Foto: Julian Howard (Unsplash)
opinie

Op z'n Duits | Als vervelen nuttig is, is het geen vervelen meer

Linda Duits,
25 januari 2019 - 07:45

Deze week moet ik niets doen. Herstellen, rust nemen. Ik dacht altijd dat ik daar goed in was, maar dat blijkt een leugen. De ironie van het schrijven van een column over niets doen ontgaat mij niet.

Mensen met creatieve beroepen zijn altijd aan het werk. Zelfs als het lijkt alsof ik middenin een vrijetijdsbesteding zit - bier drinken of tv kijken bijvoorbeeld - sta ik ‘aan’. Dan vind ik materiaal voor een column, of duid ik popcultuur. Sinds ik een podcast maak over geeky dingen zijn sowieso alle geeky dingen werk geworden.

 

Ooit dacht ik de luxe te hebben om echt niets doen. Toen ik klaar was met studeren ging ik op wereldreis, zoals het hoort. Ik kan geen maat houden en dus zou ik een jaar gaan. Na negen maanden wist ik wat vrijheid was en had ik het gezien. Mijn project was voltooid.

 

Niet werken is ook werken: ook als je niets hoeft te doen, ga je iets doen. Iedere dag ondernam ik minimaal één dagactiviteit: een tempel bezoeken, een museum bewonderen, een waterval beklimmen. In ieder dorpje zijn er activiteiten te verzinnen. Hoe obscuurder hoe beter, hoe kneuteriger hoe bezienswaardiger. En toch gaat het vervelen.

In mijn tijd was je gek als je nominaal afstudeerde, we kregen immers vijf jaar studiefinanciering

Het reizen van A naar B en het bedenken van steeds weer een nieuwe, maar toch ook weer dezelfde dagactiviteit zijn taken. En die taken waren voor mij net zo routineus geworden als het etiketteren van enveloppen - ik had geld gespaard voor de reis door onder andere als receptionist bij een accountantskantoor te werken. Omdat dat werk niet zoveel inhield, speelde ik achter de balie stiekem eindeloos veel Freecell.

 

Vroeger zag ik dat allemaal als prettige tijdverspilling. Ik liep een half jaar studievertraging op omdat ik mezelf nachtenlang verloor in Civilization. Ik dacht daar trouwens niet zo over: studievertraging is een term van nu. In mijn tijd was je gek als je nominaal afstudeerde, we kregen immers vijf jaar studiefinanciering. Dat was in het vorige millennium, een ander tijdperk.

 

Verveling is goed voor je, zo schrijven kranten en vrouwenbladen tegenwoordig met enige regelmaat. In zulke lofzangen op niets doen gaat het meestal over de smartphone. Dat vermaledijde apparaatje zou ons weerhouden van verveling, terwijl onze hersenen verveling juist nodig zouden hebben. Verveling zou louterend zijn. Wetenschappers en filosofen worden aangehaald, de auteurs passen wat zelfreflectie toe en het advies is steeds hetzelfde. Dit instrumenteel willen maken van niets doen is neoliberale quatsch. Als vervelen nuttig is, is het geen vervelen meer.

 

Ik wil er niks van weten, ik vind het vervelend. Zulke stukken maken me boos en als ik boos ben, gaan mijn hersenen aan en dat wilde ik nou juist niet. Ik moet immers rusten en dat betekent me niet inspannen. Niet met mijn lijf en niet met mijn brein. Niet sporten gaat me van nature gemakkelijk af, me niet opwinden is een stuk lastiger. Daar ben ik tenslotte columnist voor. Dat maakt mijn verzet vergeefs. Ik ben allang in de val getrapt en draai – zij het morrend – gewoon mee in de mallemolen van doelmatigheid. Niets aan te doen.

 

Linda Duits is een weggelopen wetenschapper, gespecialiseerd in populaire cultuur; in het bijzonder op het gebied van gender en seksualiteit.