Foto: Vera Duivenvoorden
actueel

Oud-ombudsman UvA: ‘Iedere klacht is een kans om het beter te doen’

Dirk Wolthekker,
29 mei 2019 - 13:53

Sinds hoogleraar arbeidsrecht B. wegens een ernstige affaire noodgedwongen de UvA verliet, heeft sociale veiligheid bestuurlijk topprioriteit. Een van de maatregelen die werd genomen is het opnieuw aanstellen van een ombudsman (m/v). Anneke Vijgeboom was tot 2012, toen haar functie werd geschrapt, ombudsman van de UvA. ‘Een ombudsman kan zelf onderzoek doen, een vertrouwenspersoon niet.’

‘Zolang een organisatie niet openstaat voor klachten of daar huiverig voor is, kan een kwestie zoals die bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid speelde, voorkomen. Er heerst een enorme prestatiedruk op universiteiten waarbij mensen heel eager bezig zijn met hun carrière. In zo’n cultuur vrezen mensen al snel de gevolgen van het indienen van een klacht, die bovendien vaak wordt ingediend bij een vertrouwenspersoon die deel uitmaakt van de organisatie. Klagen vind ik trouwens een rotwoord, het gaat erom dat je iets moet kunnen melden wat je dwars zit. Als een student of medewerker het gevoel heeft dat dit onvoldoende kan, is dat niet goed.’

 

Dit zegt oud-ombudsman van de UvA Anneke Vijgeboom, een van de twee laatste ombudsmannen – overigens beiden vrouw – die de UvA tot 2012 had. Voordat zij ombudsman werd, was ze een van de vertrouwenspersonen van de UvA. Vijgeboom werd eind 2011 de wacht aangezegd: haar functie – en ook die van haar collega-ombudsman Christel Holtrop – zou verdwijnen. Het was een plan dat onder toenmalig collegevoorzitter Karel van der Toorn werd geboren, maar werd uitgevoerd tijdens het interregnum tussen zijn vertrek en de komst van Louise Gunning in het voorjaar van 2012.

‘Het doorbreken van een angstcultuur waarin iedereen gevangen zit los je niet zomaar op met een ombudsman’

Het was een plan dat niet los stond van veranderende wetgeving: universiteiten en hogescholen werden gedwongen een centraal klachtenloket voor studenten te openen. Vijgeboom in 2011: ‘Nu kijkt men op het Maagdenhuis of het dan niet beter is de bestaande klachtenregeling voor medewerkers en studenten te stroomlijnen.’ Zulks gebeurde inderdaad, maar de functie van ombudsman voor het personeel werd geschrapt.

 

Via facultaire klachtencoördinatoren konden klachten voortaan digitaal worden ingediend. Daarnaast waren en bleven de vertrouwenspersonen ongewenst gedrag (VPO) bestaan. De zogenoemde VPI, de vertrouwenspersoon integriteit voor het melden van dreigende integriteitsschendingen en misstanden, kwam er niet. Nog onlangs werd door een extern bureau geconstateerd dat de afwezigheid van zo’n VPI ‘niet gewenst’ is. Over de afwezigheid van een ombudsman (m/v) repte het rapport in kwalitatieve zin niet. Er werd alleen geconstateerd dat de UvA ‘geen ombudsfiguur’ heeft. Maar die komt er nu dus weer.

 

Mevrouw Vijgeboom, wat is precies een ombudsman?

‘In mijn tijd was er een ombudsman studenten en een ombudsman personeel. De ombudsman studenten was beschikbaar voor allerlei klachten en problemen in de studiesfeer. De ombudsman personeel, en dat was ik, ging over problemen in de functionele sfeer, dus niet over ongewenst gedrag of ongewenste intimiteiten. De ombudsman ging over klachten van medewerkers over het functioneren van de organisatie: regelingen die niet goed werden uitgevoerd, klachten rond werkoverleg of evaluatiegesprekken. Dat soort zaken.’

 

(Lees verder onder de afbeelding)

Foto: Vera Duivenvoorden

Had een ombudsman de ernstige integriteitskwestie op de Faculteit der Rechtsgeleerdheid kunnen voorkomen?

‘In de toenmalige vorm in elk geval niet, want de ombudsman ging niet over ongewenst gedrag en (seksuele) intimidatie. Daarover ging en gaat een klachtencommissie, of de vertrouwenspersoon. Bovendien, een kwestie zoals die nu is ontstaan bij rechten, ontstaat in een organisatie of op een afdeling waar een angst- en zwijgcultuur heerst. Die cultuur zal je dus eerst moeten doorbreken en dat is geen eenvoudige klus. De recente casus kent eigenlijk alleen maar verliezers: de slachtoffers, de afdeling, de hoogleraar, iedereen. Het doorbreken van een angstcultuur waarin iedereen gevangen zit los je niet zomaar op met een ombudsman.’

‘Het grote verschil met een vertrouwenspersoon is dat een ombudsman echt neutraal is en eigenstandig onderzoek kan doen naar een klacht, met hoor en wederhoor’

Hoe doorbreek je een angst- en zwijgcultuur?

‘Door iedereen in de organisatie er permanent van te doordringen dat machtsmisbruik en (seksueel) grensoverschrijdend gedrag echt niet kan. Echt niet. Iedereen moet er ook van verzekerd zijn dat zijn klacht niet uitlekt en dat de discretie is gewaarborgd. Veel mensen zijn bijvoorbeeld bang dat hun klacht wordt opgenomen in hun personeelsdossier en dat willen ze – terecht – niet. Dus die garantie moeten mensen expliciet hebben.’

 

Heeft de UvA een ombudsman nodig?

‘Dat lijkt me wel, al was het maar omdat de onafhankelijkheid beter gegarandeerd is bij een externe ombudsman dan bij klachtencoördinatoren en -commissies die deel uitmaken van de organisatiehiërarchie. Die onafhankelijkheid is heel belangrijk. Als je klachten hebt of problemen ervaart en je moet daarmee naar iemand met wie je ook moet werken dan wel een leidinggevende, dan ga je vaak niet meer. Verder gaat het om het functieprofiel en het takenpakket dat de UvA aan een nieuwe ombudsman verbindt. Dat moet wel meer en anders zijn dan mijn takenpakket toentertijd.’

 

Het netwerk van vertrouwenspersonen blijft bestaan naast de ombudsman. Is dat niet dubbelop?

‘Nee. Het grote verschil is dat een ombudsman echt neutraal is en eigenstandig onderzoek kan doen naar een klacht, met hoor en wederhoor. Een vertrouwenspersoon is, laten we zeggen, een advocaat van degene die de klacht indient. Een vertrouwenspersoon kan geen andere mensen over de zaak spreken, want dé zaak is vertrouwelijk. Een ombudsman kan wél anderen spreken over de zaak. Hij kan echt onderzoek doen naar een klacht, daar ook mensen voor inschakelen. Elke klacht is een kans om het beter te doen.’

 

Bij rechten hebben ze uiteindelijk een extern bureau voor integriteitszaken ingehuurd. Dat had dus ook de ombudsman kunnen zijn?

‘Afhankelijk van functie en takenpakket zou een ombudsman dat onderzoek ook kunnen verrichten ja.’

 

Wat voor iemand zou de UvA-ombudsman (m/v) moeten zijn?

‘Het moet sowieso iemand met gezag en statuur zijn. Iemand met een vergelijkbare statuur als de voormalige Nationale Ombudsman Alex Brenninkmeijer zou perfect zijn. Het moet iemand zijn die bovendien onafhankelijk kan en wil werken. Het moet iemand zijn die de UvA-organisatie goed kent, maar toch op afstand staat. Het liefst ook iemand die niet een kantoor heeft op een faculteit waar leidinggevenden en collega’s zien wie bij de ombudsman naar binnen gaat. Zelf hield ik kantoor bij het Bureau Studentenartsen op de Oude Turfmarkt. Dat zou een prima locatie zijn. Een ombudsman moet intern gemakkelijk vindbaar en bereikbaar zijn, maar niet heel zichtbaar, anders maken mensen er geen gebruik van.’