Foto: Teska Overbeeke (UvA)
actueel

UvA gaat bètabeleid van de minister niet uitvoeren: ‘Dit is afbraakbeleid’

Dirk Wolthekker,
26 juni 2019 - 16:18

Het UvA-bestuur is niet van plan het advies van de commissie-Van Rijn, dat door minister Ingrid van Engelshoven is omarmd, op te volgen. Het plan behelst onder meer een forse kasschuif van het alfa-, gamma- en medisch domein naar het bèta-domein. Bestuurslid Jan Lintsen: ‘Dit is afbraakbeleid.’

Even voor de duidelijkheid: er zitten ook goede elementen in het advies dat de commissie-Van Rijn heeft gegeven, zegt UvA-collegelid Jan Lintsen. ‘Dat er meer geld naar bèta moet is goed en begrijpelijk. Dat een groter deel van de Rijkssubsidie vast wordt en minder variabel is ook goed, en dat er voortaan jaarlijks 100 miljoen euro onderzoeksgeld direct naar de universiteiten gaat en niet meer via NWODe Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) verdeelt dat nu door middel van competitieve beursaanvragen. is ook goed,’ zegt Lintsen. Zelf met de jaarlijkse korting van 2,3 miljoen op het vaste budget valt nog te leven, meent Lintsen. ‘Dat is geen onoverkomelijk bedrag,’ zegt hij. ‘Het kan ook ontstaan doordat je eens een (paar) jaar minder studenten trekt dan begroot.’

Foto: Haagse Hogeschool
Jan Lintsen

Het grote probleem zit volgens Lintsen ‘onder de waterlijn’, een onzichtbaar bedrag dat door de VSNU wordt geschat op structureel honderd miljoen euro basisfinanciering per jaar, waarmee de sectoren alfa, gamma en medisch wordt gekort ten gunste van het bèta-techniekdomein. Hoewel de UvA wellicht 2,3 miljoen euro per jaar minder krijgt, krijgt de UvA vanuit Den Haag meer geld voor bètastudies en minder geld voor de andere sectoren.

 

Lintsen: ‘Die honderd miljoen is echt een enorm bedrag, waar landelijk zomaar honderden fte’s aan vast zitten.’ Die honderd miljoen geldt voor alle universiteiten tezamen, maar brede universiteiten met veel alfa-, gamma- en medische opleidingen zullen er uiteindelijk extra de dupe van zijn.

 

Afbraakbeleid

Het is een onverkwikkelijke zaak, meent Lintsen, te meer daar de minister het advies van Van Rijn heeft omarmd. ‘Dat moet beter over het voetlicht komen, de Tweede Kamer is nu niet goed geïnformeerd over de werkelijke effecten van het plan. Ik hoop echt dat de Kamer hier enorm tegen te hoop zal lopen en er een stokje voor zal steken.’ Dat gezegd hebbende bestaat natuurlijk de kans dat het plan doorgaat. ‘Maar als UvA gaan wij dit plan zo niet doorvoeren, want dit is afbraakbeleid.’

‘We moeten meer gebruik maken van de breedte van onze universiteit. Binnen die breedte bestaan veel disciplines die heel geschikt zijn voor samenwerking met het bètadomein’

Als het plan doorgaat wordt het bedrag verrekend met de lumpsum die de UvA jaarlijks ontvangt, maar wat Lintsen bedoelt te zeggen is dat het UvA-bestuur de rekening niet neer zal leggen bij de faculteiten geesteswetenschappen, rechten, economie & bedrijfskunde, maatschappij & gedrag en geneeskunde. ‘Dat gaan we niet doen. En het mooie is dat de andere brede universiteiten hetzelfde zeggen.’

 

Wat het UvA-bestuur wel gaat doen is de alfa/gamma en medische domeinen aanmoedigen en stimuleren om interdisciplinaire opleidingen te starten in samenwerking met de bètafaculteit, zegt Lintsen. ‘We moeten meer gebruik maken van de breedte van onze universiteit. Binnen die breedte bestaan veel disciplines die heel geschikt zijn voor samenwerking met het bètadomein. De UvA is steengoed in artificial intelligence en big data. Dat zijn bètadisciplines die zich heel goed laten combineren met disciplines uit de alfa- en gamma-sector.’

Addertje

Daar is overigens wel een addertje onder het gras, want andere universiteiten zullen ook die interdisciplinaire samenwerkingen gaan opzoeken, zoals onlangs bleek toen de voorgenomen bachelor Humans, Society & Technology door de minister werd afgewezen, onder meer met als argument dat andere universiteiten iets vergelijkbaars doen. Volgens Lintsen is het laatste woord er nog niet over gezegd. ‘We zijn hier momenteel nog over in gesprek met de minister. Ik heb goede hoop dat het goed komt en we die bachelor alsnog kunnen starten.’