Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
Minister Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft in een interview met een aantal universiteitsmedia de druk op vervoerders en hogescholen en universiteiten verhoogd. Zij staan voor de opgave om tot een akkoord te komen voor bezuinigingen op het studentenreisrecht ter waarde van 200 miljoen euro. Wanneer dat niet lukt, heeft dat tot gevolg dat er niet 1 miljard, maar slechts 800 miljoen geïnvesteerd kan worden in het hoger onderwijs, waarschuwt Bussemaker.

Meer voor minder
De universiteiten en hogescholen zien zich geplaatst voor een moeilijke opgave. In het leenstelselakkoord dat dit voorjaar werd gesloten bleef het ov-reisrecht voor studenten behouden. Aangezien minderjarige mbo’ers in dat akkoord hetzelfde reisrecht kregen en er niet meer geld voor beschikbaar werd gemaakt, was al snel duidelijk dat studenten meer buiten de spits moesten gaan reizen.

Aan de instellingen en de openbaarvervoersbedrijven werd overgelaten hoe die 200 miljoen precies bezuinigd zou moeten worden. Minister Bussemaker stelt nu dat wanneer het niet lukt om een akkoord te bereiken, het hoger onderwijs kan fluiten naar een vijfde deel van de geplande investeringen.

De Vereniging van Universiteiten laat bij monde van een woordvoerder weten dat zij weinig nieuws leest in het interview. ‘In het dit voorjaar gepresenteerde akkoord was er al een koppeling tussen het veranderen van het reisgedrag van studenten en die 200 miljoen euro. Het verbaast me daarom niet dat het bedrag niet beschikbaar komt wanneer het niet lukt studenten buiten de spits te laten reizen,’ aldus woordvoerder Bastiaan Verweij.

'Een ongelooflijk moeilijke opgave'
De Landelijke Studenten Vakbond ziet eveneens dat de minister een de druk op de onderhandelingen verhoogt. Voorzitter Tom Hoven vertelt dat hij de bezuinigingen op het reisrecht altijd vreemd heeft gevonden. ‘Er zijn steeds meer mensen die gebruik maken van het ov-reisrecht en door de bezuinigingen op de basisbeurs zullen er waarschijnlijk ook nog meer studenten thuis blijven wonen. Dat betekent dat er steeds meer reiskilometers gemaakt zullen worden. De minister wil daar desondanks 200 miljoen op bezuinigen. Dat lijkt me een ongelooflijk moeilijke opgave.’

Hoven verwacht dan ook dat universiteiten en hogescholen kunnen fluiten naar die 200 miljoen. ‘Ik heb van verschillende colleges van bestuur al vernomen dat het onmogelijk is hun studenten buiten de spits te laten reizen. Bovendien hebben veel studenten ’s avonds een bijbaan en is het voor hen vaak moeilijk ’s avonds ook te studeren. Ik denk dan ook niet dat het gaat lukken om die bezuiniging te realiseren.’

Update 20 augustus 2014, 11.45 uur De Vereniging Hogescholen laat weten dat zij toegankelijkheid van het hoger beroepsonderwijs hoog in het vaandel heeft staan en dus tevreden is dat dit voorjaar het ov-reisrecht niet is geschrapt. Woordvoerder Rolf de Wit: 'Wij vinden dat in deze discussie het primaat bij het onderwijs en de onderwijsorganisatie moet liggen. Als de hogescholen zeggen dat zij studenten de spits kunnen laten mijden zonder dat het onderwijs en de organisatie daarvan verslechteren, vinden wij dat prima.'

Er is echter een maar, zo stelt De Wit. 'Mocht dat niet kunnen, dan vinden wij het onderwijs en de organisatie daarvan belangrijker dan die extra investeringen. Wanneer er dan wat meer naar het reisrecht en dus naar de toegankelijkheid gaat en niet naar een extra kwaliteitsimpuls van het hoger onderwijs, dan zij dat zo.'