
>UvA neemt de Nationale Studenten Enquête voortaan niet meer op anonieme basis af.
>Woordvoerder van het CvB Paul Helbing: 'Studenten hoeven nergens bang voor te zijn.'
De UvA wil van iedere student precies weten wat hij of zij heeft ingevuld in de Nationale Studenten Enquête (NSE). De antwoorden van die enquête worden door een groepje onderzoekers vervolgens gekoppeld aan de studentadministratie van onze universiteit. Zo kan gerichter aan kwaliteitsverbetering worden gedaan, zegt de UvA. De organisatie is not amused en is momenteel in overleg met de universiteit.
De Nationale Studenten Enquête wordt ieder jaar op alle hogescholen en universiteiten in Nederland gehouden, en vormt de basis voor de jaarlijkse Keuzegids Hoger Onderwijs en de informatiesite Studiekeuze123. Studenten beoordelen op anonieme basis de kwaliteit van het geboden onderwijs, van de voorzieningen en van de docenten. Zowel de UvA als de Universiteit Utrecht en de Haagse Hogeschool willen niet langer dat hun studenten de enquête anoniem invullen.
In 2010 deed de UvA voor het eerst mee met de NSE, maar was afgelopen jaar niet tevreden met het feit dat die resultaten anoniem waren, legt woordvoerder van het College van Bestuur Paul Helbing uit. ‘We willen fijnmazigere analyses kunnen maken, zodat we bijvoorbeeld kunnen bekijken of er een verband zit tussen het volgen van bepaalde voorlichtingsactiviteiten en het latere studieverloop.’ Daarom heeft de UvA, net als de Universiteit Utrecht, besloten om voor de uitvoering van de enquête wel hetzelfde onderzoeksbureau in te schakelen en dezelfde vragen te hanteren als die uit de NSE.
Een van de partners van het NSE is het Interstedelijk Studentenoverleg (ISO), dat bij monde van bestuurslid Marco Mout aangeeft het niet wenselijk te vinden dat onderwijsinstellingen afwijken van de afgesproken gang van zaken: ‘Dat alle studenten op iedere instelling dezelfde vragen krijgt, en die onder dezelfde omstandigheden invult, is de kracht van de enquête. Op die manier ontstaat er een vergelijkbaar resultaat. Ook moet de privacy van studenten absoluut gewaarborgd blijven.’
Helbing gelooft echter niet dat de koppeling van de gegevens effect heeft op wat studenten invullen: ‘We geven voor het invullen van de enquête heel duidelijk aan dat het geen anoniem onderzoek is, en toch ligt onze respons hoger dan het landelijke gemiddelde. Wat de UvA betreft is er dus geen probleem.’ Ook het privacy-argument wuift hij weg: ‘Alleen een kleine groep onderzoekers koppelt de uitslagen aan de studentnummers. Alleen als zij echt actief op zoek gaan naar de persoon achter het studentennummer, kunnen ze terecht komen bij de betreffende student. Maar in hun functie komen die onderzoekers niet in contact met studenten, en zijn daar ook niet in geïnteresseerd. Studenten hoeven nergens bang voor te zijn.’ (LH)
Ingedeeld in: Nieuws,
Geplaatst op 14-04-2011 17:05
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
