Foto: Daniël Rommens
actueel

Video | Nog één keer naar de drukker met de #chickdieallesregelt

15 december 2017 - 13:30

In één minuut mailen we de pdf van de Folia naar onze drukker. Voordat het blad vervolgens terug is in Amsterdam, moet het 282 kilometer afleggen. Wat gebeurt er tussen die twee momenten? De papieren versie van Folia verdwijnt, dus bezoeken we voor de allerlaatste keer onze drukker in België.

Om tien uur worden we verwacht. Dat betekent om zes uur ’s ochtends wegrijden uit Amsterdam om op tijd aan te komen in het Belgische Roeselare – slechts twintig kilometer verwijderd van de Franse grens. Als we de stad van 61.000 zielen inrijden doemt al snel het grote witte gebouw van Roularta Media Group op. Het hoofdkantoor van de drukkerij met driehonderd medewerkers staat middenin een woonwijk. We worden hartelijk ontvangen door Matthias Heimerdinger. Al 21 jaar werkt hij voor Roularta, eerst in de fabriek en nu als de salesmanager voor Nederland en Engeland.

Folia wordt al zes jaar bij Roularta gedrukt. Het magazine ontstond na de samensmelting van UvA’s medium Folia Civitatis (opgericht in 1948) en HvA’s Havana (vanaf 1996). Beide media werden gedrukt bij Dijkman in Diemen tot ze in 2011 werden samengevoegd. 197 Folia’s zijn er tot nu toe bij Roularta geproduceerd. Vandaag drukken we nummer 198 en het eindejaarsnummer, 199, wordt het laatste magazine dat hier op papier wordt gezet en de lange weg naar Amsterdam aflegt.

‘Het is een drukke periode. Er wordt veel gelezen aan het einde van het jaar, er zijn specials, magazines met meer pagina’s en meer advertenties,’ vertelt Heimerdinger terwijl we door een lange gang naar een vergaderruimte lopen. Voor Folia maakt hij met plezier een dag vrij. Hij is trots om zo’n mooi magazine voor twee belangrijke Nederlandse onderwijsinstellingen te mogen drukken. ‘Dat kan ik nu wel zeggen. Het is geen verkooppraatje, want jullie stoppen toch met papier,’ zegt hij met een lach.

Een papierrol weegt evenveel als twee Volkswagen Golfs

Ze zijn hier gisteravond al begonnen met de voorbereiding, toen om zes uur het pdf-bestand van de Folia binnenkwam. Er is gekeken of alles klopt en de juiste pagina’s zijn naast elkaar gezet. Toen is het definitieve document klaargezet om te drukken. De volgende stap is het maken van aluminium drukplaten. ‘We drukken niet digitaal, zoals de printers die we thuis hebben staan,’ vertelt Heimerdinger. Voor een Folia worden er acht drukplaten gemaakt. De helft van de pagina’s op een plaat voor de ene zijde van de papierrol en de andere helft van de pagina’s op een plaat voor de andere zijde. Van deze twee varianten worden vier platen gedrukt. ‘Een per kleur, want we printen in vier kleuren: geel, zwart, cyaan – oftewel blauw – en magenta – oftewel roze. Na het eenmalige gebruik worden de platen gerecycleerd.’

Cockpit

We moeten nog even wachten in het kantoortje tot we de drukkerij in mogen. ‘De bevalling van de Folia is al wel ingezet,’ zegt Heimerdinger. ‘De drukplaten worden nu op de pers geplaatst en specificaties zoals het gewicht en de breedte worden ingesteld.’ Maar de drukkers worden hierbij liever niet gestoord. ‘Het is net als in een cockpit, daar mag je ook niet kijken. De drukkers staan onder grote druk en moeten snel werken, dus ze worden afgeleid als er mensen rond de pers hangen.’ Dan wordt er aangeklopt. Een medewerker steekt trots de eerste Folia naar binnen. De pers is op gang en wij mogen komen kijken.

(Tekst loopt door onder de afbeelding)

Foto: Daniël Rommens
Het bedrukte papier wordt versneden in repen

Als de deuren van de fabriekshal openschuiven worden we overweldigd door een hard kabaal. Gezoem, geratel, gesis en het geluid van snel draaiende rollen. Een geur van papier en inkt komt ons tegemoet. Deze roept meteen herinneringen op van bladeren door een nieuw boek of toen we vroeger onze neus in een verse Donald Duck drukten. Al snel zien we waar het gesis vandaan komt. Op verschillende plekken wordt er nevel de ruimte in gespoten. ‘Dat is vocht,’ vertelt Heimerdinger. ‘Papier is een levende materie met vezels. Het krimpt als het droog is en zet uit als het vochtig is. Daarom zorgen we hier voor een constante luchtvochtigheid van zo’n vijftig procent.’

 

We lopen netjes over de gele stickers van voetstappen op de grond richting de drukpersen. Dat aparte loopgedeelte is er niet voor niets; in hoog tempo scheuren er mannen rond in heftrucks met oranje zwaailichten.

 

Het drukproces begint bij een enorme rol wit papier. Verpakt in een laag karton komen de rollen de drukkerij binnen. Eenmaal opgestapeld vormen ze een enorm ‘bos’ van bruine rollen hoger dan vijf meter. ‘Het papier komt van bomen uit Scandinavische landen, waar ze speciaal worden gekweekt,’ zegt Heimerdinger, leunend tegen een rol. ‘Al onze leveranciers hebben een duurzaam milieukeurmerk.’

 

Als je je wel eens hebt gesneden aan papier, begrijp je dat je hier moet oppassen dat je de razendsnel voorbijkomende pagina’s niet aanraakt

Even later zien we hoe een papierrol in de drukpers wordt gehesen. Een rol weegt 2.500 kilo. ‘Dat is evenveel als twee Volkswagen Golfs,’ schreeuwt Heimerdinger boven het lawaai van de machine uit. Het papier wordt in hoog tempo afgerold en gaat snel door vier druktorens. Daarin krijgt het eerst een laag zwarte inkt, dan cyaan, dan magenta en als laatste geel. Dan gaat het papier, nat van het water en de inkt, door een oven. Hij wijst naar een enorme grijsgroene machine. ‘Het vocht verdampt en de inkt wordt in het papier gebakken.’

 

Papierstof

Vervolgens wordt het papier in meerdere banen gesneden, gevouwen en gelijmd tot een tijdschrift. We mogen op de stellage naast de machine klimmen om het proces van dichtbij te zien. Als je je wel eens hebt gesneden aan papier, begrijp je dat je hier moet oppassen dat je de razendsnel voorbijkomende pagina’s niet aanraakt. Niet voor niets hangen er overal waarschuwingen: ‘Pas op, roterende onderdelen.’ Ook staat er op elke verdieping een brandblusser. ‘We werken met papier en warmte, dus er kan natuurlijk een brand ontstaan,’ zegt Heimerdinger, terwijl we de trappen weer afdalen. Eenmaal beneden zijn onze handen en broek een beetje wit. ‘Dat is papierstof, dat vrijkomt bij het drukken. Er is er zoveel dat er, ondanks een stofafzuiging, niet tegenop te poetsen is.’

‘Papier is rustiger aan je ogen en meer een beleving’

Heimerdinger wijst op een scanner die automatisch controleert of bijvoorbeeld de kleuren kloppen. In de controlekamer aan de andere kant van de machine wordt dit ook door mensen gedaan. Achter hen rollen de Folia’s een voor een uit de machine. Voordat ze aan haakjes aan een rail omhoog gaan wordt er af en toe een uitgehaald en opengevouwen voor een proef. ‘Ze kijken of de rasterpuntjes wel precies op elkaar liggen, of de kleuren goed staan en of het allemaal met elkaar in balans is. Gezichten mogen niet te rood worden, luchten niet te blauw, en er moeten nog voldoende details te zien zijn in de donkere delen.’ De drukkers passen de hoeveelheid van een bepaalde kleur aan, waarna de machine direct wordt bijgesteld en meteen Folia’s met de nieuwe instellingen uitspuugt.

Blokkade

Omdat de pagina’s alleen kunnen worden bijgesteld als de drukpers aan het drukken is en dat ontzettend snel gebeurt, zijn gemiddeld de eerste 1.500 Folia’s onbruikbaar – en in uitzonderlijke gevallen zo’n 12.000. ‘De inschiet noemen we dat. Maar we recyclen alles hier hoor,’ benadrukt Heimerdinger. ‘Er zijn acht verschillende recycleerstromen voor het papier.’ Dan gaat er even iets mis en snellen de mannen naar de machine. Alle hens aan dek. Er zit ergens een blokkade. Maar omdat aan de andere kant nog steeds magazines gedrukt worden, moeten ze die nu halsoverkop weghalen. Sommigen blijven kalm, anderen trekken een moeilijk gezicht als ze grote stapels Folia’s van de loopband trekken en op de grond gooien. Nu begrijpen we waarom we er eerder niet bij mochten zijn. Er is opperste concentratie nodig en een klein foutje kan het hele proces verstoren. De pers blijft doorrollen en draait supersnel. Tijd is hier letterlijk geld. ‘Veertigduizend Folia’s zou hij uitspuwen als de drukpers een uur draait. Maar voor het drukken van jullie oplage van 12.000 staat hij meestal maar een kwartiertje, twintig minuten aan. Tenzij er dus iets misgaat.’

(Tekst loopt door onder de afbeelding)

Foto: Daniël Rommens
De Folia’s worden door een medewerker van de drukkerij gecheckt

Inmiddels is het probleem verholpen en vloeien de Folia’s weer soepel uit de machine. De grond is nu wel bezaaid met magazines, maar die worden vlug opgeruimd. ‘Dat dat nu net gebeurt als jullie bij de machine staan,’ verzucht Heimerdinger. ‘Normaal gebeurt dat een keer per week ofzo.’ De pers waarop de Folia wordt gedrukt is achttien jaar oud en kostte tien miljoen euro. ‘Meestal presteert hij goed, maar er kan altijd iets fout gaan. Een blokkade zoals net, of een rubberdoek dat scheurt. En dat kan dan gepaard gaan met het nodige gevloek.’

Bovendien kan een vertraging de planning van het drukken van de andere media totaal in de war schoppen. Ze printen hier enorm veel media, zoals Belgisch nieuwsmagazine Knack, Spoor, het magazine van de NS en magazine 360. ‘Net als op een luchthaven hebben we hier ook slots, waarin we printen. Daarom is het ook zo belangrijk om op tijd je materiaal aan te leveren.’

De drukkers worden liever niet gestoord. ‘Het is net als in een cockpit’

Er is nog een laatste stap te gaan voordat de Folia’s naar Amsterdam kunnen afreizen. De witte rand moet er nog netjes worden afgesneden in een machine. Aan de ene kant stopt een medewerker de ‘bruto’ Folia’s – met rand – erin, aan de andere kant komen ze er zonder rand weer uit en verbindt een andere medewerker de stapels met een strip. De bundels komen op twee pallets die vannacht in de vrachtwagen richting Nederland gaan. Voor de een na laatste keer. Hierna wordt alleen het eindejaarsnummer nog gedrukt en dan splitsen we op in het online medium Folia voor de UvA en HvanA voor de HvA.

Tastbaar

Natuurlijk vindt Heimerdinger het jammer dat het papieren magazine verdwijnt. ‘Het leest toch lekkerder. Het is rustiger aan je ogen en is meer een beleving om iets tastbaars te lezen. Maar dat is mijn mening. Ik begrijp wel dat bepaalde media zich concentreren op online. Veel papierfabrieken gaan daardoor doosjes of tissues maken. Ook de toekomstvisie van Roularta is “kleiner maar fijner”; minder volume, doelgerichter drukken en minder weggooien.’ Zelf is hij niet van plan te stoppen bij een drukker. Zijn vader had een drukkerij en ook Heimerdinger heeft zijn hart eraan verloren. ‘Zo lang er drukkerijen bestaan, zal ik er blijven werken.’

Op weg naar de uitgang van de drukkerij raapt Heimerdinger een klein propje papier op. ‘We verwachten dat onze drukkers op de kleinste details letten, dus moeten we zelf het goede voorbeeld geven.’ Achteloos gooit hij het papiertje in een grote blauwe bak. ‘Die leidt naar de ondergrondse papieropvang.’ Een stukje verder komen we langs het bordje ‘Papier is een waardevolle grondstof. Geen papier op de grond.’ Vanuit dat oogpunt is het in ieder geval goed dat Folia vanaf 2018 digitaal verdergaat. 

Lees meer over