Foto: Jorn van Eck (UvA)
opinie

‘De UvA doet vertraagde studenten tekort’

Aïsha Daw,
10 januari 2019 - 12:02

Door een heel strikte definitie van studievertraging te gebruiken missen veel studenten die door overmacht of ziekte vertraging oplopen financiële ondersteuning, schrijft student Aïsha Daw. ‘De arbitraire manier van het vaststellen van studievertraging moet worden aangepast.’

Studenten zijn nog nooit zo genoodzaakt om door hun studie heen te vliegen. Bij een negatief bindend studieadvies kan de student geconfronteerd worden met het wegvallen van hun recht op studiefinanciering of zelfs op studentenhuisvesting. Dat leidt tot een hoge druk om nominaal af te studeren.

 

Prestatiedruk onder studenten is een erkend probleem waar inmiddels wat concrete stappen voor gezet zijn door de UvA. Zo werden er, zoals inmiddels welbekend is, puppy’s in de Universiteitsbibliotheek gestationeerd tijdens tentamenperiodes. Toch lijkt het eruit knuffelen van prestatiedruk niet de oplossing voor het structurele probleem van verhoogde prestatiedruk onder studenten.

‘Als je ooit extra vakken hebt behaald en je op het moment van vertraging boven de norm uitkomt, dan krijg je geen steun, omdat de UvA dit niet als studievertraging ziet’

Het profileringsfonds als vangnet

Uiteraard heeft de UvA een vangnet voor studenten die door verscheidene oorzaken studievertraging oplopen: het profileringsfonds. In tijden waarin het aantal burn-outs en depressies onder studenten toeneemt, is het de moeite waard om dit fonds onder de loep te nemen.

 

Het profileringsfonds biedt studenten financiële ondersteuning als hun studievertraging het gevolg is van bijzondere omstandigheden, zoals overmacht of ziekte. Onder ziekte vallen allerlei aandoeningen, zoals chronische ziektes, maar ook mentale problemen die verband houden met prestatiedruk, zoals depressies en burn-outs. Hoe dit fonds wordt ingevuld is bij elke universiteit anders: een universiteit kiest zelf hoe zij met vertraagde studenten omgaat. Hoewel het profileringsfonds studenten met problemen hoort te helpen, worden sommige studenten aan de UvA de deur gewezen. Waarom?

 

Extra vakken of minoren

Dat zit zo: de UvA helpt, als een van de enige universiteiten in Nederland, slechts vertraagde studenten onder de voorwaarde dat zij ‘nominaal’ studeren en meet de studievertraging ten opzichte van het totaal aantal punten van de studie. Daarbij is het belangrijk om te weten dat het betekent dat je minder dan een bepaald aantal studiepunten hebt als je vertraging oploopt. Als bachelorstudent mag je dus niet meer dan 180 studiepunten hebben gehaald als je vertraging oploopt, in een eenjarige master niet meer dan 60. Als je dus ooit extra punten hebt behaald en je op het moment van vertraging boven die norm uitkomt, dan krijg je geen steun, omdat de UvA dit niet als studievertraging ziet.

‘Deze definitie van studievertraging in het profileringsfonds is misleidend, omdat het geen echte studievertraging meet’

Stel je voor: Jack zit in het eerste jaar van de studie rechten. Hij volgt bovenop het huidige curriculum een extra minor politicologie in het eerste jaar, zodat hij direct na de bachelor kan schakelen zonder daarbij studievertraging op te lopen. De minor is af in het eerste semester van zijn studie en het studeren loopt voorspoedig. Tot in het derde jaar. Dan krijgt Jack een burn-out, waardoor hij een semester vertraging oploopt. Casus nummer twee: Claudia studeert geschiedenis, en doet hier bovenop een eerste jaar psychologie. Binnen één jaar haalt ze een propedeuse geschiedenis en psychologie. In het derde jaar van haar geschiedenisbachelor overlijdt een naaste. Ze loopt een semester vertraging op.

 

Jack en Claudia krijgen beiden geen financiële steun van de UvA. De extra minor die Jack bovenop zijn studie deed om vertraging te voorkomen, heeft hem genekt wanneer hij jaren later ziek wordt, omdat hij te veel punten heeft. Datzelfde geldt voor het propedeusejaar psychologie dat Claudia heeft gedaan. Dat betekent blijkbaar dat zij niet écht vertraging oploopt wanneer er een situatie van overmacht ontstaat en er iemand overlijdt, omdat ze te veel punten heeft. Beide studenten hebben volgens de definitie van de UvA geen studievertraging, en dus krijgen ze geen compensatie.

 

Geen echte studievertraging

Deze definitie van studievertraging in het profileringsfonds is misleidend, omdat het geen studievertraging meet. Het totaal aantal behaalde punten heeft niets met de studievertraging van een student in kwestie te maken. Ongeacht de definitie die de universiteit hanteert, missen vertraagde studenten namelijk wel hun vakken: de studievertraging is er echt.

 

Studentendecanen, degenen die beoordelen of een student recht heeft op financiële ondersteuning vanuit het profileringsfonds, geven aan dat veel studenten die kampen met studievertraging vanwege een burn-out, depressie of het overlijden van een familielid worden teruggestuurd met de boodschap dat zij niet aan de criteria voor financiële steun voldoen. De aangedane, vertraagde student trekt aan het kortste eind.

 

In plaats van om dieren in te zetten tegen stress, kan de UvA ook échte steun verlenen aan studenten. Dit moet de Centrale Studentenraad, die instemt met de voorwaarden voor steun uit het profileringsfonds, doen door de arbitraire manier van het vaststellen van studievertraging aan te passen. Laten we een voorbeeld nemen aan de Universiteit Utrecht, waarin studievertraging simpelweg wordt vastgesteld in gemiste maanden uit een studiejaar. Zó worden vertraagde studenten met extra studiepunten ook gesteund. Zó wordt studievertraging gemeten in termen van daadwerkelijke vertraging van de studie.

 

Aïsha Daw is student bij de onderzoeksmaster filosofie en de onderzoeksmaster argumentatie, en lid van de opleidingscommissie filosofie.

Lees meer over