Foto: Dirk Gillissen (UvA)
actueel

Negatief én positief advies over numerus fixus bij economiefaculteit

Dirk Wolthekker,
3 juli 2019 - 07:15

De centrale studentenraad (CSR) heeft negatief geadviseerd over de studentenstop die de Faculteit Economie & Bedrijfskunde (FEB) wil invoeren. Belangrijkste reden: de FEB werft via wervingsbureaus proactief studenten in het buitenland, en sluit gelijktijdig de deur voor studenten door een numerus fixus aan te vragen. Ondertussen heeft de facultaire studentenraad van de FEB juist positief geadviseerd over de fixus.

De CSR begrijpt niets van dit in zijn ogen tegenstrijdige beleid ten aanzien van buitenlandse wervingsbureaus en is het er niet mee eens, zo schrijft de raad in een brief aan het UvA-bestuur. De raad schrijft: ‘Het is in de ogen van de CSR moeilijk te verantwoorden dat de opleiding een deel van haar toegankelijkheid opoffert om een probleem op te lossen dat deels door haar eigen promotie wordt veroorzaakt. Het aantal studenten inperken en tegelijk actief zoeken naar meer studenten is tegenstrijdig en onwenselijk.’

 

De raad heeft daarom een negatief advies afgegeven over het instellen van een numerus fixus voor de Engelstalige bachelor Economics & Business Economics en zal dat negatieve advies alleen intrekken als de faculteit en de opleiding ‘hun inspanningen op het gebied van internationale promotie beperken’. Opvallend: de facultaire studentenraad van de FEB gaf eerder juist een positief advies over dezelfde kwestie.

Foto: Ineke Oostveen (UvA)
FEB-decaan Han van Dissel

Efficiënt

Vorige week liet decaan Han van Dissel van de FEB nog weten door te willen gaan met het inzetten ‘van door ons geselecteerde en begeleide bureaus’. De decaan vindt dergelijke bureaus ‘een efficiënt middel om te sturen op de kwaliteit en mix van de instroom van internationale studenten,’ zo zei hij. Volgens Van Dissel wordt het als snel ‘veel kostbaarder’ als de faculteit of de opleiding zelf studenten moet werven.

 

Aanleiding voor zijn uitspraak was de opvatting van minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur & Wetenschap; D66) die – ook vorige week – liet weten dat ze niets ziet in dergelijke bureaus, maar er ook niets aan gaat doen. Het is volgens haar de autonomie van de instelling om met dergelijke bureaus te werken of niet.

 

Via druk van de studentenraad kan er nu echter ook aan de UvA een dynamiek ontstaan om de samenwerking met bureaus als OnCampus of Navitas te beëindigen of te minimaliseren. Voor de goede orde: aan de UvA werkt alleen de FEB samen met dit soort bureaus.

Volgens decaan Van Dissel wordt het als snel ‘veel kostbaarder’ als de faculteit of de opleiding zelf studenten moet werven

FEB werft actief in vier landen

‘De insteek bij al onze marketing- en wervingsactiviteiten is om middelen en ingangen te vinden om de instroom van studenten met een passend profiel en goede kwaliteit van vooropleiding te bereiken,’ zegt Esther Cornelisse, hoofd werving, toelating en uitwisseling van de FEB. Volgens haar is de kwaliteit van studenten binnen de Europese Economische Ruimte ‘wat beter’ te bepalen dan in sommige landen die daartoe niet behoren.

 

Cornelisse: ‘In dergelijke landen werken we het liefst met geselecteerde partners op wier expertise en kennis van het onderwijssysteem we kunnen bouwen. Zij doen als het ware voor ons een preselectie van mogelijke geïnteresseerde studenten met een passende achtergrond. Aangezien de opbouw en onderhoud van een dergelijke relatie een grote tijdsinvestering van onze ondersteuning vraagt, hebben we dit in een beperkt aantal landen opgebouwd: China, Rusland, Indonesië en de Verenigde Staten.’

 

‘Dit is niet wat wij onder kwaliteit verstaan. Kwaliteit is niet studenten binnenhalen die al goed zijn, maar kwaliteit is studenten goed maken’

Do it yourself

Volgens Cornelisse zijn dergelijke bureaus vaak beter op de hoogte van de informatiebehoefte van de geïnteresseerde studenten en kunnen zij hen beter en sneller bedienen met de info die de studenten en hun familie nodig hebben om een goede studiekeuze te maken. ‘Dit zorgt ervoor dat de conversie van aanmelding naar toelating en inschrijving vele malen hoger ligt bij een student die we van een partnerbureau binnenkrijgen, dan via zogenoemde do it yourself-aanmeldingen die zelf bij ons binnenkomen. Het scheelt ons werk.’

 

Volgens decaan Van Dissel worden fees betaald aan agenten in de vier landen en niet aan wervingsbureaus. 'Afgelopen jaar hebben wij in totaal in de orde van 50.000 euro makelaarskosten (de fees) aan deze agenten betaald voor studenten die via de reguliere procedures zijn toegelaten en ook zijn komen opdagen. Dit bedrag staat in geen vergelijk tot de kosten die we anders hadden moeten als we zelf waren gaan werven, denk maar aan de kosten voor het bezoeken van landen, beurzen, et cetera of de kosten voor een eigen agent ter plaatse.'

Foto: Mina Etemad
Studentenraadsvoorzitter Roeland Voorbergen

Andere lijn

Hoe het nu verder moet met de samenwerking met dergelijke bureaus, is wat de FEB betreft helder. De faculteit wil er gewoon mee doorgaan, te meer daar de facultaire studentenraad geen probleem ziet in de samenwerking met wervingsbureaus en dat niet heeft verbonden aan een negatief advies over een fixus. Integendeel: de facultaire studentenraad heeft juist positief geadviseerd over de per 2020/2021 in te stellen numerus fixus, bevestigt ook CSR-voorzitter Roeland Voorbergen. ‘Meestal volgen wij de lijn van de facultaire raden, maar deze keer hebben wij een ander lijn gekozen,’ zegt Voorbergen. ‘Wij hebben onze eigen afweging gemaakt.’ Dat decaan Van Dissel via dergelijke wervingsbureaus op kwaliteit wil sturen is volgens Voorbergen een verkeerde insteek: ‘Dit is niet wat wij onder kwaliteit verstaan. Kwaliteit is niet studenten binnenhalen die al goed zijn, maar kwaliteit is studenten goed maken.’

 

De verantwoordelijk dossierhouder binnen de facultaire studentenraad van de FEB is niet bereikbaar voor commentaar, maar zal dat later geven. Van Dissel heeft nog niet gereageerd op de afwijzing van zijn fixus-aanvraag. Omdat de afwijzing van de CSR komt en niet van zijn eigen facultaire raad, zal hij mogelijk in overleg gaan met het UvA-bestuur.