Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
Foto: Lana Abie (cc, via Unsplash)
opinie

Op z'n Duits | Internetporno toont vooral plezier en een beetje liefde

Linda Duits,
24 januari 2020 - 07:13

Over porno kan je van alles beweren, zolang het maar negatief is. Dat schreeuwt om onderzoek, maar dat wordt nauwelijks gedaan vanwege het stigma dat eraan kleeft. Wil je echt bekend staan als de pornoprof? Gelukkig zijn er onverveerde communicatiewetenschappers met een zucht naar empirische kennis. Woensdag promoveerde Marleen Klaassen op jongeren & internetporno. Reden dus voor uw kritische columnist, of nee, uw razende reporter, om verslag uit te brengen.

Een disclaimer vooraf: ik wilde ‘kritische columnist’ doorstrepen want de jonge dr. Klaassen is een oud-student van me en ik liep dus over van trots toen haar het doctoraat verleend werd. Dat doet overigens geen enkele afbreuk aan het belang van dit onderzoek. De maatschappij zit met allemaal prangende vragen en diepgewortelde aannames over porno en de effecten daarvan op jongeren. 

‘Klaassen ontkracht een aantal aannames over porno. Geweld komt bijvoorbeeld nauwelijks voor, tenzij je spanking meetelt’

Klaassen verzette veel werk: ze voerde een uitgebreide inhoudsanalyse uit van de vierhonderd meest bekeken video’s van vier grote sites (PornHub, RedTube, YouPorn en XHamster). Hierdoor kan ze uitspraken doen over ‘mainstream heteroporno’ – al blijft dat een lastig containerbegrip. Daarnaast nam ze bij 826 jongeren tussen de 13 en 17 jaar een vragenlijst af op verschillende momenten, om iets te kunnen zeggen over hun seksuele opvattingen.

 

De inhoud van mainstream porno
Het proefschrift laat zien dat internetporno vraagt om genuanceerd begrip. De inhoud is dermate divers dat algemene uitspraken onhoudbaar zijn. We kunnen daarom volgens Klaassen beter spreken van internetpornografieën – meervoud dus. Omdat er zoveel verschillende soorten porno zijn, is het aannemelijk dat de effecten ervan ook verschillend zijn. Hier moet meer aandacht voor komen.

 

Klaassen ontkracht een aantal aannames over porno die je vaak hoort. Geweld komt bijvoorbeeld nauwelijks voor, tenzij je spanking meetelt. Seks zonder consent is ook al schaars: slechts 6 procent van de onderzochte video’s. Opvallend: genderongelijkheid komt meer voor in video’s die als ‘amateur’ getagd zijn. Over het algemeen worden vrouwen meer als instrument voor het plezier van mannen neergezet, maar ze worden maar weinig ontmenselijkt. Dat lot treft mannen: we zien alleen hun lichamen, en zelden hun gezicht (zie deze blogpost die ik hierover eerder schreef).

 

Plezier en genot staan hoog in het vaandel: 98 procent van de video’s. Zelfs liefde en affectie is te zien op het internetpornoscherm, toch zeker in 14 procent. Opvallend: seks zonder liefde komt vooral voor in het amateurgenre. In het tienergenre (dus waarin acteurs doen alsof ze tieners zijn) was de meeste liefde te zien, maar dan alleen als de ‘tieners’ het met elkaar deden – en dus niet wanneer een oudere man een ‘tiener’ bevredigde. Het klopt dat porno zelden seks binnen een vaste relatie uitbeeldt, maar ik keek er toch van op dat dit in 15 procent van video’s wel het geval was.

 

Opvattingen van jongeren over porno

Aan de ontvangstkant zijn er ook opvallende inzichten. Klaassen keek daarbij naar de invloed van pornogebruik op de attitudes van jongeren, opgesplitst in ‘vrouwen als seksobject zien’ en ‘seks als instrumenteel zien’. Dat laatste werd gemeten door vragen te stellen als ‘seks is vooral fysiek’ en ‘het belangrijkste aan seks is dat je er plezier aan beleeft’. Klaassen was benieuwd of weerstand tegen porno en hypergenderoriëntatie de effecten van porno modereren.

‘Het klopt dat porno zelden seks binnen een vaste relatie uitbeeldt, maar ik keek er toch van op dat dit in 15 procent van video’s wel het geval was’

Hoe meer weerstand jongeren hebben tegen porno, hoe minder sterk de effecten. Oftewel: als je porno maar niets vindt, doet het ook weinig voor je. En hoe meer porno je kijkt, hoe meer je vindt dat seksueel actieve meisjes aantrekkelijk zijn en dat seks instrumenteel is. Tot slot blijkt hypergenderoriëntatie een rol te spelen. Dit construct werd gemeten met vragen als ‘ik vecht om te winnen’ voor jongens en ‘ik voel me gevleid als jongens naar me fluiten’ voor meisjes. Hoe hoger jongeren daarop scoren, hoe meer deze jongeren seks als instrumenteel zien.

 

Moreel kader

Tijdens de laudatio prees promotor Jochen Peter de neutrale houding van Klaassen. Voor dit type kwantitatief, positivistisch onderzoek is dat voorwaarde en uitgangspunt. Neutraal blijven bij een onderwerp als porno is echter helemaal niet mogelijk. Het maatschappelijk debat wordt gedomineerd door mensen die bol staan van de morele zorgen, omdat ze seks niets voor jongeren vinden, omdat ze religieus geïnspireerd zijn of omdat ze het type feminist zijn die heteroseks eigenlijk helemaal afwijzen en zeker als mensen ervoor betaald krijgen.

‘Neutraal blijven bij een onderwerp als porno is helemaal niet mogelijk: het maatschappelijk debat wordt gedomineerd door mensen die bol staan van morele zorgen’

Die zorgen sturen wetenschappelijk onderzoek aan en zijn ook het proefschrift van Klaassen binnengeslopen. Seks willen koppelen aan liefde is niet neutraal, seks voor plezier tendentieus ‘instrumenteel’ noemen ook niet. Uit het proefschrift en uit Klaassens antwoorden tijdens de verdediging spreekt de algemene afwijzing van porno als onrealistisch. Dat verwijt hoor je heel vaak. Ik noem het ambitieloos. Je hóeft geen pornoseks te hebben, net als dat je niet als een prof hoeft te voetballen. Maar met streven naar seks als een pornoster is niets mis. 

 

Klaassen begint dus vanuit een positie die neigt naar anti-porno. Ze zoekt maar ze heeft niet gevonden: ‘the findings suggest that for mainstream Internet pornography more broadly, general concern about harmful content may be less pressing than suggested’ (p. 130). Toch pleit ze voor het aanmoedigen van weerstand, bijvoorbeeld door in het onderwijs ‘pornogeletterdheid’ te bevorderen door leerlingen kritisch te maken op dit genre. Zou ze dat ook aanbevelen als ze in plaats van negatieve effecten ook naar positieve uitkomsten had gekeken? Porno kan je helpen te ontdekken wat je lekker vindt bijvoorbeeld, en het is een uitstekende assistent bij het masturberen.    

 

De commissieleden lieten dit allemaal liggen. Hun vragen waren opvallend journalistiek voor een verdediging. Welke interventies stelt Klaassen voor? Zijn de conclusies ook generaliseerbaar naar ouderen? Zou je na MeToo andere resultaten krijgen? Klaassen kon ze goed pareren, en hopelijk blijft ze dat doen. Ze heeft namelijk gedegen onderzoek uitgevoerd waar journalisten of eigenlijk iedereen met interesse in porno en media kennis van zou moeten nemen. Dat hoeft niet te blijven bij het lezen van deze column: het proefschrift is in toegankelijk Engels geschreven en gewoon online beschikbaar

 

Linda Duits is een weggelopen wetenschapper, gespecialiseerd in populaire cultuur; in het bijzonder op het gebied van gender en seksualiteit.

Lees meer over