Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
UvA nog steeds in trek bij internationale student – maar hoe lang nog, is de vraag
Foto: Marc Kolle
actueel

UvA nog steeds in trek bij internationale student – maar hoe lang nog, is de vraag

Matthias van der Vlist Matthias van der Vlist,
13 januari 2026 - 08:00

Het aantal internationale studenten aan de UvA nam dit jaar nog maar een ietsje toe. Waar veelal wordt vermoed dat dit komt door het ontmoedigingsbeleid van de overheid, kan er ook iets anders gaande zijn: andere Europese landen jagen met succes op internationals en bieden ook steeds meer Engelstalige opleidingen aan.

Amsterdam staat nog steeds op plek één als stad waar het meeste Engelstalige hoger onderwijs wordt aangeboden in Europa, mits je Britse en Ierse steden buiten beschouwing laat. Dit blijkt uit cijfers van de British Council, de Britse organisatie die culturele uitwisseling in onderwijs stimuleert. Het is eigenlijk geen wonder dat zoveel internationale studenten Amsterdam weten te vinden met het ruime aanbod Engelstalige studies. De vraag is alleen hoe lang nog, want het buitenland mengt zich steeds vaker in de concurrentiestrijd om de internationale student.
 
Vorige maand werd bekend dat het aandeel internationale studenten bij de UvA opnieuw ietsje is gestegen, al lijkt die stijgende lijn wel af te vlakken. Het totale aantal studenten nam voor het eerst in tien jaar af. Voor de UvA is daling in de studenteninstroom een opluchting. ‘We wilden niet verder groeien,’ zei rector magnificus Peter-Paul Verbeek twee maanden geleden. De internationalisering is geen probleem an sich voor universiteiten, zei al in 2022 toenmalig UvA-bestuursvoorzitter Geert ten Dam. Het probleem zat niet zo zeer in de internationale samenstelling van de studentenpopulatie, maar in de snelle en aanhoudende groei van het totale aantal studenten, meende Ten Dam. Die groei (tot mogelijk 55.000 studenten) zou volgens haar ten koste dreigen te gaan van de onderwijskwaliteit.

 

Nederland remt, de rest van Europa rukt op
In heel Nederland neemt het aandeel internationale studenten gemiddeld juist af. Dat kan komen doordat andere landen inmiddels actief inzetten op het aantrekken van internationale studenten door hun aanbod Engelstalig onderwijs te vergroten.

De buitenlandse concurrentie is bezig met een inhaalslag: van landen in de Europese Economische Ruimte (EER) zijn tussen 2019 en 2024 vooral Italië, Portugal en Frankrijk flink meer Engelstalig universitair onderwijs aan gaan bieden

In 2017 stond Nederland nog bovenaan in het aanbod Engelstalig hoger onderwijs van alle landen in Europa buiten het Verenigd Koninkrijk en Ierland, blijkt uit een rapport van de KNAW. Momenteel zijn bij de UvA 25 van de 64 bacheloropleidingen in het Engels, inclusief zeventien studies die tweetalig zijn en dus ook in het Nederlands te volgen zijn. En 72 van de 94 (onderzoeks)-mastersExclusief duale masteropleidingen, masteropleiding leraar voorbereidend hoger onderwijs en post-initiële masteropleidingen zijn Engelstalig. Maar de buitenlandse concurrentie is bezig met een inhaalslag: van landen in de Europese Economische Ruimte (EER) zijn tussen 2019 en 2024 vooral Italië, Portugal en Frankrijk flink meer Engelstalig universitair onderwijs aan gaan bieden. Ook Duitsland heeft Nederland inmiddels ingehaald in haar Engelstalig aanbod. Dit volgt uit hetzelfde rapport van de British Council. Waarom dus nog langer naar Nederland of de UvA gaan als de Engelstalig opleiding die je zo graag zou willen volgen ook in het Engels in Duitsland of Frankrijk wordt aangeboden, waar studentenhuisvesting bijvoorbeeld een beduidend minder groot probleem is.

Waarom er minder internationale studenten komen

Volgens een rapport uit 2025 van Nuffic zijn er drie mogelijke oorzaken waarom universiteiten in Nederland minder internationale studenten aantrekken:

 

1.     Sinds 2022 moeten Nederlandse universiteiten stoppen met wervingsactiviteiten gericht op internationale studenten, met uitzondering van bepaalde studierichtingen waar arbeidstekorten zijn.
2.     Universiteiten nemen zelf al maatregelen in voorbereiding van het wetsvoorstel Wet internationalisering in balans (Wib). In samenspraak met koepelorganisatie Universiteiten van Nederland (UNL) had de UvA besloten te stoppen met de Engelstalige tracks van de bachelor psychologie.
3.     Het politieke en maatschappelijke debat in Nederland rondom onder andere (kennis)migratie zou internationale studiekiezers doen twijfelen aan een studie in Nederland.


Daarnaast zegt een woordvoerder van de Duitse tegenhanger van Nuffic, DAAD, tegen Folia dat Duitse studenten minder voor Nederland kiezen ‘omdat ze zich zorgen maken of ze wel een kamer kunnen vinden.’ Duitsers zijn de grootste groep internationals in Nederland volgens Nuffic.

De strijd om internationale studenten werpt in andere landen inmiddels zijn vruchten af. De afgelopen vijf jaar wisten internationale studenten steeds beter andere landen in Europa te vinden. In Duitsland bijvoorbeeld komt nu negentien procent meer buitenlandse studenten dan vijf jaar terug, blijkt uit cijfers van Study in Germany, de Duitse organisatie die studenten voor een studie in Duitsland werft. Frankrijk zag de afgelopen vijf jaar zeventien procent meer internationals, blijkt uit cijfers van gelijksoortige organisatie Campus France. En ook is er een grotere aanwas internationale studenten in bijvoorbeeld Portugal en Polen.
 
Een woordvoerder van Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationalisering van het onderwijs, zegt dat de Nederlandse overheid al jaren niet meer in zet op de groei van internationale studenten, terwijl andere landen dit wel doen. Sterker nog, er is een heuse wet in aantocht, de Wet internationalisering in balans (Wib), waarmee de overheid de instroom van internationale studenten probeert te beteugelen. In het oorspronkelijke voorstel zouden opleidingen aan een taaltoets worden onderworpen. Opleidingen zonder aantoonbare noodzaak voor Engelstalig onderwijs zouden dat dan niet langer mogen doen. Het plan om bestaande opleidingen te toetsen is geschrapt, maar voor nieuwe opleidingen zou zo’n toets nog wel kunnen gelden.
 
Daar staat tegenover dat andere landen juist inzetten op groei van hun internationale studentenpopulatie. Zo heeft Frankrijk het doel een half miljoen internationale studenten te ontvangen in 2027. Ook Japan aast op meer; de ambitie is vierhonderdduizend internationale studenten voor 2033.
 
Ten slotte wordt de concurrentie om internationale studenten aangescherpt doordat het aantal studenten in veel landen afneemt, zegt een woordvoerder van Nuffic. De wereld vergrijst, ook in Europese landen waar veel van de internationale studenten in Nederland vandaan komen. En dat betekent dat er de afgelopen decennia steeds minder kinderen geboren werden. Gevolg: ook minder studenten. Hierdoor zal de concurrentie in Europa om internationale studenten aan te trekken nog sterker worden doordat het totale aantal studenten uit voor Nederland belangrijke landen afneemt.
 
Dus: Nederland trapt bewust op de rem terwijl andere landen juist hun Engelstalig aanbod vergroten en meer internationale studenten proberen aan te trekken. Het zijn daarmee niet alleen de mogelijke Wib-maatregelen die internationale studenten weren, maar ook de concurrenten die juist een tandje bijzetten in de strijd om de internationale student.

Internationalisering onder druk: zegen of zorg?
 De vraag is hoe erg het is dat internationale studenten steeds minder de weg zullen vinden naar Amsterdam. De opleiding psychologie trekt al jaren veel internationale studenten en kent een Engelstalige track, maar de toekomst daarvan is niet zeker. De opleiding vreesde de taaltoets van de Wib niet te kunnen doorstaan en het was dus al langer de vraag of de opleiding psychologie in het Engels aangeboden kon blijven worden. Eventuele afschaffing van de Engelstalige track hangt af van de nog niet ingevoerde Wib.
 
Ingmar Visser, universitair hoofddocent ontwikkelingspsychologie en directeur van het college psychologie, noemde al eerder dat hij het een zorgelijke ontwikkeling vindt dat de instroom van internationale studenten verder afneemt. Volgens Visser raakt dat allereerst de zogeheten international classroom. ‘Wetenschap is een internationaal fenomeen en is gebaat bij open grenzen, uitwisseling en diversiteit in je studentenbestand,’ zegt hij. Als gevolg van minder internationale studenten in het klaslokaal hebben studenten een minder diverse ervaring.

‘Wetenschap is een internationaal fenomeen en is gebaat bij open grenzen, uitwisseling en diversiteit in je studentenbestand’

Daarnaast stelt Visser ook dat onderwijs en onderzoek beter worden van meer kennisuitwisseling met andere universiteiten in het buitenland. Tegelijk benadrukt Visser dat universiteiten niet volledig internationaal moeten worden. ‘Je moet ook toegankelijk blijven voor studenten uit de buurt, anders verlies je de binding met je stad en land.’

De groeiende internationale competitie tussen universiteiten om studenten hoeft echter geen nadeel te zijn voor het hoger onderwijslandschap. In zijn afscheidscollege in 2022 betoogde de voormalige decaan van de Faculteit Economie en Bedrijfskunde Han van Dissel dat concurrentie om internationale studenten universiteiten dwingt om beter te worden. ‘De internationale concurrentie om studenten stimuleert kwaliteit, innovatie en differentiatie van universiteiten’, aldus Van Dissel toen.

Minder internationals = minder middelen?
Maar is het niet zo dat met het wegblijven van internationale studenten, er minder geld overblijft voor de UvA? Studenten van buiten de EER, Zwitserland en Suriname betalen een fors bedrag aan collegegeld, vaak tussen de twintigduizend en 35.000 euro afhankelijk van de studie. Voor een Nederlandse of Europese student, krijgt de UvA een vastgesteld bedrag van het rijk. De prognose van deze rijksbegroting per student in 2025 bedroeg 13.661 euro volgens koepelorganisatie Universiteiten van Nederland.
 
In 2025/2026 bleek de groep studenten van buiten de EER juist te dalen ten opzichte van het jaar daarvoor; met bijna acht procent. Hoe belangrijk de groep niet-EER studenten zijn voor de inkomsten, verschilt per universiteit. Bij de UvA ligt het aandeel van de inkomsten van niet-EER-studenten het allerhoogst in Nederland, zeven procent van de totale inkomsten. Dit berekende accountancy kantoor PwC voor 2026.
 
Daarmee is de UvA het meest afhankelijk van elke universiteit van studenten buiten de EER. PwC berekende de verwachte impact bij een daling van tien procent van het aantal niet-EER studenten voor universiteiten in 2026. Deze was dan ook het hevigst bij de UvA: dat zal zorgen voor het gemis van zeven miljoen euro. Als alle niet-EER studenten zouden verdwijnen, veroorzaakt dat bijna zeventig miljoen euro gemiste inkomsten.

Bij de UvA ligt het aandeel van de inkomsten van niet-EER-studenten het allerhoogst in Nederland
‘Het hoger onderwijs zal onvermijdelijk moeten snijden’

Visser maakt zich hierom zorgen en zegt dat ‘het hoger onderwijs onvermijdelijk zal moeten snijden’ als minder internationale studenten instromen. Volgens Visser doen de financiële gevolgen van minder internationale studenten af aan de kwaliteit van het onderwijs. ‘Specialisaties of keuzevakken worden dan te klein om overeind te houden.’ Ook zouden dan duurdere werkgroepen kunnen verdwijnen en alleen nog hoorcolleges overblijven. Dat leidt volgens Visser tot minder keuzeruimte voor studenten en minder intensief onderwijs, en uiteindelijk tot kwaliteitsverlies.

Reactie UvA
De aanname dat een internationale student buiten de EER de UvA financieel meer oplevert dan een Europese of Nederlandse student ‘klopt niet’, volgens een woordvoerder van de UvA. Niet-EER-studenten betalen het ‘instellingscollegetarief’ dat kostendekkend is en per opleiding wordt vastgesteld op basis van de werkelijke kosten. De woordvoerder noemt het vooral onwenselijk als het totaal aantal studenten plotseling af zou nemen. Daardoor kunnen bepaalde specialisaties en keuzevakken moeilijker overeind blijven en komt er minder ruimte voor investeringen in onderwijskwaliteit, personeel en faciliteiten.
 
Volgens de van de UvA-woordvoerder is er overigens op dit moment nog helemaal geen sprake van een dalende trend in het aantal internationale studenten aan de universiteit. De verwachting van de UvA is juist dat het aantal Nederlandse studenten af zal nemen als gevolg van de demografische ontwikkeling dat er de komende jaren minder jongeren zijn rond de achttien jaar. Volgens Nuffic speelt deze ontwikkeling echter ook buiten Nederland, waardoor hun verwachting is dat de totale groep internationale studenten ook af zal nemen. Hoe lang internationale studenten in groten getale de UvA weten te vinden, blijft daarmee onzeker.

Podcast De Illustere Universiteit - Artikel
website loading