Foto: Dirk Wolthekker
actueel

Marike van Roon werkt op een van de oudste plekjes van de UvA

Dirk Wolthekker,
15 mei 2018 - 14:19

Marike van Roon werkt bij de divisie Erfgoed en is als hoofdconservator Bijzondere Collecties en Allard Pierson Museum verantwoordelijk voor aankoop, beheer en behoud van alle boeken, handschriften, kaarten en prenten.

Wie ben je en wat doe je?

‘Ik ben Marike van Roon (54). Als hoofdconservator van de Bijzondere Collecties beheer en bewaar ik bijzondere en vaak kostbare boeken en voorwerpen en soms koop ik ze ook aan voor onze collectie. Het is in totaal 25 strekkende kilometer boekenplank en vele vierkante meters museumdepot. Oude collecties worden hier ingezet voor nieuw onderzoek. De boeken van de Artisbibliotheek werden bijvoorbeeld vroeger gebruikt voor onderwijs & onderzoek in de biologie, maar illustreren nu wetenschapsgeschiedenis en de relatie tussen kunst en wetenschap.

Pronkstuk in mijn werkkamer is de Historische beschryving der stadt Amsterdam uit 1663, gemaakt door de arts Olfert Dapper. Het is een boek met gravures van belangrijke gebouwen van Amsterdam uit die tijd. Op basis van de inhoud is dit geen zeldzaam boek – er zijn meerdere exemplaren van en je kunt voor enkele duizenden euro een exemplaar bemachtigen bij een boekantiquair – maar waar het om gaat is de omslag. Die is wel uniek. Vroeger kocht je boeken zonder band: die werd op maat gemaakt door een boekbinder. Op de omslag staat in goudletters “S. Pieters Gast Huys” en dat is wat het exemplaar uniek maakt. Hij is hier in deze omgeving ook gebruikt, want het Pieters Gasthuis, het latere Binnengasthuis, stond op deze plek.’

Foto: Dirk Wolthekker
Marike van Roon: ‘Iedereen die koffie haalt komt langs mijn werkplek’

Waar is je werkplek?

‘Mijn werkplek bevindt zich op de vierde verdieping van het pand van de Bijzondere Collecties op de Oude Turfmarkt in een hoekje van een pand waarin vroeger een klooster zat. Dat klinkt alsof ik ergens ben weggestopt, maar het is het oudste hoekje van het pand met uitzicht op de binnentuin. Precies op de plek waar de buitenwand van mijn kamer ligt liep drieënhalve eeuw geleden de oever van de Amstel. Op de begane grond hebben we dat in de betegelde vloer laten markeren met de letters A M S T E L Op een gegeven moment werd de Amstel gekanaliseerd en kreeg de rivier een andere loop. Mijn kantoortje, of in elk geval de buitenwanden ervan, zijn nog te zien in het zeventiende-eeuwse boek van Olfert Dapper.’

 

Wat vind je leuk aan je werkplek?

‘Mijn werkkamer is licht en ruim en ik deel hem met een collega. De kamer heeft uitzicht op de oude kruidentuin en bleekvelden van het klooster en ligt naast de koffiekamer van de afdeling, dus iedereen die koffie haalt komt langs mijn werkplek. Omdat ik de deur altijd open heb staan kan iedereen die kort en informeel overleg wil gewoon binnenvallen. Dat is goed voor de communicatie.’

 

Wat vind je minder leuk aan je werkplek?

‘Zelf vind ik het niet erg, maar deze kamer ligt een beetje achteraf en gasten kunnen hier niet gemakkelijk zelf komen. Ik moet ze hier echt heen leiden. Bovendien hebben ze geen zicht op zaken – de grachten bijvoorbeeld – waar ze Amsterdam mee associëren. Maar goed, daarvoor in de plaats hebben ze wel zich op een historische binnentuin en op een plek waar vroeger de Amstel liep. Hoe Amsterdams kun je het hebben?’