Foto: Sterre van der Hee
actueel

Albert (49) werkt in de nok van het Maagdenhuis: ‘Mijn erfstuk hangt hier’

Sterre van der Hee,
9 oktober 2018 - 15:05

Tweewekelijks vertelt een medewerker, student, bestuurder, docent of hoogleraar over zijn of haar werkplek. Deze week: Albert Goutbeek, adjunct-directeur van het Bureau Alumnirelaties en Universiteitsfonds, die héél snel een Rubik’s Cube kan oplossen.

Wie ben je en wat doe je? 

‘Ik ben Albert Goutbeek, 49 jaar, en adjunct-directeur van het Bureau Alumnirelaties en Universiteitsfonds. Ik kwam hier als communicatieadviseur, en naast mijn andere taken houd ik me ook nog steeds met communicatie bezig. De alumni zijn de primaire doelgroep van het Bureau: we bevragen ze na de opleiding over de studie, we faciliteren onderlinge netwerken door bijeenkomsten zoals de Universiteitsdag, we versturen digitale nieuwsbrieven en we maken het Spui Magazine, een blad dat jaarlijks twee keer uitkomt. Daarin staan ook verhalen van alumni – dat zorgt vaak dat mensen zich verbonden blijven voelen. 

Bij het hele bureau werken zo’n twintig mensen, bijna iedereen werkt in deeltijd. Op onze zolder zitten de verschillende teams: alumnirelaties, universiteitsfonds, relatiebeheer. Dat is handig, je loopt zo bij elkaar naar binnen.’

 

(Lees verder onder de afbeelding)

Het uitzicht vanaf de zolder van het Maagdenhuis
Het erfstuk van de grootouders van Albert

Waar is je werkplek?

‘Op de zolder van het Maagdenhuis. We kwamen hier in 2012. Eerder zaten we boven cultureel centrum Spui25, daar waren we als alumnivereniging een founding partner van, samen met de Faculteit der Geesteswetenschappen en Athenaeum Boekhandel. Nu zit ik hier, samen met mijn collega’s. Het is erg licht en er is mooi uitzicht. Tegenover mijn bureau heb ik een schilderij van de Bloemenmarkt opgehangen, dat is een erfstuk van mijn opa en oma. Er ligt hier ook een Rubik’s Cube. Als middelbare scholier kon ik die heel goed oplossen, er was een formule: rechts, boven, min rechts, min boven… [Hij lost snel één kant van de kubus op.] Voor de andere zijden heb je weer een andere formule. Ik denk dat dit een relatiegeschenk was.’

 

Wat vind je leuk aan de werkplek?

‘Ik heb wel iets met zolders, dat heeft altijd wat gezelligs. Er hangen schuine balken in de gang, daar moet je voor oppassen, er zitten reflectoren op om mensen te waarschuwen. Het is hier dus heel licht, je zit lekker dicht bij de lucht. Ik heb nooit last van een winterdepressie. En de historie van het Maagdenhuis is natuurlijk bijzonder. Het pand is wel wat oud, en er is een lift die maar tot de derde verdieping gaat, maar ik loop ‘s ochtends sowieso altijd vijf verdiepingen de trap op om wat extra lichaamsbeweging te krijgen.’

 

Wat vind je minder leuk?

‘In de zomer warmt het natuurlijk wel op. Op warme zomerdagen gaat het raam ’s ochtends open en moet de luxaflex op tijd weer dicht. In de winter is het ook minder comfortabel – het is enkel glas – maar de charme weegt daar wel tegenop. Het is wel jammer dat hier nauwelijks studenten zijn.’ Hij lacht. ‘En áls ze komen, komen ze ook met heel veel man tegelijk.’

De gang op de zolder, met reflectoren op de houten balken