Niks meer missen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
Het aantal studenten in Amsterdam groeit sneller dan verwacht. Daardoor neemt het tekort aan studentenwoningen in de toekomst opnieuw toe. Tot 2015 zijn er ruim tienduizend extra wooneenheden nodig.

Dat blijkt uit cijfers die de Amsterdamse onderwijsinstellingen woensdag presenteerden in bijzijn van de Amsterdamse wethouder wonen Freek Ossel in de Academie van de Bouwkunst aan het Waterlooplein.

De nieuwe cijfers zijn een bijstelling op het visiedocument ‘Studeren in de Topstad’ uit 2010. In 2010 telde de gezamenlijke hoger onderwijsinstellingen in de stad 99.376 studenten, 6,9 procent meer dan werd aangenomen. De raming van voltijd studenten in 2015 komt volgens de nieuwe cijfers neer op 117.100. Naar aanleiding van deze schattingen zijn er tot 2015 10.300 extra wooneenheden nodig om aan de vraag te voldoen.

Tevreden
Ondanks het nieuwe tekort aan studentenwoningen is Paul Doop, waarnemend voorzitter van het College van Bestuur van UvA-HvA, tevreden over wat er al is bereikt. ‘Amsterdam zat bij studenten in de kelders van de waardering wat betreft huisvesting,’ aldus Doop. ‘Onderwijsinstellingen beseffen zich inmiddels dat goede studentenhuisvesting mede hun verantwoordelijkheid is, en ook de gemeente Amsterdam is zich er van bewust dat als we in Amsterdam verder willen komen, we ruimte moeten maken voor studenten.’

Wethouder wonen Freek Ossel gaf aan dat het ook de verantwoordelijkheid van de studenten zelf is een woonruimte te vinden. ‘Zelfs als het ons als gemeente lukt de beloofde 9000 woningen te realiseren, dan is dat nog niet genoeg. Het andere deel van het probleem moet en zal op de particuliere markt worden opgelost.’ Volgens Ankie Verlaan, voorzitter van de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties, liet weten dat ze nog veel studenten tegenkomen die aangeven ergens niet te willen wonen.

Kritisch
Asva-voorzitter Eline Peters toonde zich kritisch over de cijfers die werden gepresenteerd. ‘Van de 7000 gerealiseerde woningen waar de wethouder het steeds over heeft zijn er 3800 inmiddels al weer verdwenen. Pas als de beloofde 9000 woningen gerealiseerd zijn en ze ook daadwerkelijk blijvend zijn komt men de beloftes werkelijk na!.’

Volgens Peters bestaat ook nog steeds veel onenigheid over de interpretatie van de cijfers. ‘In in dit visiedocument wordt de huisvestingsbehoefte van studenten in het wetenschappelijk onderwijs Amsterdam op 45% geschat, en in het hoger onderwijs op 28%. Daar dit cijfer in heel Nederland op 62% ligt lijkt ons dit zeer onrealistisch. Zelf gebruiken wij het, nog zeer bescheiden, percentage van 52%. Dan krijg je direct heel andere getallen over de huisvestingbehoefte.’