Dijkgraaf - Folia 15: Quiz
Quiz
Ik zeg gemakkelijk ja, dus bevind ik me nog al eens achter een glimmende rode knop. Vorige week nog, bij een grote manifestatie van het Innovatieplatform in Rotterdam. Leuk, een quiz. Alleen… als natuurkundige moet je wel winnen.
Mijn eerste publieke ervaring was de Nationale Wetenschapsquiz, alweer 12 jaar geleden. Ik weet dat nog heel precies, want ons eerste kind was net geboren en mijn trainingskamp had vooral bestaan uit middernachtelijke sessies met een huilende baby op de schouder. Gelukkig haalt de make-up op televisie de wallen weg.
Toen ik achter mijn naambordje ging zitten viel me direct op hoe ontspannen de andere collega’s zich voelden. Zij hoefden immers niet te winnen. Sterker nog, mijn buurman was hoogleraar belastingsrecht en had uiteindelijk maar 3 van de 25 vragen goed, terwijl er toch maar drie mogelijkheden per vraag waren. Hij had beter steeds antwoord A kunnen kiezen. Maar ja, zijn expertise was de mazen in de natuurwetten te vinden.
Toen ik de eerste drie vragen fout had, begon het zinkende gevoel. Letterlijk, want tot grote en blijvende hilariteit van de Nederlandse natuurkundige gemeenschap wist ik zelfs een vraag over de Wet van Archimedes fout te beantwoorden.
Wij speelden toen als wetenschappers tegen een team industriëlen, met onder andere Nina Brink, destijds nog niet berucht van het debacle van de beursgang van World Online. Van die tegenstanders heb ik veel geleerd. Heel naïef drukte ik namelijk enthousiast op mijn knopje zo gauw als ik het antwoord wist. Totdat ik vier paar zakenogen op mij gericht zag, die zeiden: ‘Hé, kijk nou eens, de professor drukt direct op A! Laten wij dat ook maar eens doen.’ Les een: als je het weet, druk als laatste.
De tweede les leerde ik bij de teamvraag, een open vraag waarop het antwoord beargumenteerd moest worden. Het was iets in de wiskunde en ik was er trots op dat ik namens ons team een mooi en correct antwoord kon geven. We kregen dan ook het maximale aantal punten. Toen was het woord aan de industriëlen. Nina Brink gaf hun antwoord. Dat deed ze kort en bondig. ‘We zijn het helemaal eens met de professor.’ Dat werd ook goed gerekend! Voor hetzelfde aantal punten! Les 2 is dan ook een bekende: why be a scientist, if you can be his boss?
Maar toen we later die avond in een schimmig steegje met een reusachtige glimmende beker uit de taxi stapten, kwam eindelijk mijn moment. ‘Hé, vader, heb je gewonnen met biljarten?’
Robbert Dijkgraaf is universiteitshoogleraar mathematische fysica.

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
