Foto: Jean-Pierre Jans
wetenschap

Yra van Dijk, letterkundige buiten de gebaande paden

21 november 2015 - 09:23

Als docent, onderzoeker en hoogleraar heeft letterkundige Yra van Dijk, één van de sprekers van Het Gala van de Wetenschap op 28 november, een geheel eigen aanpak en een sterke visie. 'Ze daagt je altijd uit om verder te denken.'

Het moet een stevige ommezwaai zijn geweest, denkt oud-collega Thomas Vaessens: de komst van Yra van Dijk als 'mooie, sterke en daadkrachtige vrouw' naar de Universiteit Leiden. Een academische omgeving die volgens hem 'wat conservatiever is dan haar oude, vertrouwde UvA'.

 

'Zeker bij de opleiding neerlandistiek is er toch een beetje sprake van een oldboysnetwerk,' zegt de hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde. 'Ik heb de indruk dat ze soms op haar handen moet zitten, want ze zou dingen veel sneller willen veranderen dan nu gebeurt.' 

 

Yra van Dijk (1970) trad in 2013 als hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde in mondiaal perspectief aan in Leiden. Na haar promotie in 2005 gaf ze jarenlang les aan de Universiteit van Amsterdam, waaraan vader Teun van Dijk ruim twintig jaar als hoogleraar tekstwetenschap was verbonden.

 

Eerder studeerde ze Nederlandse letterkunde aan de UvA en Comparative Literature aan de University of Kent in Canterbury. Ze schrijft voor de boekenbijlage van NRC Handelsblad en geeft lezingen, workshops en mastercourses op scholen en culturele instellingen. Haar huidige onderzoek richt zich op representaties van herinnering en trauma in de Nederlandse literatuur. Zo kijkt ze onder meer hoe in het werk van Arnon Grunberg de shoah terugkomt.

Foto: Jean-Pierre Jans
Van Dijk heeft op diplomatieke wijze veel bereikt.

Haar aanstelling in Leiden was inderdaad controversieel, weet collega Bram Ieven. Hij werd twee jaar geleden door Van Dijk aangenomen als universitair docent aan de opleiding Nederlandse taal & cultuur.

 

Aanvankelijk werd er binnen de opleiding met argusogen naar Van Dijk gekeken, zegt hij. 'Yra heeft een heldere kijk op waar het met de neerlandistiek naartoe moet. Ze wil het vakgebied internationaler maken en zet samenwerkingen op met andere opleidingen, zoals literatuurwetenschap.'


Dat laatste ligt in Leiden gevoelig, omdat neerlandistiek – de Nederlandse taal en cultuur – en literatuurwetenschap er van oudsher opereren als gescheiden vakgebieden. Ieven bemerkte onder collega’s dan ook een zekere angst dat met de komst van Yra de neerlandistiek zou worden opgeslokt door grotere disciplines. Die angst is nu verleden tijd, verzekert hij. 'Yra heeft op diplomatieke wijze veel bereikt en veel collega’s achter zich gekregen.'

 

Leegte
En dat is maar goed ook, denkt UvA-hoogleraar Vaessens. ‘De literatuurwetenschap is in de afgelopen jaren veranderd. We richten ons steeds meer op de vraag wat literatuur doet, welke effecten zij heeft, en daarmee minder op wat literatuur is of zou moeten zijn. In die ontwikkeling speelde de neerlandistiekopleiding in Leiden tot op heden niet de eerste viool. Met Yra gaat dat veranderen.’

 

Niet alleen binnen haar werkomgeving is Van Dijk controversieel. Ook in haar onderzoek blijft ze ver van de gebaande paden. Bij het analyseren van teksten is ze in plaats van op zoek naar coherentie gericht op 'gaten, breuken en fragmentatie', schreef een recensent over haar proefschrift met de titel Leegte, leegte die ademt, waarvoor Van Dijk de rol van het wit in de poëzie van vier Nederlandse dichters onderzocht.


Collega’s typeren haar als een literatuurwetenschapper die op zoek gaat naar 'de marge' in een tekst. Zo richtte Van Dijk zich in haar oratie over Eline Vere niet op het psychologische drama dat het beroemde boek van Louis Couperus karakteriseert, maar legde ze de nadruk op de mediakritiek die deze roman volgens haar óók bevat.

‘Van Dijk richt zich juist op wat er níet klopt en komt daardoor echt met nieuwe inzichten'

Inzichten
'Yra gaat er nooit van uit dat een tekst een sluitende betekenis heeft,' zegt ook oud-student Nienke van Leverink, die Van Dijk bij haar studie Nederlands meemaakte als docent en daarna door haar werd begeleid bij haar afstudeerscriptie.


'Ze richt zich juist op wat er níet klopt en komt daardoor echt met nieuwe inzichten. In de lessen over Frans Kellendonk, wiens werk normaliter wordt geanalyseerd op grote thema’s zoals religie en homoseksualiteit, wees ze ons er bijvoorbeeld op dat in zijn teksten ook dode en ongeboren kinderen voorkomen. Zodra je daar oog voor krijgt, zie je opeens veel meer gebeuren in een tekst.'


Studenten omschrijven Van Dijk als intelligent en vriendelijk, maar ook als kritisch. Van Leverink: 'Ze is erg direct, daardoor kan ze soms intimiderend overkomen.' Haar lessen vormen een uitdaging.

 

'Sommige studenten vinden het frustrerend, zij willen het liefste dat een analyse rond is. Maar Yra gaat er altijd van uit dat een tekst ontwricht, dat onder de ogenschijnlijke oppervlakkige betekenissen telkens weer andere betekenissen te ontwaren zijn. Je moet niet verwachten dat je bij haar in de les achterover kunt leunen en alles klakkeloos kunt overnemen. Ze daagt je altijd uit om verder te denken.’

 

– Nina Schuyffel

Bareez Majeed: 'Idealisme is mijn kracht.'

Het grote wetenschapstalent volgens Yra van Dijk is: Bareez Majid (28)

Van welk wetenschappelijk talent gaan we volgens Yra van Dijk nog veel horen?

 

'Ik bewonder Bareez Majid om haar originaliteit en analytisch vermogen. Ze kijkt met een wetenschappelijke blik naar haar eigen geschiedenis en laat zich daarbij niet weerhouden door vermeende grenzen. Niet door grenzen van haar vakgebied – als letterkundige maakte ze zich sociologische onderzoeksmethoden eigen – en niet door de grenzen van identiteit: ze volgde bijvoorbeeld een summerschool in Israël. Ze
doorbreekt die grenzen niet met veel branie, maar op een weloverwogen,
integere manier.'

 

Bareez Majid: 'Wetenschap staat niet los van het leven, het moet iets toevoegen aan de maatschappij. In mijn onderzoek richt ik me op de herinneringscultuur in Iraaks-Koerdistan, daarmee wil ik bijdragen aan vredesprocessen in complexe regio’s.' 

 

'Tijdens mijn afstudeeronderzoek was ik vier maanden in Iraaks-Koerdistan om Amna Suraka te bestuderen. Dat is een oude gevangenis, politieke dissidenten werden er gemarteld en verhoord onder Saddams bewind. Nu is het een monument.'

 

'Gesprekken met medewerkers leerden mij dat het monument niet neutraal is, maar het heldenverhaal vertelt van de dappere Koerden die Saddam weerstonden. Daardoor brengt het monument mensen niet bij elkaar, sterker, de politieke en ideologische kleuring vergroot de verschillen tussen de strijdende partijen. Gelukkig sprak ik ook oud-gevangenen. Een van hen vertelde hoe hij zich herkent in een van de sculpturen in het museum, een beeld van een man die tegen een muur is opgehangen. Identificatie met het beeld hielp hem te spreken over
intieme gevoelens van schuld en schaamte over die tijd.'

 

'Ik realiseerde me dat de sculpturen in Amna Suraka ondanks de politieke lading toch rouw en traumaverwerking kunnen stimuleren. Dat is cruciaal, onverwerkte oorlogstrauma’s voeden de geweldsspiraal in de regio, waar IS en de vluchtelingenstromen nu ook uit voortvloeien. Als academicus dwingt het me te zoeken naar manieren om mensen te helpen met hun trauma’s om te gaan, zodat die niet leiden tot frustratie, haat en geweld.'


'Dat idealisme is mijn kracht, het maakt dat ik alles doe om als promovendus verder te kunnen met dit thema. Ook als ik negen keer “nee” krijg bij beursaanvragen, moet het een tiende keer toch “ja” zijn, vertel ik mezelf. Maar het is zwaar, mijn onderzoek houdt nooit op, het is een deel van mij.'

 

– Marieke Buijs