Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
Een wapperapplaus was afwezig, net zoals zogenaamde temperature checks. Maar de onderwerpen en opvattingen die studenten en medewerkers van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid (FdR) vanmiddag tijdens een facultaire bijeenkomst naar voren brachten leken opvallend veel op die van de bezetters in het Maagdenhuis.

De discussie was georganiseerd door decaan Edgar du Perron, als reactie op de bezettingen en daaropvolgende discussies. Eerder sprak Du Perron zich al uit vóór de herinvoering van de faculteitsraad, waarin de medezeggenschapsraden van studenten en docenten samen komen. Die wens herhaalde hij vanmiddag. ‘Dat de raden gesplitst zijn levert vaak problemen op. De belangen van studenten botsten soms met die van docenten, bijvoorbeeld als het gaat om nakijktermijnen. Het zou erg helpen als men daarover eerst overeenstemming bereikt, en vervolgens naar het bestuur komt.’

Wel gaf Du Perron meteen aan één grote zorg te hebben bij het vergroten van de macht van zo’n raad: het moet wel bestuurbaar blijven. Volgens hem moet een dergelijke raad dan ook geen beleidstaken krijgen, maar primair de taak van controlerende macht vervullen.

Doorheen drukken

Dat niet iedereen het daarmee eens was, bleek tijdens de meer dan twee uur durende discussie. Zowel studenten als docenten gaven aan uiteindelijk ook beslissende macht bij een faculteitsraad neer te willen leggen. Een lid van de studentenraad gaf aan nu vaak het idee te hebben dat beleid er ‘doorheen wordt gedrukt.’ Een ‘gewone’ student gaf ondertussen aan geen idee te hebben wat er überhaupt speelt op de faculteit en daarvan ook niet op de hoogte te worden gebracht. ‘Heb je wel eens geprobeerd in de studentenraad te komen?’ kaatste een raadslid daarop terug.

Dat de medezeggenschap echter ook niet altijd optimaal functioneert, legde oud-CSR-voorzitter Sam Quax uit. ‘Driekwart van de tijd zit je te wachten op informatie. Als de stukken dan eindelijk komen zijn ze óf vertrouwelijk, óf het schaadt ook je eigen onderhandelingspositie om erover naar buiten te treden.’

Op de huidige manier werkt het niet: daar leek men het over eens. Maar hoe dan wel? Een referendum, werd geroepen. Maar is dat wel uitvoerbaar, vroeg gespreksleider Adrienne de Moor zich af. ‘Zo’n verhuizing naar het Roeterseiland, als we daar dan allemaal tegenstemmen: wat dan?’ Het raakte volgens velen precies de kern van het probleem: dat haast iedereen tegen dergelijke besluiten is, maar ze niettemin doorgaan. Reden voor verschillende docenten om te pleiten voor een gekozen faculteitsraad met agendarecht, budgetrecht en vetorecht. Bovendien zou zo’n raad het faculteitsbestuur en de decaan moeten kiezen. Een vliegensvlugge peiling in de zaal bracht het gros van de handen daarvoor de lucht in.

Dappere geesteswetenschappers

Du Perron onderstreepte dat ook de macht van de decaan beperkt is. ‘Het CvB is gewoon de baas: zo simpel is het.’ Hij gaf aan bepaalde besluiten ook te betreuren, zoals de invoering van het beruchte 8-8-4systeem. ‘Als ik ergens spijt van heb, dan is het dat ik toen niet ben afgetreden. Dat had gewoon nooit ingevoerd mogen worden.

Ook benadrukte hij dat dit kwesties zijn die de hele UvA aangaan, en men zich niet alleen op  de rechtenfaculteit moet richten. Dat beaamden mensen, hoewel er ook een student was die vreesde dat de geesteswetenschappers nu dankzij hard schreeuwen meer toebedeeld krijgen. ‘Het is wel dankzij die dappere mensen bij geesteswetenschappen dat wij hier nu staan,’ bracht een ander in. Tegelijkertijd sprak aanwezige hoogleraar geschiedenis Guy Geltner zijn jaloezie uit, over de discussie die op de rechtenfaculteit zo openlijk met de decaan gevoerd kon worden. ‘Laten we dit momentum gebruiken om als alle faculteiten gezamenlijk op te trekken voor meer inspraak en geld.’

Naast medezeggenschap kwamen ook onderwijskwaliteit, het allocatiemodel en het beruchte ‘rendementsdenken’ aan de orde. Het niveau van de discussie lag, mede door de juridische kennis van de aanwezigen, hoog. Dat stelde ook een docent vast. ‘Zelfs als de mogelijkheden bij wet nog beperkt zijn, dan ligt hier voor ons bij uitstek een taak om met gezag een wetswijziging te initiëren.’

Wat de volgende stappen aan de FdR zullen zijn bleef echter onduidelijk. Een voorgestelde vervolgbijeenkomst voor volgende week werd nog niet vastgelegd. Wel beloofde Du Perron in samenspraak met de medezeggenschap te gaan bekijken wat de mogelijkheden voor een faculteitsraad zijn. Een vervolgbijeenkomst komt er bovendien sowieso, onder meer om het facultaire profiel te bespreken.