Foto: Martijn Gijsbertsen
actueel

‘Ik wil niet one of, maar one of a kind zijn’

Carlijn Schepers,
12 april 2017 - 10:57

Een maand zijn ze nu bezig, de zes YouTubers van de HvA. Eerstejaars Julian Raouf is een van de vaste gezichten die studenten meenemen in de wereld van studiekeus en medezeggenschap – in zijn geval onderbroken door grappen en mental breakdowns. Een mooie aanvulling voor zijn al overvolle cv. ‘Stel dat ik na mijn studie toch de tv-wereld in wil.’

‘Aardig, druk en met love voor zelfspot.’ Zo omschrijft eerstejaars bestuurskunde Julian (18) uit Haarlem zichzelf. Elke week is hij te zien op het YouTube-kanaal van de HvA, waar hij kijkers al inwijdde in de wereld van de medezeggenschap, uitvond dat rector Huib de Jong een hondenmens is die van tonijnpizza houdt en deelde hoeveel hij houdt van Goldfish-crackers en keeshondjes. Na te zijn afgewezen voor Amfi is het HvA-YouTuberschap een nieuwe kans voor hem om beroemd te worden. Niet dat het hem daar allemaal om te doen is. ‘Hoewel, als mensen hierdoor weten wie ik ben, zou ik dat wel tof vinden.’

Zoals wel vaker is Julian om twee uur ’s nachts nog wakker en verveeld als hij besluit naar zijn MijnHvA-pagina te surfen. ‘Eigenlijk kijk ik daar nooit op. Ik ga altijd rechtstreeks naar het vak waarvan ik iets moet inleveren.’ Daar valt zijn oog op een advertentie dat de HvA YouTubers zoekt. ‘Ik had ooit al eens iets gepost op YouTube waarvan ik dacht dat het op privé stond, totdat ik de volgende dag 224 views had en dacht: okééé. Misschien was dit dus wel iets voor mij.’

(De tekst loopt door onder de video.)


Zijn beslissing is gauw gemaakt: misschien is het een opstapje naar bekendheid op tv of op social media. ‘Toen Amfi niet lukte, heb ik me proberen in te schrijven bij allerlei castingbureaus. Natuurlijk de gratis bureaus, want ik was skeer. Maar dat werkte niet.’ Dus solliciteert hij voor de baan van HvA-YouTuber. Dat moet natuurlijk met een filmpje, dat meteen zorgt voor een kleine paniekaanval bij Julian. ‘Oh my god. Ik heb geen camera. De camera van mijn telefoon doet het niet. Hoe krijg ik de belichting goed? Ik kan helemaal niet editen. Die gedachten flitsten door mijn hoofd.’

Foto: Martijn Gijsbertsen

Maar toch kwam het goed?
‘Gelukkig wel. Hoewel het echt een mislukte video was: heel donker, gefilmd met de camera van mijn MacBook en met de slechtste edit ooit in iMovie. Toch verscheen er opeens een uitnodiging voor een gesprek in mijn mail. Je begrijpt, ik was superverbaasd. Tegelijkertijd wist ik natuurlijk niet hoeveel aanmeldingen er waren. Vonden ze me leuk of wilde er gewoon niemand anders vloggen voor de HvA?’

Het gesprek ging goed. Julian is zichzelf en dat valt in de smaak. ‘Ik praatte gewoon hoe ik altijd praat en heb niets gefaket. Ik praat nooit formeel, zelfs met de rector van de HvA niet.’ Dus wordt hij gekozen, samen met vijf andere HvA-studenten. Het verse YouTubeteam krijgt meteen een stoomcursus. ‘We leerden filmen, editen, thumbnails in video’s zetten en met effecten werken. Van die ene verdomd slechte sollicitatievideo werden we op het niveau gebracht waarop we nu zitten.’

Elke dinsdag om vier uur ’s middags verschijnt nu een video van Julians hand. Hij maakte al filmpjes over de medezeggenschapsraad, de pizzasessie met Huib de Jong, inclusie en beter leren plannen. En soms is hij te zien bij de andere YouTubers: een studentenmaaltijd kokend met Joey of bij een challenge tegen Sofian. De studenten krijgen geen studiepunten, maar acht euro per uur voor de video’s. ‘Maar daar doe ik het niet voor. Het is mijn creatieve outlet. Ik kan niet tekenen, dansen of zingen, hell no. Maar dit vind ik erg leuk. Bovendien heb ik nu eindelijk een platform om mijn liefde voor praten kwijt te kunnen. Niet voor niets ben ik weggegaan bij twee supermarkten, omdat door mijn lange verhalen aan de klanten de rijen totaal uit de hand liepen.’

Hoe zijn de eerste reacties?
‘Veel docenten vinden het verfrissend en belangrijk wat we doen. En onder de video’s en op de kanalen waarop ik het deel komen de eerste comments binnen. Sommige leuk, sommige minder leuk. Dan zeggen ze: “Waar slaat dit op?”, “Stop met deze bullshit” of “Ik wist niet dat de HvA ook deed aan cringe videos [die je een ongemakkelijk gevoel geven, red.]”.

‘In mijn video’s durf ik echt mezelf te zijn’

Hoe ga je om met die negativiteit?
‘Ik voel me niet famous genoeg om het haters te noemen, maar het zijn mensen die het leuk vinden te bashen op zo’n klein account, omdat ze weten dat het gelezen wordt. Het maakt me niet uit, want I don’t give a shit about hate, honestly.’

Op welke video kwamen deze commentaren?
‘Vooral op de Chubby Bunny-challenge. Mensen begrepen niet wat dat met de HvA te maken had en dat klopt, want dat heeft het ook niet. Maar we willen serieuze video’s afwisselen met plezier. Studenten gaan niet uit zichzelf op YouTube zoeken naar filmpjes over hun school of hoe ze moeten studeren. We hopen dat ze dus via de grappige video’s op ons kanaal komen en dan de rest ook bekijken. Bovendien had ik de challenge wel een eigen draai gegeven. Zo was het in een lokaal op school en zeiden we in plaats van “chubby bunny” moeilijke woorden.’

Komen er nog meer challenges?
‘Misschien wel, als het maar niet de challenges zijn die bijna alle YouTubers al hebben gedaan. Zoals de Draw My Life-challenge. Ik wil niet one of, ik wil one of a kind zijn.’

(De tekst loopt door onder de video.)



Bepaalt de HvA waar de video’s over gaan?
‘We worden heel erg vrijgelaten door de HvA. We bepalen onze eigen onderwerpen en stijl, daarom maken we allemaal op een andere manier video’s. Wel hebben we met z’n allen een database van ideeën gemaakt om uit te kiezen als je even geen inspiratie hebt. En soms mailt communicatie ons met een voorstel en de vraag wie dat oppakt.’

Wel moeten de YouTubers aan de communicatieafdeling melden wat ze gaan doen en moeten de onderwerpen passen binnen een van de vier thema’s op het kanaal: ‘Een studie kiezen’, ‘Studeren in Amsterdam’, ‘HvA in de spotlight’ en ‘Challenges’. De video’s moeten immers de binding tussen de studenten en de hogeschool vergroten. ‘Bij communicatie zeggen ze vervolgens dat ze het leuk vinden of geven ze tips om het anders aan te pakken. Maar het zijn adviezen, geen bevelen.’ De onderwerpen moeten wel enigszins gerelateerd blijven aan de HvA. Ook hebben de YouTubers afgesproken te letten op taalgebruik. ‘Ik zeg nog steeds wel fuck en zo, maar dan bliep ik het weg. Studenten schelden nou eenmaal, ik ga niet faken.’

Foto: Martijn Gijsbertsen

Wat is jouw YouTube-stijl?
‘Vooral veel zelfspot. Ik heb liever dat ík iets over mezelf zeg, dan een ander. En ik hou van comedy. Ik heb bijvoorbeeld ook stand-up gedaan. Dat wil ik laten zien in mijn video’s. Ik probeer elk onderwerp een twist te geven, ook de serieuze onderwerpen. Dat zag je wel in de video van de pizzasessie met Huib de Jong. Ik wilde geen formeel interview met hem doen. Zo werd het grappiger én zagen mensen de echte Huib. Want wie kende Huib nou? Niemand. En wie kent Huib nu? Best veel mensen! Hij was real in die video. Huib is uniek, net als iedereen. Dat wilde ik laten zien.’

Wie zijn jouw YouTubende voorbeelden?
‘Zonder twijfel Shane Dawson, een Amerikaanse YouTuber met acht miljoen abonnees. Ik hou van zijn humor en heb dezelfde comedystijl. Zijn leven lijkt veel op dat van mij. Hij was aan de dikke kant en niet zelfverzekerd toen hij begon met YouTuben. Ik heb het op school ook niet makkelijk gehad. Ik was niet die toffe gozer. De cool kids hadden een clubje met elkaar en gingen samen uit. Ik hoorde daar niet bij.’

 

Julians moeder is vanuit Irak naar Nederland gevlucht toen ze zwanger van hem was. Toen Julian oud genoeg was, ging hij naar een basisschool in Bloemendaal, waar hij het enige kind was met een andere afkomst. ‘Ik voelde me best buitengesloten. Maar dat anders voelen: you’ve got to embrace it. Ja, ik ben wat dikker. Ja, ik gedraag me anders. Ja, m’n fashion wijkt af. Maar dat maakt niet uit! Dat kan ik door het YouTuben nu juist laten zien.’

‘Kijk naar mij: nothing is impossible’

Toch vond Julian dat in het begin best eng. Hij noemt zichzelf ‘camera shy’, omdat hij soms onzeker is over zijn uiterlijk. ‘Ik heb niet de mooiste huid, best een rare baard en ben een dikke jongen. Maar in mijn video’s durf ik echt mezelf te zijn. Zelfs de oncharmante scène waarbij ik een pizzapunt eet bij de sessie met Huib heb ik erin laten zitten. Nou, dat is niet wat ik op datingsites laat zien hoor! Ik hou niet van pure aandachttrekkerij en zal ook niet de meest vreemde dingen doen voor de fame, maar ik wil dat het loont. Ik heb hier hard voor gevochten. Dus ik hoop dat mensen inzien: Julian is eigenlijk best tof. En zo niet, dan zijn er nog vijf andere HvA-YouTubers waarnaar je kunt kijken.’

Nu is het alleen nog een kwestie van meer views krijgen. Hoe doen jullie dat?
‘We verspreiden het allemaal in ons netwerk, althans degenen die niet bang zijn hun video’s te delen. Kijk, I don’t give a shit, ik deel alles, maar sommigen zijn wat terughoudender. Verder hebben we allemaal polsbandjes om het merk van de HvA YouTubers uit te dragen. Uiteraard zijn de mijne roze. Supertof toch? I love polsbandjes. Ondertussen blijven onze abonnees oplopen. Sommige YouTubers zijn wel zeven jaar bezig voordat ze rond de tienduizend of meer views per video zitten. Omdat wij vanuit een instantie video’s posten, gaat het bij ons denk ik sneller. Dus ik zie zulke viewersaantallen wel gebeuren.’

(De tekst loopt door onder de video.)



Is het goed te combineren met je studie?
‘Je bedoelt met mijn studie, bijbaan als horecamedewerker bij Centerparcs, bijbaan als verkoper bij T-Mobile, oriëntatielessen over het hbo op middelbare scholen, meeloopdagen, de opleidingscommissie en het bijhouden van de Facebookgroep HvA Student Actief? Nou, soms is het best lastig de deadline elke week weer te halen. Met het bedenken, filmen en editen ben je gemiddeld toch zo’n tien uur bezig. Maar dat wil ik ook met mijn YouTube-video’s laten zien. Dat je je als student niet moet beperken tot je studie en wat daarbij hoort. Er zijn zoveel dingen om ernaast te doen. En zeg niet dat je niet genoeg tijd hebt, want dat heb je wel.

Ik ben in zo veel dingen geïnteresseerd. Daarom wilde ik ook eerst Amfi doen, toen ik niet was aangenomen docent Engels, en toen ik dáárvoor te laat was en HRM [Human Resource Management, red.] niets vond, bestuurskunde. Bij veel mensen kun je hun leven precies uitstippelen, maar ik kan alle kanten op.

Foto: Martijn Gijsbertsen

Ik vind mode geweldig en volg alle trends op de voet. Ik geef ongeveer bijles in ieder vak, omdat ik vaak überhaupt de enige ben die aantekeningen maakt bij hoorcolleges. Natuurlijk vind ik bestuurskunde heel vet, maar ik wil aan de andere kant ook graag bij een mediabedrijf gaan werken. Ook spreek ik vijf talen: Nederlands, Engels, Duits, Koerdisch en Perzisch. En leer ik nu Japans, omdat ik een enorme fascinatie heb voor dat land en alles wat ermee te maken heeft. Hun cultuur met de anime en de formele manier van praten, ik vind het a-maaazing.’

Hou je nog wel vrije tijd over?
‘Eeeh. Ik haal ’s nachts nog wat uren in, want vaak ben ik nog wakker tot drie, vier uur midden in de nacht. Ook ga ik nog wel uit hoor, maar eens per twee maanden of zo. Dan doe ik het wel meteen goed. O ja, nog vergeten te zeggen: ik was ook nog organisatiesecretaris bij SP. Maar nu niet meer en eigenlijk durf ik het niet te vertellen, maar ik heb D66 gestemd bij de laatste verkiezingen. Eigenlijk ben ik niet zo geïnteresseerd in de politiek. Kunnen we het nu weer over fashion hebben?’

Hoe hou je zo’n leven vol?
‘Soms waarschuwen mensen me voor een burn-out. Maar dat zie ik dan wel. Het grappige is: op de havo was ik zó lui. Ik heb meer dan tweehonderd telaatkomingen verzameld. Maar nu houd ik me met allemaal dingen bezig die ik leuk vind. Misschien maak ik nog wel een video over wat ik allemaal doe, als voorbeeld voor anderen. Kijk naar mij: ook al is het een cliché, nothing is impossible. Ik ben chaotisch, heb nooit alles op een rijtje, maar ik doe het gewoon. En ik heb een hele strenge islamitische moeder hè? Maar als ik honderd ben wil ik tegen mezelf kunnen zeggen dat ik alles heb gedaan wat ik wilde doen. Om een absurde teleurstelling te voorkomen.’