Ooit was hij (hoewel nog geen twee maanden) de eerste minister-president van Nederland, maar vandaag de dag zijn zelfs zijn nazaten hem vergeten. In zijn biografie De vergeten minister-president: Gerrit Schimmelpenninck (1794-1863) wil UvA-promovendus en historicus Hans Verbeek een beeld schetsen van het leven van Schimmelpenninck. ‘Zijn ideeën zijn nu de politieke realiteit.’
Wie was Gerrit Schimmelpenninck, de grote vijand van Thorbecke in 1848? We kennen allemaal wel de grondwetsherziening van Johan Rudolf Thorbecke uit 1848 en de daarbijbehorende hervormingen die de basis vormden van het politieke stelsel dat wij nu kennen. Zijn minder bekende tegenstander, die destijds concurrerende ideeën had over de nieuwe grondwet, is in de vergetelheid geraakt. Het verhaal van graaf Gerrit Schimmelpenninck laat zien dat de geschiedenis de kroniek van de winnaars is.
Wie was Gerrit Schimmelpenninck?
‘In de kern was hij de grote tegenstander van Thorbecke bij de discussies over de grondwetsherziening van 1848. In de geschiedschrijving wordt hij neergezet als de conservatieve graaf die geen verandering wilde tegenover de hervormingsgezinde Thorbecke. Schimmelpenninck omschreef zichzelf als liberaal en dat zie je ook terug in zijn visie op de grondwet. Het beeld van de conservatieve graaf moet dus worden bijgesteld.’
‘Schimmelpenninck keek erg neer op andere mensen, inclusief de koning. En zeker op Thorbecke, die vond hij maar een theoreticus, een huiskamergeleerde. En dat was absoluut geen compliment. Schimmelpenninck kwam uit de notabelenelite en vond zichzelf echt een man van de praktijk. Hij pretendeerde het daardoor allemaal wel beter te weten.’
Wat wilde Schimmelpenninck anders dan Thorbecke?
‘Schimmelpenninck was een groot voorstander van het Britse model. Een sterke minister-president, ministeriële verantwoordelijkheid en een ceremoniële, niet politieke rol voor de koning. Met name in dat laatste en ook de positie van de Eerste Kamer, verschilde hij het meest van Thorbecke. Hij wilde het Britse model één op één naar Nederland overbrengen.’
‘Net als Thorbecke wilde hij een direct gekozen Tweede Kamer. Schimmelpenninck wilde zelfs nog meer leden in de Kamer dan de grondwetscommissie van Thorbecke. Maar de Eerste Kamer was voor Schimmelpenninck heel belangrijk. Hij wilde het Britse systeem van the House of Lords ook in Nederland. Mannen die op grond van bewezen bestuurlijke kwaliteiten voor het leven door de koning benoemd zouden moeten worden. Hij vond dat de Eerste Kamer echt een soort hoger beroepsinstantie moest worden ten opzichte van besluiten uit de Tweede Kamer en een buffer moest vormen tussen het Koningshuis en de Tweede Kamer. Hij voorzag dat bij de doorvoering van de plannen van Thorbecke de Tweede Kamer als vertegenwoordiger van het volk rechtstreeks tegenover de koning zou komen te staan, indien de Eerste Kamer ontbonden zou kunnen worden. Die situatie moest volgens Schimmelpenninck te allen tijde worden voorkomen. Het was zijn grootste angst dat de monarchie in dat geval in gevaar zou komen.’
‘In Schimmelpenninck en Thorbecke zie je twee verschillende concepten van wat politiek is tegenover elkaar. Thorbecke was een man van het politieke discours, ideeën mochten van hem best botsen. Schimmelpenninck kwam voort uit de notabelenelite en zag politiek meer als een bestuurlijke functie en het creëren van maatschappelijke rust.’
Waarom zijn we hem vergeten?
‘De geschiedenis wordt vaak bepaald door de winnaars. Een andere historicus noemde het ook wel de Thorbeckiaanse geschiedschrijving. Er was in de geschiedschrijving over de negentiende eeuw dus weinig ruimte voor andere mensen dan Thorbecke. Hij heeft natuurlijk ook de belangrijkste rol gehad, maar er liepen wel degelijk andere mannen rond.’
‘Daarnaast groeide Schimmelpenninck op in de schaduw van zijn veel beroemdere vader Rutger Jan Schimmelpenninck, die raadpensionaris was van Nederland. Over hem zijn al verschillende biografieën geschreven. Men weet weinig tot niets van het bestaan van Gerrit af. Ook de familie Schimmelpenninck zelf niet hoor. Mijn man is een Schimmelpenninck, een directe nazaat. Rutger Jan kenden ze wel, maar van Gerrit wisten ze bijna niets af. Dat is opmerkelijk.’
Waarom werd hij door koning Willem II aangesteld als de eerste minister-president?
‘In 1848 was er in heel Europa sociale onrust. Er werden monarchieën afgezet en er ontstonden revoluties. In Den Haag bestond de vrees dat die revolutiesfeer zou overslaan naar Nederland. Schimmelpenninck woonde op dat moment in Londen, waar hij de Nederlandse ambassadeur was. De koning besloot om hem terug naar Nederland te halen. Hij wilde hem als buffer gebruiken tegen de hervormingsgezinde kliek rondom Thorbecke. De koning dacht met Schimmelpenninck iemand in huis te halen die borg zou kunnen staan voor het behoud van het huidige systeem.
‘De koning klampte zich aan hem vast, waardoor Schimmelpenninck in een positie kwam om eisen te stellen. Hij stelde er drie: hij wilde een eigen grondwet samenstellen, zelf zijn ministers kiezen en als minister-president voorzitter worden van de ministerraad. Voorheen rouleerde deze functie, Schimmelpenninck wilde dat naar zich toetrekken.’
Koning Willem II haalde zelf Schimmelpenninck naar Nederland. Waarom koos hij later toch voor Thorbecke?
‘De koning stond onder grote maatschappelijke en politieke druk om meer hervormingen door te voeren. De koning was een enorme twijfelkont, maar koos in mei 1848 toch voor de lijn van Thorbecke. Toen was het ook gelijk de exit van Schimmelpenninck. Hij is dus maar twee maanden minister-president geweest. Formeel werd de positie van minister-president pas in 1983 in de grondwet opgenomen.’
‘Het was ook een slimmigheidje van Thorbecke. Hij was met de grondwetscommissie al ver gevorderd en had die plannen al naar de staatsdrukkerij gebracht. Dat lag al op straat voordat de ministerraad er überhaupt een reactie op kon geven.’
‘Ik durf Schimmelpenninck wel de eerste mislukte minister-president te noemen. Dat lag deels aan de omstandigheden, maar ook aan zijn eigen zelfoverschatting en arrogantie. Hij had gewoon niet de kwaliteiten om steun te zoeken, een te groot ego om coalities te vormen. Hij zag over het hoofd dat je voor het doorvoeren van plannen toch ook steun van anderen nodig hebt.’
Had Nederland er anders uit gezien als Schimmelpenninck de strijd had gewonnen?
‘Dat is lastig te zeggen. Maar in de praktijk zien we dat veel van zijn ideeën van toen uiteindelijk nu de politieke realiteit zijn. We hebben nu een minister-president die leidinggeeft aan zijn eigen kabinet en een koning die geen politieke rol vervult en alleen een ceremoniële rol vervult als op koningsdag.’
‘Maar zijn voorstel kon eigenlijk alleen met een tweepartijenstelsel zoals je toen in Engeland had. Dan wist je zeker dat de minister-president kon steunen op een meerderheid van het parlement. In Nederland was dat er toen nog niet. Zijn ideeën kwamen dus eigenlijk te vroeg.’
Je schrijft dat Schimmelpenninck heeft gefaald als politicus, is hij ergens anders wel succesvol in geweest?
‘Hij was diplomaat en tien jaar lang bestuurder van de Nederlandsche Handel-maatschappij. Er is weinig geschreven over de Nederlandse diplomatie in die tijd. Hoe gingen ze te werk? Wat deden ze? Juist door de toegang tot zijn privécorrespondentie kon ik een heel goed beeld krijgen van de diplomaat Schimmelpenninck. In zijn brieven zie je dat hij heel vaak tegen Den Haag zegt: “laat mij dat maar opknappen”. Als diplomaat was hij succesvol en heeft hij enkele precaire kwesties tussen Engeland en Nederland, bijvoorbeeld over de slavernij, weten te sussen.’
Hoe keek hij zelf terug op zijn politieke carrière?
‘In zijn politieke memoires zie je dat hij vooral afgeeft op anderen. Je ziet een woest handschrift en veel doorhalingen, er zat veel emotie in. Dat is fantastisch om te zien. Maar hij vond nooit dat het zijn schuld is geweest, het lag altijd aan anderen of de omstandigheden. De koning vond hij ook maar een zwak figuur. Een beetje zelfreflectie ontbrak wel bij Schimmelpenninck.’
Hans Verbeek promoveert op woensdag 8 april op het proefschrift: De vergeten minister-president: Gerrit Schimmelpenninck (1794-1863). Promotie is van 14.00 -15.30 uur in de aula van de Oude Lutherse kerk. De biografie wordt ook in boekvorm uitgegeven en is tevens vanaf 8 april verkrijgbaar.