De naam ‘Van Gogh’ is wereldwijd een begrip. Toch signeerde de kunstschilder – als hij dat al deed – uitsluitend met de naam Vincent. Wat zegt dat over hem? Daar deed UvA-alumnus Julia Engelmayer onderzoek naar voor haar masterscriptie. ‘Vincent wilde niet als een Van Gogh herinnerd worden.’
Hoe raakte je gegrepen door de handtekening van Van Gogh?
‘Van Gogh is een van mijn favoriete kunstenaars, de reden waarom ik voor mijn master Curating Arts en Cultures vanuit Oostenrijk naar Amsterdam ben verhuisd. Na mijn stage bij het Van Gogh Museum viel het me op dat sommige van zijn schilderijen wel gesigneerd waren en andere niet. Waarom signeerde Van Gogh De Aardappeleters wel en De sterrennacht, een van zijn beroemdste werken, niet? Wat zegt dat over hem? Ik ging op zoek naar een overzicht van zijn gesigneerde werken maar dat bleek er niet te zijn. Toen besloot ik er zelf een te maken.’
Hoe heb je dat aangepakt?
‘Ik heb al zijn 840 schilderijen die bekend zijn bekeken en een dataset gemaakt van zijn gesigneerde werken. Daaruit blijkt dat Van Gogh slechts 133 schilderijen (15 procent van zijn oeuvre) heeft gesigneerd. Zijn tekeningen ondertekende hij vaker, maar dat heb ik niet in detail onderzocht.’
Waarom signeerde Van Gogh sommige werken wel en andere niet?
‘Dat is natuurlijk speculatie. Wel blijkt uit mijn dataset dat hij tijdens zijn beginperiode in Nuenen weinig werken signeerde en tijdens zijn Parijse periode juist veel. Het signeren is dus ook afhankelijk van zijn omgeving. In Parijs, waar hij de kunstmarkt voor het eerst leerde kennen en inspiratie opdeed bij andere kunstenaars, maakte hij veel stillevens en signeerde daar een groot aantal van. Hij signeerde 57 schilderijen in Parijs, veelal bloemstillevens. In Arles signeert hij nog 50 schilderijen. Daar schrijft hij op 13 augustus 1888 schrijft aan zijn broer Theo: “Ik was begonnen mijn doeken te signeren, maar daar ben ik al snel mee gestopt; het leek me te dwaas.”’
‘Als zijn mentale gezondheid nog verder achteruitgaat in Saint Rémy signeert hij nog slechts 7 schilderijen. In die periode wordt hij waarschijnlijk nog kritischer over zijn werk en gaat zijn zelfvertrouwen nog verder achteruit. Het is dus aannemelijk dat het signeren samenhangt met hoe tevreden hij is over een werk. Maar ook die regel gaat niet altijd op. Over een schilderij dat hij wel signeert in die periode uit hij later aan Theo zijn ontevredenheid.’
Waarom signeerde Van Gogh zijn schilderijen alleen met zijn voornaam?
‘Dat is een goede vraag. Afwijkend was dat in die tijd zeker. Misschien was hij geïnspireerd door Rembrandt, die ook vaak zijn voornaam gebruikte. Aan Theo schrijft hij dat hij bang is dat buitenlanders moeite zouden hebben met het uitspreken van de naam Van Gogh.’
‘Ook had hij moeite om zichzelf als een “Van Gogh” te zien. Van Gogh had een moeizame relatie met zijn familie, in het bijzonder met zijn vader. In een brief aan Theo schrijft hij dat hij zijn achternaam associeert met een traditionele manier van denken en een handelsgeest, waarmee hij zichzelf niet kan vinden. Aan Theo schrijft hij dat hij niet zo’n persoon wil worden.’
‘Voor mij is het duidelijk dat hij – in ieder geval op een bepaald punt in zijn leven – niet als een Van Gogh herinnerd wilde worden. Ik vind het dus interessant dat we vandaag de dag nog steeds naar hem refereren als Van Gogh, en niet als Vincent.’
Hoe belangrijk was een handtekening voor een schilder in de tijd van Van Gogh (1853 – 1890)?
‘Het is lastig daar iets algemeens over te zeggen. Je had in die tijd de salonschilders, die volgens de strenge regels van de kunstacademies schilderden. Zij signeerde hun werk vaak en exposeerden in salons in Parijs. Een handtekening werd vaak gezien als een teken van authenticiteit. Een schilderij leverde meer op als het gesigneerd was, zeker met een bekende naam. Ook vandaag de dag schieten de prijzen in veilinghuizen omhoog als er een bekende naam op een schilderij staat.’
‘Bij de avant-garde schilders, zoals Van Gogh, die braken met de regels van de salons, verschilde het gebruik van handtekeningen sterk per individu. Gaugain signeerde bijvoorbeeld 60 procent van zijn schilderijen en Césanne slechts 7 procent. Van Gogh zit qua percentage gesigneerde werken iets onder het gemiddelde.’
Wat valt op aan het handtekeningengebruik van Van Gogh?
‘Een nogal ongebruikelijk kenmerk van Van Gogh’s werk is dat hij zijn handtekeningen soms onderdeel maakte van het schilderij. Ik noem dat embedded signatures. De zonnebloemschilderijen die hij Arles maakte zijn daar een voorbeeld van. In vier van deze schilderijen verwerkte hij zijn handtekening in de compositie – je ziet zijn naam “Vincent” bijna in het midden van de vaas staan. Uit Van Goghs brieven weten we dat hij zich sterk identificeerde met het zonnebloemmotief, dat maakt het interessant dat hij het onderwerp als het ware opeist door zijn naam op de vaas te plaatsen.
‘Een ander opvallend voorbeeld is het schilderij Zeegezicht bij Les Saintes Maries de la Mer. Hier plaatst hij de handtekening in de linkerhoek in een opvallende kleur. Daarover schreef hij aan zijn broer Theo: “Op het zeegezicht staat een zeer opvallende rode handtekening, omdat ik een rood accent in het groen wilde aanbrengen.”’
‘Een vaste regel voor zijn handtekeningen gebruik is er niet. De Rode Wijngaard een van de weinige schilderijen die hij verkocht, is bijvoorbeeld niet gesigneerd. En schilderijen die hij ruilde met andere schilders, of die hij cadeau deed, signeerde hij vaak, maar ook niet altijd. De Amandelbloesem, het schilderij dat hij voor het naar hem vernoemde zoontje van Theo maakte, signeerde hij bijvoorbeeld niet. Misschien omdat het schilderij te abstract is? Doordat een duidelijk perspectief ontbreekt ontstaat een soort illusie, die hij misschien niet wilde doorbreken met een handtekening. Wie zal het zeggen?’