Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
Foto: Lindsay Moe
opinie

Op z'n Duits | Als wetenschapper heb je meer aan koriander dan aan homo’s

Linda Duits,
13 september 2019 - 07:14

Of je koriander lust, schijnt genetisch bepaald te zijn. Het is meer dan een voorkeur, het is gepolariseerd. Je vindt het heerlijk, of het smaakt naar zeep. Een beetje lekker bestaat niet. Wetenschappers hebben desalniettemin nooit gezocht naar het koriander-gen, waarom zouden ze. Toch zou die zoektocht relevanter zijn dan de bestaande, verwoede pogingen een homo-gen te isoleren.

Wetenschappers jagen al decennia lang op biologische verklaringen voor homoseksualiteit. De seksuele oriëntatie is gezocht in het brein, in chromosomen, in feromonen, en natuurlijk in de genen. Deze zomer was het groot in het nieuws dat een ‘homo-gen’ niet bestaat. Een multidisciplinair team, waarin ook sociologen en psychiaters zaten, onderzocht een gigantische steekproef en stelde vast dat slechts zo’n 8 tot 25 procent van homoseksueel gedrag verklaard kan worden vanuit de genen.

 

Het gaat daarbij niet om één gen, maar om een combinatie. Bovendien zijn er verschillen tussen mannen en vrouwen. Genetische invloeden overlappen ook nog eens met psychologische kenmerken, zoals ‘openstaan voor nieuwe ervaringen’ en bepaalde gedragingen zoals roken. Voor sociaalwetenschappers zal dit geen verrassing zijn, maar ik kan me voorstellend dat de betà’s onder ons vreselijk gefrustreerd raken van dit zooitje.

‘Het bestaan van biseksualiteit is een doorn in het oog van wetenschappers die homoseksualiteit biologisch willen bewijzen’

Seksualiteit is dan ook een ingewikkelder begrip dan zij denken. Wat we door de eeuwen heen hebben verstaan onder homoseksualiteit varieert. Homo zijn verschilt trouwens ook per cultuur. Daardoor weten we dat hoe aantrekking tot hetzelfde geslacht vorm krijgt, niet stabiel is. Zoeken naar biologische oorzaken voor een fenomeen zonder dat fenomeen goed te begrenzen is bouwen op drijfzand, zo weet iedere eerstejaars student die statistiek heeft gehad.

 

In tegenstelling tot koriander lusten, is aantrekking tot hetzelfde geslacht geen dichotomie. Ja, er zijn mannen die het alleen met mannen doen en die het hele idee van een vulva versmaden. Maar er zijn ook mannen die het het liefst met mannen doen, maar die een kutje op z’n tijd best lekker vinden. Of mannen die eerst plezierig seks met vrouwen hadden, maar daarna met een man trouwden en sindsdien alleen nog maar piemels tot zich hebben genomen.

 

Seksualiteit van vrouwen is nog veel meer fluïde. Dat kan komen omdat het stigma voor ons minder groot is. Bij homo’s is het toch een beetje dat als je één piemel hebt genoten, je direct bij de club moet. Voor vrouwen is het acceptabeler om van het hele spectrum te snoepen. Het bestaan van biseksualiteit is een doorn in het oog van wetenschappers die homoseksualiteit biologisch willen bewijzen. Het is alsof je zoekt naar het gen voor roze of blauw als lievelingskleur hebben, en dat dan blijkt dat er nog een heleboel andere lievelingskleuren zijn die soms veranderen en vaak samenvallen.

‘Het heeft homo’s en lesbiennes politiek veel gebracht om te kunnen zeggen dat hun seksuele voorkeur aangeboren is, en dus niet afgeleerd kan worden’

Maurits de Bruijn schreef in augustus een prachtig essay voor de Volkskrant waarin hij het ‘born this way’-argument evalueert. Het heeft homo’s en lesbiennes politiek veel gebracht om te kunnen zeggen dat hun seksuele voorkeur aangeboren is, en dus niet afgeleerd kan worden. Maar, zo stelt hij, ‘de implicatie dat alleen een genetische verklaring reden tot acceptatie vormt’ is schadelijk. ‘Het wekt de suggestie dat …  activisten geen beter argument kunnen formuleren tegen stigmatisering en discriminatie.’

 

Wroeten in de genen doet geen recht aan de realiteit van seksualiteit, en we moeten ons afvragen waarom we dat precies willen. Wat zou welk inzicht ons brengen? Zulke vragen stellen we immers ook – zo neem ik aan – als het gaat om het financieren van vervolgonderzoek naar korianderbelevenis.

 

Vanwege de dichotome aard daarvan is dat onderzoek trouwens wel kansrijk. Bovendien zie ik daar duidelijke voordelen. Ik ben uiteraard tegen eugenetica en ik wil geeneens kinderen, maar het lijkt me hartstikke handig van te voren te verordenen dat je kind later gewoon geniet van de Mexicaanse en Marokkaanse keuken.

 

Linda Duits is een weggelopen wetenschapper, gespecialiseerd in populaire cultuur; in het bijzonder op het gebied van gender en seksualiteit.

Lees meer over