Foto: Fotograaf onbekend (Anefo)
wetenschap

‘Andragologen zijn vaak heel goed terechtgekomen’

Dirk Wolthekker,
7 september 2018 - 12:01

Het komt niet vaak voor, maar volgende week vindt een promotie plaats over de opheffing van een wetenschappelijke discipline. Promovendus en socioloog Maaike de Boois deed onderzoek naar de opkomst en opheffing van andragologie, dat werd opgeheven in 1983. ‘De multidisciplinaire aanpak en benadering van problemen van andragologogen blijkt tegenwoordig effectief.’

Wie weet nog wat de andragologie is? De bestuursvoorzitter van de UvA, Geert ten Dam, weet het ongetwijfeld, maar zij is dan ook andragoloog. Promovendus Maaike de Boois schiet alle anderen te hulp. Zij promoveert volgende week op de geschiedenis van een verloren wetenschappelijke discipline die furore maakte tussen 1950 en 1983 en daarna roemloos ten onder ging en in de vergetelheid raakte, al bestaat er aan de UvA een bloeiende alumnikring andragologie.

Foto: Privéarchief Maaike de Boois

Wat is andragologie eigenlijk?

‘Strikt genomen is het de wetenschap van het sociaal en educatief werk. Daaronder vallen allerlei werksoorten, zoals het gezins- en vormingswerk, het opbouwwerk, het buurtwerk, het sociaal en maatschappelijk werk en de volwasseneneducatie. Het is een wetenschappelijke discipline die rond 1950 is ontstaan in een sfeer van naoorlogse scholingsdrang, het streven naar welvaart en welzijn, het groeiende geloof in de maatschappelijke bijdrage van wetenschappen en de vrees voor het verlies van de menselijke waarden door voortschrijdende industrialisatie. De man van het eerste uur was Tonko ten Have, een humanist die krachtig leiding gaf aan de andragologie. Hij bekleedde in 1966 als eerste de leerstoel andragologie aan de UvA en bezorgde het vakgebied een vliegende start.’

 

Hoe ging het verder?

‘Twee jaar later kon je al aan zes universiteiten andragologie studeren. Weer twee jaar later werd de wetenschap opgenomen in het Academisch Statuut en was de formele erkenning een feit. De andragologie werd in het statuut omschreven als een wetenschap die tot voorwerp van studie en onderzoek heeft “de deskundige hulpverlening aan en de vorming van volwassenen”. Andragologie moest een discipline zijn op basis van onderwijs, onderzoek en praktijk met het doel om het handelen van professionals in de welzijnssector te verbeteren.’

Foto: Bert Verhoeff (Anefo)
Een werkgroep van welzijnswerkers houdt een speciaal spreekuur voor Surinaamse Nederlanders in het Mozeshuis

Wat vaag.

‘Dat was het ook. Andragologie kende een multidisciplinaire aanpak en dat bracht als het ware automatisch die vaagheid voort. In essentie kwam het erop neer dat het maatschappelijk werk en de volwasseneneducatie een theoretische onderbouwing kregen. Er kwam als het ware een theoretische paraplu boven te hangen. Althans: dat was de bedoeling.’

 

Dit klinkt helemaal jaren zeventig.

‘Toen was de andragologie ook erg populair. Het vakgebied is helemaal ingekleurd in die tijd. Er was onder studenten enorm veel interesse voor en het aantal studenten groeide enorm.’

‘Het opheffen van een hele wetenschappelijke discipline is een zeldzaamheid’

Waarom hebt u de geschiedenis van de andragologie willen onderzoeken?

‘Het heeft mij altijd gefascineerd hoe de maatschappelijke verbeteringsambitie van de andragologie zich verhoudt tot de hang naar academische erkenning. Dat laatste bleek een moeizaam proces. Zo moeizaam dat de andragologie als wetenschappelijke discipline dertien jaar na de formele erkenning in 1970 ook weer verdween.’

 

Waardoor mislukte de andragologie als wetenschappelijke discipline?

‘De succesfactoren bleken uiteindelijk ook de faalfactoren. Er was een grote toeloop van studenten, de democratisering van de universiteiten kwam op gang. One man, one vote, was daarbij het adagium. In die sfeer was het onmogelijk om een overkoepelende structuur te creëren die nodig is om een wetenschap tot ontwikkeling te brengen. De verschillende meningen en inspraakmogelijkheden voor allen zorgden intern voor veel discussies. Dit leidde ertoe dat grondlegger Ten Have zich terugtrok uit de andragologie, waardoor er ook niemand meer was die de wetenschappelijke kar trok. Probleem was ook dat de andragologie een internationale evenknie ontbeerde, waardoor er geen voorbeeld was waar men zich aan kon optrekken. Op praktisch niveau raakte het welzijnswerk bovendien omstreden omdat de effectiviteit moeilijk aantoonbaar bleek.’

 

Ondanks die mislukking ken ik tenminste één andragoloog die zeer succesvol is: collegevoorzitter Geert ten Dam.

‘Maar zij is zeker niet de enige andragoloog die heel goed is terechtgekomen. Hun multidisciplinaire aanpak en benadering van problemen blijkt tegenwoordig effectief.’

 

Moet de andragologie als discipline in ere worden hersteld?

‘Dat zie ik niet zomaar gebeuren, en het is ook de vraag of het nodig is. Er gebeurt zoveel op het gebied van wetenschappelijke multi- en interdisciplinariteit dat ik niet denk dat daar een wetenschappelijke paraplu boven hoeft te hangen.’

 

Moeten we nu ook promovendi zetten op de opheffing van Roemeens of Hongaars?

‘Dat zijn meer opleidingen, geen zelfstandige disciplines. Er worden natuurlijk weleens opleidingen opgeheven, maar het opheffen van een hele wetenschappelijke discipline is een zeldzaamheid. De parapsychologie is volgens mij ook opgeheven als wetenschappelijke discipline, evenals vrijetijdskunde. Maar dat zijn de enige die ik zo kan bedenken.’

 

Maaike de Boois hoopt op woensdag 12 september te promoveren op haar proefschrift. Discipline zonder discipline. De opkomst en opheffing van andragologie 1950-1983. De plechtigheid vindt om 13.00 uur plaats in de Aula - Oude Lutherse Kerk.