Foto: Ed Everett (cc, via Flickr)
opinie

‘Brexit leert medezeggenschap een les’

Geleyn Meijer,
29 juni 2016 - 13:36

De UvA en HvA moeten een belangrijke les leren uit het Brexit-referendum, vindt decaan Geleyn Meijer (Digitale Media & Industrie). ‘Democratisering is niet de juiste oplossing, zorg voor een kwalitatief hoogwaardige dialoog.’

Afgelopen donderdag was een dag om te onthouden. Zowel bij de Britten, de EU-bestuurders in Brussel, als in alle lidstaten. Ook een dag voor D66 om zich af te vragen wanneer een referendum op zijn plaats is. In de woorden van onze Engelse partners bij het UK Knowledge Transfer Network: ‘A referendum mobilizes all negative sentiments in a single voice. Without coherence, without future thinking. We advice you, never hold a referendum in the Netherlands’. 

 

Voor mij was vrijdagmorgen ook een schok. Hoe was het mogelijk dat een referendum de samenleving zo langs vele assen kan opsplijten. Jong-oud, stedelijk-landelijk, hoog opgeleid-laag opgeleid, de intellectuelen-de maatschappelijke basis. Nog los van de vraag of de Britten er nu in of uit moeten: het is duidelijk dat democratisering niet per se tot beter gedragen keuzes leidt. Nu zijn wij bij de HvA en bij onze zus de UvA ook hard bezig om democratisering via medezeggenschap verder door te voeren. Dus interessant om te kijken of er parallellen met het Brexit-referendum zijn.

 

Voorop staat dat we allemaal handelen in het belang van studenten en medewerkers. Maar ook dat deze belangen niet noodzakelijkerwijs naast elkaar staan. Vier parallellen met het Brexit-referendum springen in het oog voor wat betreft onze medezeggenschap:

In onze medezeggenschap ontbreken vaak hele opleidingen of studentengeledingen. Dat ondermijnt het democratisch mandaat van medezeggenschap

1. Behoudendheid en ondernemerszin houden elkaar niet in evenwicht. Bij onderwijsvernieuwing zien we dat het vasthouden aan structuren als voorgeschreven taaklastverdeling voor medewerkers een flexibele manier van onderwijsinrichting in de weg zit. Of de verworven rechten op vakantie, scholing en duurzame inzetbaarheid die de vrije ruimte beperken en een verlammend effect op de vernieuwingsinitiatieven kunnen zijn.
Behoudendheid en ondernemingszin zijn beide positieve eigenschappen als ze in balans zijn. De praktijk is echter dat ondernemers vaker een individuele weg bewandelen dan via medezeggenschap een doel nastreven.

 

2. Disciplines tegen elkaar: belangen van opleidingen of faculteit kunnen verschillen. Heel duidelijk zichtbaar is dit bij de UvA, waar de actieve betrokkenheid bij de democratiseringsbeweging vanuit de sociale en geestweeswetenschappen wordt aangejaagd, terwijl de bèta-faculteiten veel minder betrokken zijn. Is dat dan fair naar de bètastudenten en medewerkers? Nee. Maar in het systeem van democratische medezeggenschap is het ook een taak van medewerkers en studenten om zich bezig te houden met het belang van het geheel. Dat het Brexit-kamp de meeste stemmen heeft gemobiliseerd, is ook te wijten aan het ontbreken van de stemmen van het Remain-kamp. En daar waren veel studenten en jongeren bij.


In onze medezeggenschap ontbreken vaak hele opleidingen of studentengeledingen. Dat ondermijnt het democratisch mandaat van medezeggenschap. Ook als er wel een kandidaat uit een geleding is, maar er geen verkiezingen zijn omdat er niets te kiezen valt.

Er zijn onderwerpen die grote diepgang en tijd vragen om er een gewogen debat over te kunnen voeren

3. Het derde punt is dat van het vakmanschap van bestuurders en leidende functionarissen. Het is populair en makkelijk om de kwaliteiten van deze collega’s in twijfel te trekken. Weg met Brussel, klinkt het bij de Brexit-aanhang. Weg met het Maagdenhuis, klonk het bij democratiseringsactivisten. Tijdens de verkiezingscampagne bij HvA las ik de slogan ‘de macht aan medewerkers en studenten!’ uit de hoek van de democratiseringsbeweging. Maar zelfs de grootste democratiseerder Pechtold zei het deze week: ‘De vraag van EU-lidmaatschap is te complex voor een burgerraadpleging’. Er zijn onderwerpen die grote diepgang en tijd vragen om er een gewogen debat over te kunnen voeren. Dat kan niet iedereen. Juist daarom ook is een verkiezing van medezeggenschap zo essentieel.


Illustratief voor dit punt is de bijdrage van Walter Hoogland in Folia van 20 januari 2016 of de gretigheid waarmee overwinningen worden gevierd, bijvoorbeeld in een e-mail van begin juni onder ReThinkers, Humanities Rally Rally, COR en CSR als reactie op het aftreden van de gehele RvT van de UvA waarin triomfantelijk werd uitgeroepen ‘..the ball in slow-motion finally reaching its goal: the goal’. Alsof het wippen van de RvT het einddoel op zich is. De felheid waarmee het debat wordt gevoerd is goed te vergelijken met de polarisatie in Engeland: er is grote onbalans in draagvlak, er is een opgehitste discussie en er is een besluit-gretigheid die alleen tot Pyrrusoverwinningen kan leiden.

 

4. Tot slot hebben we, net zoals bij onze westerburen, ook een hoogoplopend debat over een keuze die de toekomst voor vele jaren gaat bepalen. We zijn dit voorjaar met de UvA en HvA in een Amsterdamse exit-discussie beland. Een eXXXit. Er is een stemming die stelt: dit werkt niet met HvA en UvA. Stoppen er mee. Daarvoor worden allerlei argumenten ingebracht: ‘overhead’, ‘moeilijk te besturen’, ‘waarom zouden we’. De parallel met de Britten is overduidelijk. Daar zei de Queen notabene, ‘give me three reasons to be in the EU’. Boris Johnson roept dat hij ‘a better deal’ wil. Dat is populisme en korte-termijn-winstbejag. Nu hebben veel Britten spijt en zien ze de complexiteit van het weefsel van afspraken, deals en zekerheden die het lidmaatschap van de EU met zich meebrengt. En dat saamhorigheid en solidariteit als groep voor alle deelnemers winst kan zijn. Alles moet nu opnieuw bevochten worden en de vraag is of dat een ‘better deal’ wordt. De splijtzwam die de Brexit teweeg brengt, moeten we buiten de deur van UvA en HvA houden.

Zorg dat een kwalitatief hoogwaardige dialoog gevoerd wordt, waarin we het hebben over het oplossen van problemen nu, van knelpunten en kansen

Hoe onze eigen eXXXit-vraag ook uit zal pakken en welke keuzes daarvoor gemaakt gaan worden: het is van allergrootste belang dat de mensen die met de keuze moeten leven hun stem laten horen. Dat zijn studenten en een jonge generatie medewerkers. Zij hebben direct belang bij het debat, de voorstellen en de keuzes. Dat we niet moeten vasthouden aan wat we hebben, maar moeten denken vanuit een perspectief vooruit. Niet vanuit een proteststem over wat nu niet bevalt.

 

Ik appelleer aan docenten, medewerkers en studenten. Pak ook jouw verantwoordelijkheid en stel je verkiesbaar voor de medezeggenschap. Draag bij door een tijdje mee te discussiëren en koers te bepalen. Zorg dat een kwalitatief hoogwaardige dialoog gevoerd wordt, waarin we het hebben over het oplossen van problemen nu, van knelpunten en kansen.

 

Waar sta ik in deze discussie? Voor zover dat hierboven niet duidelijk is: ik sta pal voor het belang van vrijheid van handelen van medewerkers en docenten en het geven van vertrouwen vooraf en met vragen naar verantwoording achteraf.

Ik verzet mij tegen een cultuur van controleren, een gecultiveerd wantrouwen van mensen in leidende posities en het inrichten van processen om te controleren en dicht te regelen. Bovenal sta ik voor ruimte geven aan studenten om zich te ontwikkelen. Hun passie te vinden, ze in staat stellen zonder vermeend plafond te ontwikkelen en midden in de maatschappij te komen staan. Op hun vakgebied, in hun disciplines.

 

Ik sta als bestuurder voor de opdracht het hier en nu van onze faculteit te faciliteren en tegelijkertijd de toekomst voor ons te verkennen en daarin perspectieven te ontwikkelen. Dat is mijn baan. Daar heb ik voor gekozen en het is mijn publieke opdracht. Daarin heb ik de steun van veel van jullie nodig. Om mee te denken en om het kritische gesprek te voeren. Niet controleren, maar meezeggen. Geen eXXXit splijtzwam.

 

En dus vraag ik: stel je verkiesbaar!

 

Geleyn Meijer is decaan van de HvA-faculteit Digitale Media & Creatieve Industrie