Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
Foto: Scott Winterroth (via Unsplash)
actueel

Autoriteit Persoonsgegevens onderzoekt proctoring

Sterre van der Hee,
5 juni 2020 - 12:42

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) doet onderzoek naar de veiligheid van surveillanceprogramma’s en videobelsystemen op de UvA en op andere onderwijsinstellingen. De AP kreeg een ‘grote hoeveelheid signalen’ van mensen die zich zorgen maken. 

Met het onderzoek wil de AP uitvinden hoe universiteiten en hogescholen omgaan met de verwerking van persoonsgegevens via videobelsystemen en online proctoringprogramma’sEen proctoringprogramma ‘surveilleert’ via de webcam en microfoon terwijl de student op de computer een tentamen maakt. Proctorio, het programma dat de UvA gebruikt, detecteert bijvoorbeeld rondslingerende boeken, mensen in de kamer en toetsaanslagen. Dat doet het om fraude te voorkomen.. Zo mogen systemen niet meer gegevens verwerken dan noodzakelijk en moeten studenten en medewerkers ‘in begrijpelijke taal’ worden geïnformeerd over de dataverwerking. Onderwijsinstellingen moeten in het onderzoek aantonen in hoeverre zij werk maken van de bescherming van privacy van hun studenten. ‘In tegenstelling tot in de normale lespraktijk kunnen beelden nu makkelijk worden opgeslagen en verspreid,’ stelt een woordvoerder van de AP. ‘Of in verkeerde handen vallen, bijvoorbeeld als de systemen niet goed zijn beveiligd.’

 

Tentamens samenvoegen

De AP benadrukt dat onderwijsinstellingen verantwoordelijk zijn voor de verwerking van persoonsgegevens via de programma’s. Instellingen moeten volgens de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) vooraf scherp toetsen of bijvoorbeeld proctoring noodzakelijk is, en eisen stellen aan softwarebedrijven die de systemen leveren, omdat ook zij volgens de AVG moeten werken. Instellingen zijn daarnaast vaak verplicht een dataverwerkersovereenkomst met de bedrijven af te sluiten. 

 

De AP publiceerde daarbij een lijst met tips voor gebruik van beeldbel- en proctoringprogramma’s. Zo moet de medezeggenschap betrokken zijn bij keuzes en moeten alle partijen op de hoogte zijn van het feit dat een datalek nooit volledig kan worden uitgesloten. Proctoring moet verder alleen gebruikt worden in noodzakelijke gevallen en een inbreuk op privacy moet zo klein mogelijk gemaakt worden. Tentamens kunnen bijvoorbeeld worden samengevoegd en data moeten direct worden gewist zodra ze niet meer nodig zijn. De verwerkte gegevens mogen alleen gebruikt worden voor bestrijding van examenfraude.

 

Wanneer het onderzoek wordt afgerond, is niet bekend.  

 

Kort geding

De Centrale Studentenraad spande onlangs met de faculteitsraad van de Faculteit Economie & Bedrijfskunde en UvA-student Peter Dobson een kort geding aan tegen de UvA. Ze willen dat de rechter het gebruik van proctoring op de UvA verbiedt zolang de medezeggenschap geen toestemming had gegeven. Ook willen ze voorkomen dat de UvA de persoonsgegevens zou gebruiken die via het surveillanceprogramma waren verkregen. Tijdens de zitting kwamen de studenten en de UvA niet nader tot elkaar. De uitspraak volgt donderdag 11 juni.