Foto: Johan Wieland (cc, via Flickr)
wetenschap

‘We moeten misschien een beetje rijkdom inleveren voor het klimaat’

Addie Schulte,
19 februari 2019 - 09:12

Dertig jaar geleden liep Nederland voorop met het klimaatbeleid. Joyeeta Gupta, hoogleraar Environment and Development in the Global South heeft zich al die tijd met klimaatverandering beziggehouden. Ze kan zich er nog over verwonderen dat die positie verloren is gegaan. Gupta maakte vijftien jaar deel uit van het VN-panel over klimaatverandering (IPCC) dat in 2007 de Nobelprijs won. Nu is ze co-voorzitter van een commissie die de VN adviseert over wereldwijde milieuproblemen. ‘De kosten zijn nu hoger, maar er is geen keuze.’

Hoe ernstig is de situatie rond klimaatverandering?

‘Gezien de cijfers is het niet erger of minder erg dan we altijd hebben gedacht. Maar ik heb toch het gevoel dat het probleem erger wordt. Je kunt nooit een directe link leggen tussen bepaalde extreme weersomstandigheden en klimaatverandering, maar het aantal rampen neemt toe. Een scepticus kan echter altijd zeggen dat een bepaald incident of weertype voortkomt uit de natuurlijke variatie van het klimaat. Wetenschappelijk onderzoek toont wel aan dat verandering veel sneller gaat dan ooit tevoren. Het probleem is dat klimaatverandering toch geleidelijk gaat. We lijken op de kikker die rustig blijft zitten in de pan met water die langzaam aan de kook wordt gebracht.’

Foto: Joyeeta Gupta

Klimaatactivisten zeggen vaak dat een ingrijpende ervaring nodig is om de ernst van klimaatverandering te beseffen. Denkt u dat ook?

‘Ik heb in mijn naïviteit wel gedacht dat er maar een ernstige ramp hoefde te gebeuren en het probleem zou worden aangepakt. Ik ben vaak in de VS geweest en daar gebeuren de laatste jaren vele ernstige rampen. Maar nieuwszenders zoals Fox presenteren die als een weerverschijnsel, ze leggen geen verband met klimaatverandering. Dat maakt het heel ingewikkeld. Je moet een leider hebben die durft te zeggen: tot zo ver en niet verder.’

 

De Amerikanen hebben juist Trump gekozen.

‘Vanuit Amerika komt het leiderschap niet. Misschien kan China een rol spelen, vanwege de enorme milieuproblemen daar, met name met water. Ook India heeft die grote problemen. Maar het centraal geleide China is nu al op grote schaal bezig met windenergie, zonne-energie en de ontwikkeling van batterijen. Als China in die technieken een voorsprong neemt, kan dat enorme gevolgen hebben voor onze concurrentiepositie. Dan missen we de boot. Nederland en Europa moeten daarom misschien tijdig samenwerking zoeken met China op het gebied van klimaattechniek. Dat kan veel voordelen hebben.’

 

Is het radicaal tegengaan van klimaatverandering in een democratische samenleving mogelijk?

‘Het is problematisch als de verantwoordelijkheid van de een naar een ander wordt doorgeschoven: overheid, burgers, bedrijfsleven. Maar een stabiel klimaat is zo belangrijk dat de staat er voor moet staan en moet zorgen dat het bedrijfsleven en de maatschappij in een bepaalde richting gaan. Het probleem in Nederland is dat we het initiatief uit handen hebben gegeven. In 1990 waren we wereldleiders. We hadden ons heel goed kunnen aanpassen tegen betrekkelijk lage kosten. Nu kosten de inspanningen meer, maar de bedrijven, burgers en overheid moeten die opbrengen. Er is geen keuze.’

‘Met name bedrijven moeten betalen, want die hebben in het verleden geprofiteerd. De vervuiler betaalt. En ik ben bereid en in staat meer te betalen’

Er zijn juist grote bezwaren tegen die, volgens sommigen hoge, kosten.

‘De kosten hoeven niet heel hoog te zijn, en daar kunnen opbrengsten tegenover staan, zoals bij zonnepanelen. Maatschappelijke onrust, de gelehesjes-problematiek, kun je voorkomen door ongelijkheid tegen te gaan. Met name bedrijven moeten betalen, want die hebben in het verleden geprofiteerd. De vervuiler betaalt. En ik ben bereid en in staat meer te betalen. Nederland is hartstikke rijk en hartstikke gelukkig. We moeten misschien een beetje rijkdom inleveren voor het klimaat, voor gezondheidswinst en het behoud van soorten.’

 

Klimaatactivisten spiegelen ook een betere wereld voor als we anders gaan leven.

‘Ik heb het gevoel dat we niet allemaal oneindig rijker kunnen worden. We moeten ons meer richten op welzijn dan op groei. Je wordt de hele tijd opgejaagd door een bepaalde manier van denken: je moet meer publiceren, scherper concurreren en meer consumeren. Ik heb de overtuiging dat het nooit duurzaam kan zijn. We moeten af van die wegwerpmaatschappij.’

 

Lukt dat u zelf ook?

‘We doen het stap voor stap. We hebben zonnepanelen, ik fiets heel veel. Mijn man gaat iedere avond naar de plastic-bak om alles netjes weg te gooien. Toch is de vraag hoe ik minder plastic in huis kan halen als in de supermarkt alles in plastic ingepakt is. Onlangs moest ik in Pakistan lesgeven en ik heb besloten dat via Skype te doen. Maar als voorzitter van die groep die het VN-rapport over milieu schrijft, kan ik niet alles via Skype doen.’

Strijd om de toekomst

Klimaatverandering is volgens velen beslissend voor onze toekomst. Freelance journalist Addie Schulte onderzocht in zijn boek De strijd om de toekomst onder andere de omgang met het broeikaseffect. In een serie voor Folia spreekt hij wetenschappers van verschillende disciplines over de risico’s, kansen en dilemma’s rond klimaatverandering.

Wat kunnen studenten doen?

‘Ze kunnen onderzoek doen, bijvoorbeeld naar de vraag hoe een democratie een langetermijnprobleem kan oplossen. Is het mogelijk van olie af te gaan zonder grote financiële en geopolitieke risico’s? Studenten kunnen ook hun eigen gedrag aanpassen. Niet steeds een plastic flesje kopen, maar een duurzame waterfles meenemen. Ten derde kunnen ze misschien een sociale beweging op gang brengen, zoals we nu op middelbare scholen zien, de Youth for Climate-beweging. Zij zijn de jonge generatie, ze moeten voor zichzelf vechten en de oudere generatie ter verantwoording roepen. Zo’n beweging moeten ze wel zien vol te houden. Ik zou zeggen: sluit je aan, verenig je. We praten over hun aarde.’

Hebben ze daar nog tijd voor?

‘Nog tot 2050. Ik moet zorgen dat mijn studenten beseffen dat ze in 2050 geen fossiele brandstoffen meer kunnen gebruiken. En als het kan eerder, bijvoorbeeld omdat ontwikkelingslanden misschien meer tijd nodig hebben om fossielvrij te worden.’

 

Dit is de tweede aflevering in een vierluik waarin we met UvA-wetenschappers praten over klimaatverandering. Morgen spreken we met John Grin, hoogleraar beleidswetenschap, in het bijzonder systeeminnovatie. Lees hier de aflevering met docent aard- en klimaatwetenschap Bart Verheggen terug.