De onderwijsinspectie gaat het financiële beleid van de UvA de komende jaren monitoren. Dat meldt onderwijsminister Jet Bussemaker in reactie op vragen van SP-Kamerlid Jasper van Dijk.

Volgens Bussemaker ziet de inspectie ‘op grond van de financiële positie vooralsnog geen acute risico’s voor de continuïteit van de UvA’. Maar omdat de schuld van de UvA in 2018 naar verwachting verdubbeld zal zijn ten opzichte van 2013 (destijds ruim 205 miljoen euro), gaat de inspectie de ontwikkelingen aan de UvA de komende jaren wel monitoren. Een andere reden daarvoor is dat de solvabiliteit - het percentage eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen - van de UvA in 2017 naar verwachting onder de 30 procent zakt. Dat is het percentage dat de onderwijsinspectie als ‘signaleringsgrens’ heeft aangeduid.

Daarnaast heeft Bussemaker de inspectie opdracht gegeven onderzoek te doen naar het huisvestingsbeleid van onderwijsinstellingen in het algemeen. In reactie op de specifieke situatie aan de UvA meldt ze dat huisvestingsuitgaven ‘er niet toe mogen leiden dat de kwaliteit en de continuïteit van het onderwijs bij de faculteiten onder druk komen te staan’.

Transparant
Op de vraag van Van Dijk of het College van Bestuur voldoende transparant is over de financiële huishouding, antwoordt Bussemaker dat ze tot dusver geen signalen heeft ontvangen dat het jaarverslag van de UvA niet aan de heersende normen voldoet. Wel benadrukt ze dat het CvB ‘tijdig aan het medezeggenschapsorgaan alle inlichtingen moet verschaffen die het orgaan nodig heeft om de financiële huishouding voldoende te kunnen doorgronden’.

Verder meldt Bussemaker dat ze geen aanwijzingen heeft dat de UvA op het gebied van tijdelijke aanstellingen illegale constructies hanteert, maar noemt ze het wel een punt van zorg dat het voor alle universiteiten steeds moeilijker wordt om vaste aanstellingen te verstrekken.

Update 13 mei 2015 15:45 uur De UvA zegt dat de financiële situatie al veel wordt gecontroleerd. 'We hebben een eigen accountant en we worden ook gecontroleerd door de accountant van het ministerie,' laat woordvoerder Bart Bakker weten. 'Nu komt daar de onderwijsinspectie bij. Daar gaan we de komende tijd gesprekken mee voeren.' Hij gaat er van uit in dat er geen lijken uit de kast vallen. 'We hebben er vertrouwen in dat er geen bijzondere zaken aan het licht komen.'