De schaarse woonruimte die Amsterdam rijk is, wordt op dit moment niet naar volle potentie benut, zo heeft de gemeente beoordeeld. Daarom wordt nu onderzocht of de zogenoemde Friendscontracten weer kunnen worden ingevoerd, waarbij woningen aan een groep jongeren kunnen worden verhuurd. Vijf vragen over deze Friendscontracten.
1. Wat is een Friendscontract precies?
Net als in de befaamde tv-serie Friends, waar de constructie naar vernoemd is, maakt een Friendscontract het voor vriendengroepen mogelijk om een woning te delen. Hierbij wordt gebruikgemaakt van een gezamenlijke huurovereenkomst. Zo kunnen meerdere mensen, zonder dat zij samen een stel, familie of huishouden vormen, de huur en verantwoordelijkheden van een woning delen. Bij zo’n groepsovereenkomst staan de verschillende huisgenoten samen op een contract, waarbij er één hoofdhuurder is, die maandelijks de volledige huur overmaakt naar de huisbaas. De rest wordt vervolgens onderling geregeld. Vooral voor jongeren, die het moeilijk hebben op de oververhitte, Amsterdamse woningmarkt, biedt deze flexibele woonvorm mogelijkheden.
2. Toch zorgde de gemeente er in 2019 voor dat de Friendscontracten uit Amsterdam verdwenen. Waarom?
Hoewel de verhuur aan vriendengroepen een handig middel bleek om de woningnood te bestrijden, maakte de gemeente zich in toenemende mate zorgen over uitbuiting. Met een individueel contract per bewoner is het gemakkelijker om te voorkomen dat er meer mensen een woning delen dan is toegestaan. Volgens wethouders zouden de gezamenlijke contracten ertoe kunnen leiden dat huisjesmelkers hun woningen aan te grote groepen zouden kunnen verhuren. Niet alleen komen zo de rechten van de huurder in het geding, te veel bewoners in één huis kunnen ook voor flinke overlast zorgen.
Daarom werd de regelgeving in 2019 door de gemeente aangescherpt: de Friendscontracten werden verboden, en woningen moesten ‘verkamerd’ worden. Dat wil zeggen: iedere kamer een eigen bewoner, met een eigen contract. Een volledige woning delen kan sindsdien alleen nog via een speciale vergunning. Sinds 2020 geldt er een maximum van dertienduizend van dergelijke vergunningen in de stad. Dit jaar werd dat aantal met zesduizend uitgebreid. Door het aantal vergunningen beperkt te houden hoopte de gemeente overlast van gedeelde huizen tegen te gaan. Tegelijkertijd zorgde het ervoor dat er nóg minder kamers overbleven in de stad.
3. Waarom wordt er nu dan toch weer naar Friendscontracten gekeken?
De gemeente heeft besloten dat, gezien de woningnood, het kameraanbod in Amsterdam optimaal moet worden benut. Friendscontracten lijken daarbij nu dus toch weer een rol te gaan spelen. Een motie van Volt en de VVD, waarin de gemeente wordt opgeroepen te onderzoeken hoe woningcorporaties de gezamenlijke contracten weer zouden kunnen herinvoeren, kwam dan ook eenvoudig door de stemming. Volgens de partijen zorgt de knellende regelgeving er op dit moment voor dat er vele kamers in de stad onnodig leeg blijven staan. Ook vinden zij dat de vermeende overlast die door de groepen jongeren zou worden veroorzaakt in de praktijk enorm meevalt.
4. Hoe zit het dan met de zorgen over de huurrechten, die eerder reden waren om de gezamenlijke contracten te verbieden?
Die zorgen leven vooral als het gaat over de particuliere verhuur. Dat zit zo: voor onzelfstandige woningen – zoals een losse kamer waarvan de bewoner een eigen, individueel contract heeft – geldt in Amsterdam een puntensysteem, waarmee een maximumhuur kan worden bepaald. Door gezamenlijke contracten aan te bieden kunnen verhuurders hun huis als zelfstandige woning verhuren, en dus dit puntensysteem omzeilen. Op die manier kunnen ze een veel hogere huur vragen, en voorkomen dat huurders via de Huurcommissie een eerlijkere prijs kunnen afdwingen.
Deze praktijken zorgden er ook in 2023 al eens voor dat een eerder plan om de Friendscontracten te herintroduceren niet tot uitvoer kwam. Deze zorgen lijken nu echter te worden weggenomen door de Friendscontracten alleen mogelijk te maken bij woningcorporaties. Bij particuliere verhuurders zou de vergunningsplicht zoals die nu ook geldt in stand worden gehouden. Op die manier zouden de rechten van huurders beter te waarborgen zijn.
5. Wat betekent dit voor studenten?
Toen de Friendscontracten nog niet verboden waren in Amsterdam, behoorden studenten bij uitstek tot de groep die hier veel gebruik van maakte. Toen de woningdeelconstructie in 2019 uit de stad verdween, kwamen zij dan ook in opstand. Studentenvakbond ASVA was geen voorstander, en online werden er petities ondertekend waarin studentenverenigingen zich tegen het besluit uitspraken. Wanneer de Friendscontracten nu dus daadwerkelijk weer worden ingevoerd, zou dat het voor studenten een stuk eenvoudiger kunnen maken om aan een kamer te komen.