Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
Foto: Vera Duivenvoorden
actueel

UvA’er Diana schreef een boek over haar tienerjaren in de Bijlmer

Andrea Huntjens,
19 februari 2019 - 11:30

UB-medewerker Diana Tjin schreef haar tweede roman Een Bijlmerliedje over de buurt waar ze in de jaren zeventig opgroeide. ‘Toen we er kwamen was het er schoon en groen, toen we vertrokken werden de vuilniszakken vanaf de balkons naar beneden gegooid.’

10.00 uur, Station Amsterdam Amstel

Diana wacht op metro 54 richting Gein. Ze kijkt om zich heen en wijst in de rondte. ‘Amstel was voor mij een belangrijk station. Dit was het scharnierpunt tussen de Bijlmer en de stad. Vanaf hier stapte ik van de bus over op de tram en ging ik het centrum in. Ik heb hier vaak gewacht na feestjes, denkend aan de leuke jongens die er waren.’

 

Tegenwoordig werkt Diana Tjin bij de Universiteitsbibliotheek als erfgoed-catalograaf. Ze heeft klassieke talen gestudeerd aan de UvA. Een Bijlmerliedje is haar tweede roman, nadat ze in 2017 debuteerde met Het geheim van mevrouw Grünwald. Haar tienerjaren speelden zich af in de Bijlmer. Een fijne tijd, vond ze, en dat wilde ze in haar boek duidelijk maken. Vandaag leg ik met haar de weg af die zij in de jaren zeventig dagelijks maakte: vanaf Amstel naar station Strandvliet, richting de flats van Dennenrode en eindigend bij de Bibliotheek aan het Bijlmerplein.

 

Een Bijlmerliedje gaat over Sheila, een pubermeisje dat opgroeit in de Bijlmer van de jaren zeventig. Dat klinkt bekend, ‘maar het is niet helemaal autobiografisch, hoor’, zegt Diana. Het boek is opgebouwd rondom muziek, de Bijlmerliedjes. ‘Mijn broers en ik gaven die naam vroeger aan muziek die we leuk vonden. Dan hoorden we een nieuw nummer op de radio en zeiden we: “Dit is echt een Bijlmerliedje!” Het is lichte soulmuziek, lekker vrolijk. Het moet een beetje dansbaar zijn.’

 

(Lees verder onder de afbeelding)

Foto: Vera Duivenvoorden
Diana Tjin op station Strandvliet: ‘Dit station was een betonnen plaat in een eindeloze vlakte. De metro is aangelegd voordat hier woningen stonden, het werd gebouwd in niemandsland’

10.15 uur, Metrotation Strandvliet

Het spoor richting Strandvliet wordt ommuurd met geluidswanden. Daarachter staan lage, grijze huizen en iets verderop ligt de Arena. Op het perron haalt Diana een fotootje uit haar zak. ‘Kijk eens hoe anders het hier was.’ Op de gelige foto is vrij weinig te zien: een flatgebouw in de verte, daaromheen wat groen. ‘Dit station was een betonnen plaat in een eindeloze vlakte. De metro is aangelegd voordat hier woningen stonden, het werd gebouwd in niemandsland. Vanuit hier kon je Daalwijk, de flat naast de onze, zien liggen. Om de metro te nemen, moesten we een stuk door de weilanden fietsen. Ik was altijd blij als we weer in de Bijlmer waren. Daar was het veilig, de weilanden waren zo donker,’ zegt Diana.

 

Diana groeide op in Amsterdam-Zuid, nadat haar ouders vanuit Suriname naar Nederland gekomen waren. Ze verhuisden naar de Bijlmer, de nieuwe buurt die werd aangeduid als de wijk van de toekomst. Autowegen, fietspaden en stoepen voor voetgangers werden strikt van elkaar gescheiden. Als je de Bijlmer in kwam, via betonnen wegen op palen – de ‘dreven’, parkeerde je je auto in de parkeergarage en liep je de autoloze rust van de wijk tegemoet. ‘Laatst reed ik met mijn broer in deze buurt. Doordat de dreven weg zijn, maar je overal met de auto kan komen, was hij steeds de weg kwijt. De logica is zo uit de wijk verdwenen,’ zegt Diana.

 

De familie aardde goed in de Bijlmer. Diana kwam terecht in flat Dennenrode, in de D-buurt. Dennenrode is er niet meer: er zijn studentenwoningen voor in de plaats gekomen. ‘Hier keken mensen, in tegenstelling tot in Amsterdam-Zuid, niet van ons op. Mensen vonden het niet raar dat we gekleurd waren, of dat ons gezin zo groot was,’ zegt Diana. ‘Daarom voelde ik me hier op mijn gemak.’

‘Toen de Zeedijk werd schoongeveegd, kwamen de drugsverslaafden en alcoholisten hierheen’

10.30 uur, Dennenrodepad

De verloedering van de ‘wijk van de toekomst’ begon halverwege de jaren zeventig. ‘Toen ik hier woonde, was het in de G- en H-buurt al mis, maar de D-buurt voelde nog erg veilig. Toen het hier ook onrustig werd, voelde dat heel gek. Het was het einde van de onschuld van de wijk. Waar gezinnen zouden moeten wonen, lagen junkies,’ zegt Diana.

 

Na de onafhankelijkheid van Suriname, begin jaren zeventig, trokken veel Surinamers naar Nederland. Veel wijken weerden deze mensen en woningloze Surinamers kwamen met behulp van kraakbewegingen in de leegstaande flats in de Bijlmer terecht. Ook verslaafden en alcoholisten wisten de wijk te vinden. ‘Toen de Zeedijk werd schoongeveegd, kwamen ze hierheen. De Bijlmer lag een stuk buiten de stad, dus er was geen zicht op de situatie. Iedereen kon zijn gang gaan,’ zegt Diana.

 

(Lees verder onder de afbeelding)

Foto: Vera Duivenvoorden
Diana Tjin: ‘Doordat de dreven weg zijn, maar je overal met de auto kan komen, was mijn broer steeds de weg kwijt. De logica is zo uit de wijk verdwenen’

We staan naast Daalwijk, de flat waar veel studenten klagen over de onveilige situatie in de buurt. Op het schoolplein ernaast spelen kinderen. ‘Ik schrik wel van wat er gebeurt in Daalwijk,’ zegt Diana. ‘Het was hier altijd zo gemoedelijk.’ Ze wijst naar de kinderen. ‘Afgelopen zomer nam ik mijn man mee naar de Bijlmer voor een fietstocht. Het viel me op dat ik meteen weer aanspraak had. Iedereen maakte een praatje met ons.’

‘Gelezen worden, vooral door mensen uit mijn oude buurt, dat vind ik wel fijn’

10.50 uur, Bibliotheek Bijlmerplein

Van 1974 tot 1980 woonde ze in de Bijlmer. ‘Toen we in de Bijlmer kwamen was het er schoon en groen, toen we vertrokken werden de vuilniszakken vanaf de balkons naar beneden gegooid. Even zoeken hoor, waar het precies is.’ Ze kijkt om zich heen. ‘Ah, ik heb het zo gevonden! Zonder Google Maps. Het is hier misschien veranderd, maar ik weet de weg nog,’ zegt ze.

 

‘Ik leefde in deze bibliotheek. Hij is nu helemaal vernieuwd, maar ik kwam hier soms meerdere keren op een dag. Ik las als kind twee boeken per dag, maar ik mocht ze dezelfde dag niet terugbrengen. Dan moest ik wachten tot ik weer nieuwe boeken kon lenen. Zal ik even vragen of ze mijn boek hebben? Dat is leuk voor de foto.’ Na navraag bij de bibliothecaresse blijkt dat Een Bijlmerliedje zowel hier als in de bibliotheek van Reigersbos al een tijdje is uitgeleend. ‘Dat is eigenlijk wel een compliment he? Ik hoef echt geen duizenden boeken te verkopen, want ik heb gewoon een baan. Maar gelezen worden, vooral door mensen uit mijn oude buurt, dat vind ik wel fijn.’

 

Diana Tjin, Een Bijlmerliedje (Amsterdam, 2018), 184 pagina’s. Prijs: € 17,50