Fresco: Zomaar in een collegezaal, 2 oktober 2009
Zomaar, in een collegezaal
Zomaar, een avond in september, in het gebouwencomplex op het Roeterseiland. Het gebouw vormt een Escheriaans labyrint van gangen en trappen die naar niets lijken te leiden en waarvan de nummering door een autistische binnenhuisarchitect is verzonnen. Gelukkig word ik opgewacht, want het is me nog geen enkele maal gelukt om mijn collegezaal in een keer te vinden. Vol enthousiasme klimmen we naar de aangewezen plek en wachten op de sleutel. De deur opent zich: het schelle neonlicht onthult een slagveld van propjes, koffiebekertjes, halfopgedronken yoghurtpakken, morsige collegebanken en een volgeschreven schoolbord. De projectiecomputer ontbreekt, net als het verlengsnoer waaraan een inderhaast opgetrommelde pc van een aardige studente zou moeten worden gekoppeld. Na enige tijd wordt duidelijk dat de technische dienst al naar huis is en ook de portier geen hulp kan bieden. Dan maar zonder power point? Of toch elders onderdak zoeken? Met een lange rij studenten zwerven we door het gebouw op weg naar een andere zaal, waarvan niemand weet waar hij zich bevindt. Gelukkig heeft men de plattegrond zo goed verstopt dat we onze rechter- en linkerhersenhelften naar hartelust kunnen testen. Om u gerust te stellen: het college vindt uiteindelijk wel plaats, in een keurige leegstaande colloquiumruimte die niet voor ons bestemd is.
Ik zwijg maar over precedenten: een college voor dezelfde studenten dat voor hun en mij als docent een bezoeking werd door een hinderlijke, niet uit te schakelen brom in de microfoon. Ik zwijg ook maar over andere collegezalen die lijken op verhoorkamers waar geen blind paard schade kan doen. Of over de geur van krolse katten in de toiletten. En over de rondslingerende papieren troep in de gangen.
Hoe lukt het ons om er collectief zo een rommeltje van te maken? Iedereen heeft hier boter op zijn hoofd: degene die de zaal heeft gebruikt en niet de moeite nam om het bord schoon te vegen; de schoonmaakdienst en wie weet degenen die de arbeidsvoorwaarden bepalen; de studenten die te beroerd zijn om hun afval in de prullenmanden te deponeren; degene die voor de apparatuur verantwoordelijk is; diegenen die dit gebouw zo liefdeloos ontwierpen en inrichtten – en eigenlijk alle gebruikers. ‘Ach,’ zei een van de studenten, ‘dit is nu eenmaal de UvA.’ Maar het kan anders, zie de nieuwe gebouwen van FNWI. Het moet dus echt anders!
Louise O. Fresco

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
