wetenschap

Drie wetenschappers en een robot bij BètaBreak

Yannick Fritschy,
21 januari 2015 - 15:50
Is het nodig om robotisering af te remmen? En zo ja, kan dat nog? Daarover discussieerden drie wetenschappers woensdagmiddag op het Science Park tijdens de maandelijkse UvA-BètaBreak. Voor de gelegenheid zat er een vierde gast vooraan op het podium: robot Bleu.

UvA-onderzoeker robotica Arnoud Visser heeft Bleu meegenomen en vertelt dat de robot op basis van gegevens die hij downloadt, uit zichzelf reageert op geluiden en lichtflitsen. Dat blijkt tijdens het debat, waarbij Bleu regelmatig de aandacht van het publiek trekt met armgebaren en beenbewegingen.

Bleu mengt zich verder niet in de discussie, die inhaakt op de toespraak in september 2014 van Lodewijk Asscher. De minister van Sociale Zaken uitte destijds zijn zorgen over de toenemende robotisering, die slecht zou zijn voor de werkgelegenheid. Op die uitspraak kwam veel kritiek, maar econoom Robert Went van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid deelt Asschers zorg. ‘Je kunt niet zomaar zeggen dat het wel goed zal gaan, omdat het in het verleden ook goed is gekomen,’ zegt hij.

betabreak-669b

Koelkast
Terwijl Bleu zijn linkerbeen nog maar eens buigt en strekt, reageert techniekfilosoof Martijntje Smits van de Universiteit Utrecht daarop door te stellen dat technologie niet de enige oorzaak is van banenverlies, maar dat economische condities daar ook aan ten grondslag kunnen liggen. Bovendien zal robotisering volgens haar niet alleen leiden tot voorspelbare nieuwe banen zoals die voor programmeurs, maar ook tot behoeften die nu nog onbekend zijn.

Voorlopig zien we echter nog maar weinig robots in de praktijk. Hoe komt dat? Volgens Visser ligt dat niet zozeer aan de technologie, maar aan de maatschappij.  ‘Met name in de zorg zijn menselijke werkkrachten momenteel nog een stuk goedkoper,’ zegt hij. Went ziet daarnaast praktische bezwaren, zoals bij een koelkast die zelf melk bestelt. ‘Je moet alsnog zelf thuis zijn om de melk te ontvangen.’

Oorlogvoering
Daarnaast kleven er allerlei morele en ethische bezwaren aan robotisering. Terwijl Bleu vooral oog heeft voor zijn eigen handen, stelt iemand uit het publiek de vraag of robotonderzoekers zich wel bekommeren om die bezwaren. Visser: ‘We praten er wel over, maar uiteindelijk kunnen mensen technologie altijd misbruiken.’ Smits is het niet eens met die passieve houding. ‘Dat de techniek maar voortraast zonder dat je die kunt stoppen, is een ouderwets beeld.’

Zeker op het gebied van oorlogvoering speelt moraliteit een belangrijke rol bij robotisering. Volgens Smits is het van groot belang dat altijd duidelijk is wie verantwoordelijk is voor het gedrag van robots. Ook Went pleit voor beleid dat beter inspeelt op juridische en ethische kwesties die bijvoorbeeld autonoom vliegende drones met zich meebrengen. Visser is optimistischer en denkt dat toenemende verzelfstandiging van drones ook voordelen biedt, zoals het verdwijnen van stress bij de mensen die robots nu nog op afstand besturen.

De BètaBreak eindigt met een sneer van FNWI-onderwijsdirecteur Jeroen Goedkoop, die wijst op de beperkte aandacht voor ethische aspecten in het colloquium van de opleiding informatica. De wetenschappers zijn het eens dat daar verandering in moet komen, en zelfs Bleu lijkt even met zijn hoofd te knikken.

Lees meer over