‘Rens kan ongelofelijk boeiend vertellen over zijn vak en alleen al door zijn intonatie raak je in de ban van wat hij te vertellen heeft. Zijn werk op het gebied van de Digital Humanities is bijzonder innovatief.’ Dit zegt oud-decaan van de Faculteit der Geesteswetenschappen (FGw) José van Dijck over haar collega Rens Bod. Vanuit Philadelphia, waar ze momenteel lezingen verzorgt, voegt ze eraan toe: ‘Rens denkt nooit in disciplines. Hij is altijd bezig met the big picture. Voor hem zijn er geen grenzen binnen of buiten de geesteswetenschappen. Daarmee opent hij een heleboel ogen die meestal toch vooral naar binnen gericht zijn.’

Rens Bod (Bergh [Gld], 1965), is hoogleraar Computational & Digital Humanities aan de FGw. Rens is de vleesgeworden multidisciplinariteit: in Utrecht haalde hij twee propedeuses, een in de natuurkunde & astronomie en een in de kunstgeschiedenis. Vervolgens haalde hij een master in de letteren aan de Università La Sapienza in Rome en een master in alfa-informatica aan de UvA, de universiteit waaraan hij ook promoveerde. Daarna had hij zo’n beetje elke academische functie die denkbaar is: research fellow, postdoc, advanced research fellow, KNAW-fellow, you name it. In de tussentijd was hij ook nog hoogleraar Cognitive Systems aan de Schotse University of St. Andrews en schreef hij een groot aantal wetenschappelijke publicaties en is hij lid van een groot aantal (advies)raden en commissies.

Onzeker
‘Het lukt mij maar nauwelijks om over Rens ook maar iets echt kritisch te opperen,’ zegt vriend en wetenschapshistoricus Floris Cohen, als bijzonder hoogleraar verbonden aan de Universiteit Utrecht. ‘Hij is van onwaarschijnlijk veel markten thuis, denkt en werkt razendsnel en enorm inventief, en dan is er ook nog die meeslepende geestdrift van hem. Met het opsporen van patronen in de wetenschapsgeschiedenis houd ik me al heel lang bezig, maar ik deed dat nogal onbewust. Dankzij Rens snap ik nu een stuk beter wat ik dan eigenlijk aan het doen ben. Gek genoeg voelt hij zich er soms wat onzeker over dat hij geschiedenis schrijft zonder officieel van het vak te zijn. Maar meteen al met de allereerste versie van De vergeten wetenschappen. Een geschiedenis van de humaniora, waar ik helemaal paf van stond, kon ik hem geruststellen: hij heeft zichzelf weten te vormen tot een echt eersterangs historicus.’

In dat boek, dat in 2010 verscheen bij Prometheus, doet Rens uit de doeken hoe alfawetenschappers uit alle delen van de wereld van grote invloed zijn op de mondiale samenleving. Zo leidde de ontdekking van een grammatica voor het Sanskriet tot de eerste programmeertalen, terwijl de ontdekking dat talen aan elkaar verwant zijn de genetica inluidde, schreef De Groene Amsterdammer onlangs in een aan de digitale revolutie gewijde speciale editie. Daarin sprak Rens over ‘de explosie van digitale data in de geesteswetenschappen’. Ook pleitte hij voor een Higgsdeeltje in de geesteswetenschappen. ‘Ik denk wel dat het nuttig is voor de geesteswetenschappen zo’n deeltje te hebben, ja. Ons geesteswetenschappers is helaas geleerd alleen maar vanuit het unieke te denken en niet vanuit het universele.’

Deze manier van denken en redeneren, met een open oog naar andere disciplines en naar alternatieve opvattingen, die is kenmerkend voor Rens, zeggen de mensen om hem heen. Zo vindt ook Stefan Frank, die bij Rens postdoc is geweest. ‘Rens is zeer open-minded. Hij staat altijd open voor nieuwe visies en opvattingen,’ zegt Frank. ‘Zo heb ik eens een keer een project met hem gedaan dat eigenlijk tegen zijn taalkundige ideeën indruiste. Maar daar gaat hij dan toch rustig in mee. Dat is heel inspirerend, want daardoor voel je je als onderzoeker niet verplicht aan zijn theorieën te voldoen. Rens is echt een hands-off supervisor. Dat geeft vrijheid en inspiratie. Hij heeft bovendien een erg aanstekelijk enthousiasme. De conclusies van een onderzoekje dat ik had gedaan wilde hij eens direct als artikel naar het wetenschappelijk tijdschrift Science sturen. Zelf ben ik iemand van “ho ho, niet te snel”, maar Rens helemaal niet. Uiteindelijk is dat artikel niet in Science gepubliceerd,  maar we hadden het wel opgestuurd. Zonder de aanmoediging van Rens was dat nooit gebeurd.’ Uiteindelijk werd het artikel  gepubliceerd in Proceeding of the Royal Society B.


Folia Radio zendt op 20 november een interview uit met Rens Bod. Aan de orde zullen komen de digitale revolutie in de geesteswetenschappen, het belang van multidisciplinariteit en Italië. De uitzending is live bij te wonen en te beluisteren via Amsterdam FM, in de ether op 106.8 en op de kabel op 103.3, tussen 16.00 en 17.00 uur. Vanaf de volgende dag terug te luisteren op Folia Web