Foto: Publiek domein, bewerking Folia
wetenschap

Elvis leeft voort op muziekcongres aan de UvA

Stella Vrijmoed,
27 november 2018 - 12:18

Elvis leeft nog en Paul McCartney is dood. Het zijn slechts twee van de vele mythes in de muziekwereld. Deze week bespreken wetenschappers aan de UvA hun papers binnen het thema imaginary musicians tijdens het congres Elvis lives in Amsterdam. We interviewden de twee initiatiefnemers: Rutger Helmers en Oliver Seibt.

Waarom een congres over ‘denkbeeldige muzikanten’?

Seibt: ‘Omdat het leuk is! Haha.’

Helmers: ‘Het lijkt misschien in eerste instantie een van de pot gerukt idee om het over denkbeeldige musici te hebben. Maar het gaat tijdens de conferentie niet per se om musici die niet bestaan. Rondom muzikanten bestaan veel mythes, fantasieën, complottheorieën…’

Seibt: ‘…Paul McCartney is allang dood, Chet Baker is vermoord in plaats van gesprongen van zijn balkon…’

Helmers: ‘Wetenschappers probeerden deze mythes vaak te ontkrachten of juist te bewijzen. Maar waar wij geïnteresseerd in zijn is hoe deze mythes in onze cultuur functioneren. Muziekcultuur zit vol met verbeelding, fictie en roddels die het beeld dat wij hebben van bepaalde muzikanten bepalen. Het is een ideaal van sommige wetenschappers om al die ficties weg te strippen tot we de harde naakte werkelijkheid bereiken, maar zelfs áls dat al mogelijk is, is dat niet de vorm waarin artiesten opereren in onze cultuur. Al die ficties zijn juist voor een groot deel wat ze aan het publiek bindt en wat ze interessant maakt, wat leeft als het ware.’

‘Het maakt niet meer uit wat er met de echte Elvis is gebeurd. Deze Elvis-mythe, de imaginaire Elvis, leeft zijn eigen leven’

Hoe leeft Elvis in Amsterdam?

Helmers: ‘Elvis is overal. Hij is een iconisch figuur: mensen hebben een specifieke Elvis in gedachten, die Elvis in zijn witte Las Vegas-outfit. Er zijn festivals waar Elvis-imitators samenkomen, talloze films waar Elvis als figuur of imitator een rol speelt en winkels waar je Elvisparafernalia kunt kopen.’

Seibt: ‘Vorig jaar was er nog een Elvis-kerstevenement hier in Amsterdam. De stad hing vol met posters met Elvis erop. Mensen gingen daar echt heen.’

Foto: UvA
Oliver Seibt

Waarom?!

Seibt: ‘Dat is precies onze vraag! Het maakt niet meer uit wat er met de echte Elvis is gebeurd. Deze Elvis-mythe, de imaginaire Elvis, leeft zijn eigen leven. Meerdere levens eigenlijk. Ik denk dat muzikanten een medium hebben, de muziek, dat er bij uitstek in slaagt om de verbeelding te prikkelen. De imaginaire muzikant is de muzikant die in je hoofd hebt. Hoe je erover denkt, praat, schrijft. En dat hoeft helemaal niet overeen te komen met een echte muzikant op het podium. Er komt op de conferentie ook iemand praten over Hatsune Miku, dat is een met de computer gegenereerd animefiguur die als hologram optreedt. Zij is een heel grote ster in Japan.’

‘Een promovendus in religiestudies heeft onderzoek gedaan naar het fenomeen michaeling: het aanbidden van Michael Jackson’
Foto: UvA
Rutger Helmers

Wat betekent het voor muziek dat we nu virtuele muzikanten kunnen hebben? Gaat de echte muzikant dood?

Seibt: ‘Ik vraag me af of echte muzikanten wel zoveel echter zijn dan virtuele. Bij Hatsune Miku schrijft het publiek ook liedjes voor haar. Fans kunnen bijdragen aan het product, de muzikant is eigenlijk een product van samenwerking. En ik denk dat dat voor alle muzikanten waar is in meer of mindere mate.’

Helmers: ‘Dit is gewoon een heel extreem geval. Echte muzikanten doen zich ook als een bepaalde persoon voor. Ze zijn ook een soort acteurs. Je zou kunnen zeggen dat Gorillaz (een virtuele band die zichzelf presenteert door middel van animaties) vooral een heel duidelijk fictieve versie is van wat bijvoorbeeld Madonna deed in de jaren tachtig: zij zette in haar clips en haar shows ook een personage neer. En dat was niet per se haar persoonlijke zelf.’

 

(Lees verder onder de afbeelding)

Foto: frikitiki (cc, via Flickr)
Michael Jackson en zijn aapje Bubbles (kunstwerk van Jeff Koons)
‘Muzikale helden worden een soort van goden’

Hebben we muzikanten dan nodig als een soort rolmodel?

Helmers: ‘Het is in elk geval een belangrijk element in onze muziekcultuur. Ik ben gespecialiseerd in negentiende-eeuwse muziek. Toen begon de waardering van muziek steeds meer religieuze trekken te vertonen. Concertzalen zagen eruit als tempels, grote componisten als Beethoven werden bijna als goden gepresenteerd. En nu wordt Elvis aanbeden. Muzikale helden worden een soort van goden, die rol kunnen ze vervullen, ja. Maar je kunt je natuurlijk afvragen of het de muzikanten zelf zijn die hier aanleiding toe geven, of dat het komt vanuit de behoeftes en interesses van de fans.’

Ik zag dat er tijdens de conferentie ook iemand over Michael Jackson gaat praten. 

Seibt: ‘Ja, dat is een promovendus in religiestudies die onderzoek heeft gedaan naar het fenomeen michaeling: dat is het aanbidden van Michael Jackson. Sommige mensen zijn echt geobsedeerd door hem en maken een soort pelgrimstocht langs alle plekken die met hem te maken hebben. Mensen geloven echt dat een muzikant een bepaalde plek heilig kan maken. De muzikant overstijgt haast real life. Ik denk dat dat een belangrijke dimensie is voor muzikanten.’

Helmers: ‘Ja, ze geven betekenis aan ons leven. Zonder dat ze het zelf door hebben. Het is een gekke situatie.’

 

Er hoort ook nog een expositie bij de conferentie.

Helmers: ‘Ja. Onze collega Hans Romp kon echt een miljoen interessante voorbeelden vinden van muzikanten in stripverhalen. Die stellen we als object tentoon, of we lichten een bepaald stuk van de inhoud eruit. Je hebt heel veel strips waarin er een muzikant ineens op één plaatje staat, of soms een rol speelt in de strip. De mythologie van die artiest wordt dan meegenomen om zo’n strip een extra laag te geven. Bijvoorbeeld The Beatles die ineens voorbijkomen in de strip Asterix in Britain. Of muzikanten die als superhelden tegen het kwaad vechten.’

 

(Lees verder onder de afbeelding)

Foto: Afbeelding uit stripboek ‘Asterix in Britain’ (1965)
The Beatles bij Asterix en Obelix

Wat staat er nog meer op het programma?

Seibt: ‘Een pianiste, Joyce Hatto, die beroemd was geworden zonder dat ze ooit een noot had gespeeld.’

Helmers: ‘Ja, dat waren gewoon opnames van anderen die ze geknipt en geplakt had. En je hebt bijvoorbeeld Rosemary Brown in de zeventiger jaren, zij was een medium en “ontving” composities van dode componisten in haar hoofd, zoals ze zelf beweert.’

Seibt: ‘Ik vind ook het paper over Diana Ross leuk. Die onderzoeker analyseert imitators van Diana Ross in Las Vegas met wie Ross samen optreedt. Hij vraagt zich af of dat optreden van haar niet een self-impersonation is. Die imitators lijken veel meer op de vroegere Diana Ross dan zijzelf nu.’

Helmers: ‘Ik denk dat het programma heel mooi laat zien dat de imaginary musician zich op zoveel verschillende manieren manifesteert. Films over musici, literatuur, hologrammen, artiesten die nooit bestaan hebben, mensen die dode componisten kanaliseren, fans die dode musici vereren op allerlei manieren. We zijn met z'n allen veel meer met denkbeeldige muzikanten bezig dan je op het eerste gezicht zou denken.’

De conferentie ‘Elvis lives in Amsterdam: manifestations of the imaginary musician’ bestaat uit zeven panels en vindt plaats van donderdag 29 november t/m zaterdag 1 december in de Doelenzaal in de Universiteitsbibliotheek, Singel 425. Keynote sprekers zijn Lydia Goehr (donderdag 17:30), Nick Prior (vrijdag 14:00) en Nicholas Cook (zaterdag 16:00). Klik hier voor het volledige programma.