Foto: Steven M. Coivin (cc, via Wikimedia Commons)
opinie

Van der Pol | Pinguïnparade

Linda van der Pol,
2 maart 2017 - 08:57

Er vormt zich een file voor de wasstraat. Uit een van de wagens komt metalmuziek, de eigenaar hapt achter zijn stuur een gebakje weg. Onafhankelijkheidsdag, een uitstekende gelegenheid om de auto een beurt te geven.

Zojuist is de vlag gehesen. Politici en studentbestuurders maken zich langzaam los van het pleintje, enkele veteranen en gezinnen met kinderen blijven hangen.

 

Geen bombarie, geen overdaad. Gedesillusioneerd duik ik een café in. Met de val van de Sovjet-Unie in 1991 ligt de tweede onafhankelijkheid voor veel inwoners nog vers in het geheugen, het nationale epos Kalevipoeg is gemeengoed en iedere student kent een stuk of wat patriottistische liederen uit z’n hoofd – aan vaderlandsliefde geen gebrek, toch slaapt de stad vandaag.

Ik vertel over het immense stemformulier in mijn brievenbus, dat een dezer dagen over de post terug moet naar Den Haag

De jongen naast me aan de toog knikt. Hij voelt zich altijd Est, waarom zou hij z’n wang schminken? Een paar pinten om het te vieren, da’s genoeg. Hij stelt zichzelf voor als Hanno.

 

Op een televisietje volgen we de viering in hoofdstad Tallinn. Tussen het lurken aan z’n e-sigaret door vertaalt Hanno de speech van president Kersti Kaljulaid. Burgerschap en integratie, onderwerpen die ook hier domineren.

 

Legervoertuigen rijden het Vrijheidsplein op. Die militaire parade hoeft van Hanno niet. Het leger moest maar eens afgeschaft: de dienstplicht voorop, zoals in de rest van Europa.

 

Ja, knik ik, die werd in Nederland twintig jaar geleden al buiten werking gesteld. Maar in christelijke en sociaaldemocratische hoek staat herinvoering op de agenda: ten behoeve van de veiligheid en datzelfde burgerschap moeten jongeren aan de slag voor defensie, de zorg of het onderwijs.

 

Een tijdlang blijft Hanno rookwolkjes blazen en zijn hoofd schudden. Op tv begint de zogenaamde pinguïnparade: president Kaljulaid schudt handjes van genodigden, een fashionevenement in de categorie prinsjesdag.

 

Ik vertel over het immense stemformulier in mijn brievenbus, dat een dezer dagen over de post terug moet naar Den Haag – het moet binnen zijn voor mijn landgenoten naar de stembus gaan.

 

Hanno glijdt van zijn stoel. In de rij voor de wasstraat, à la. Maar stemmen doen de meeste Esten gewoon thuis, achter de computer. Nederland, schampert hij, bang voor de Russen!