden dat ze ooit haar moedertaal zou doceren, haar levensloop valt te vergelijken met iemand die in de Sovjetunie opgroeide en later een vrijemarktkapitalisme-expert werd. Escofet Vilà werd geboren in het Spanje van Franco, de dictator die na een burgeroorlog tussen 1936 en 1939 aan de macht kwam en tot zijn dood in 1975 alles onderdrukte wat van zijn Spaanse ideaal afweek. Ook Catalaanse cultuuruitingen waren verboden. Zo leerde Escofet Vilà als jong kind het Catalaans, maar eenmaal op de basisschool werd ze geacht een vreemde taal te spreken, het Spaans.

 

11 september

Waar een groot deel van de wereld op 11 september stilstaat bij de terroristische aanslagen van 2001, is in Catalonië dan vooral te merken dat de tijden van Franco voorbij zijn. De straten zien die dag geel en rood van de mensenmassa’s die La Diada Nacional de Catalunya vieren. Herdacht wordt dat Barcelona op 11 september 1714 in Spaanse handen viel en het gedaan was met de zelfstandigheid van Catalonië. Op het eerste gezicht geen heuglijke gebeurtenis, maar La Diada is in de loop van de geschiedenis in het teken komen te staan van nationale trots.

 

Escofet Vilà: ‘De Diada is altijd een speciale dag geweest. De laatste jaren wordt het zeer uitbundig gevierd door de Catalanen en ik word er emotioneel van om zoveel mensen bij elkaar te zien, van jong tot oud. Catalanen met vlaggen, liedjes en een brede lach, vreedzaam aan het demonstreren voor hun eigen taal en cultuur’. Dit jaar zijn grootschalige demonstraties echter niet te verwachten, daar Catalonië een coronabrandhaard is.

‘De laatste jaren wordt de Diada zeer uitbundig gevierd door de Catalanen en ik word er emotioneel van om zoveel mensen bij elkaar te zien’

Meer dan een taal
Het coronavirus gooide ook roet in het Catalaanse eten van rechtenstudent Lorenzo Tempelaars (24). Als er geen pandemie was had hij een twee weken lange cursus Catalaans mogen volgen aan de Universiteit in Valencia. Daarvoor kwam hij in aanmerking nadat hij in het afgelopen studiejaar de Catalaanse vakken aan de UvA afrondde. Als we maandagmiddag met Tempelaars bellen, heeft hij net de eerste dag van de vervangende onlinecursus achter de rug. De rest van de week zal hij vanuit zijn studeerkamer in Den Ilp ook de rest van de uit Valencia gegeven colleges bijwonen.

 

Tempelaars: ‘Als je daar bent hoor je de taal om je heen en pik je meer op. Nu klap ik gewoon mijn laptop open en probeer ik me in Valencia te wanen.’ De coronacrisis heeft desalniettemin geen vat weten te krijgen op zijn passie voor het Catalaans. ‘In Catalaanse steden spreekt iedereen ook Spaans en in Madrid of Zuid-Amerika kom je niet ver met het Catalaans. Maar het is geen kleinere taal dan bijvoorbeeld de Scandinavische talen. Bovendien leer je met de taal ook over een unieke cultuur. Wist je dat in Catalaanse aioli nooit ei of mayonaise zit, maar alleen knoflook en olie?’

 

Foto: Privéarchief
Marinda Vermeeren in het park van de Sagrada Família in Barcelona

Marinda Vermeeren (23) hoeft zich in ieder geval niet in te beelden dat ze in Spanje is. Na een bachelor Engelse cultuur en taal aan de UvA woont ze sinds vorig jaar in Barcelona. Omdat Vermeeren de minor Catalaans had gevolgd, was de wereldstad een logische eerste stop van haar wereldreis: ze ging als vrijwilliger aan de slag in een hostel en ondertussen leerde ze ook Spaans. Haar geoefende Catalaans bewees zijn waarde, maar het waren vooral de cultuurlessen die zorgden voor een zachte landing. ‘In Barcelona leven veel immigranten uit Centraal- en Zuid-Amerika. Hoewel zij al Spaans spreken, weten ze vaak weinig over de Catalaanse cultuur’.

 

Door de lessen van Vilà was Vermeeren ook voorbereid op het Catalaanse onafhankelijkheidssentiment. Ze keek dan ook niet verbaasd op toen ze overal Catalaanse vlaggen van de balkons zag hangen. Vermeeren was echter niet voorbereid op de hevige onlusten die Catalonië vorig jaar in zijn greep hielden. ‘Mijn straat stond in vuur en vlam, auto’s en vuilnisbakken brandden uit. In Barcelona krijg je verder vrij weinig mee van de roep om onafhankelijkheid, omdat het toch een immigrantenstad is. Als je naar een provinciale stad als Girona gaat, waar iedereen Catalaans spreekt, merk je daar meer van.’

 

Uiteindelijk kwam van de wereldreis weinig meer terecht, omdat Vermeeren een vaste baan kreeg in het hostel. Intussen kent ze Barcelona als haar broekzak, al zag ze in een jaar veel veranderen. ‘De stad is hard geraakt door de coronacrisis. Als je door de straten struint krijg je daar, op de gezichtsmaskers na, niet al te veel van mee, maar veel hostels zijn leeg en andere toeristische voorzieningen gaan failliet.’

Welk Catalaans waar?

Student Lorenzo Tempelaars bracht de afgelopen zomer door in Xàbia, een dorp in de buurt van Valencia. De dorpelingen daar keken raar op toen Tempelaars standaard-Catalaans sprak, zoals hij dat had geleerd op de UvA. ‘Net alsof een expat in Amsterdam opeens Vlaams spreekt.’ In de regio Valencia wordt namelijk naast het Spaans ook het Valenciaans gesproken, een variant van het Catalaans. Op de Balearen, de eilandgroep met onder andere Mallorca en Ibiza, tref je weer andere Catalaanse dialecten. Buiten Spanje vind je het Catalaans terug in Andorra, Zuid-Frankrijk en zelfs het noorden van het Italiaanse Sardinië.

Feliç Diada
Traditioneel neemt Escofet Vilà op 11 september een moment voor haarzelf om stil te staan bij wat La Diada voor haar betekent. Wat de dag bij anderen teweeg brengt, maakte Vermeeren aan den lijve mee. ‘Vorig jaar bezocht ik tijdens La Diada de gratis concerten en feesten. Ook liep ik mee in een mars. Na een uur had ik het wel gezien maar het kostte me nog drie kwartier om me via de steegjes een weg uit de mensenmassa te banen.’

 

Voor student Lorenzo Tempelaars is 11 september een dag als elke andere. ‘Als buitenstaander heb ik geen sterke mening over het onafhankelijkheidsstreven, maar ik snap het sentiment. Aan de andere kant: tegenwoordig wordt veel geregeld op het Europese niveau en dan maakt het misschien minder uit of je daarbinnen nou bij Spanje hoort of Catalonië.’ Dat Tempelaars’ kamer niet volhangt met Catalaanse vlaggen heeft ook andere redenen: ‘Ik ben niet zo van de uitbundige nationale feestdagen, met Koningsdag vlieg ik ook het liefst even naar Spanje’. In zijn beste Catalaans wenst hij de feestvierders hoe dan ook een Feliç Diada.

 

In 2019 kwam een Catalaanse televisiezender langs op de UvA. De IJslandse presentator van het programma gaat de hele wereld over om Catalaanssprekenden te vinden van niet-Catalaanse afkomst. In Escofet Vilà’s college trof de presentator studenten uit uiteenlopende landen (vanaf 36:50).