
Eind 2008 zal het in een Space Shuttle de aarde verlaten op weg naar het internationale ruimtestation ISS: de High Temperature Insert (HTI). Het is een van de drie apparaten die de dienst Technologie van de Faculteit Natuurkunde Wiskunde en Informatica (FNWI) bouwde voor onderzoek in de ruimte. Woensdag overhandigen de UvA-techneuten het apparaat aan een delegatie Franse wetenschappers van het Centre Nationale d’Etudes Spatiales (CNES) op de Falckenierstraat. Daarmee komt een einde aan een project dat tien jaar geduurd heeft en waar miljoenen euro’s mee zijn gemoeid. De Fransen betaalden 2.2 miljoen euro voor de apparatuur, maar de UvA moest ruim bijleggen op de kosten door budgetoverschrijdingen, vertelt Frank Kayzel, manager van het bedrijf IDEAS!, eigendom van UvA Holding, dat de apparatuur maakte. Ook liep het project enige vertraging op. ‘Het had drie jaar geleden al de ruimte in gemoeten maar toen waren wij nog niet klaar en ontplofte er weer een Shuttle’ zegt Hennes, medewerker van het constructiebureau van de FNWI. Nu het project klaar is, is het 'een moment voor een feestje’ aldus Hennes. De Franse wetenschappers van het CNES willen met de HTI onderzoek doen naar de eigenschappen van zogenaamde kritische vloeistoffen. Bij bepaalde druk en temperatuur gaan stoffen bijzondere eigenschappen vertonen. Ze worden ‘kritisch’. Water bijvoorbeeld, dat tot boven de 400 graden wordt verhit, blijft in gasvorm, ook onder zeer hoge druk. Op het overgangspunt van normaal naar kritisch spelen zich interessante processen af, die de Fransen willen onderzoeken. Op aarde is het onmogelijk om een grote hoeveelheid vloeistof gelijktijdig op dit overgangspunt te brengen. De zwaartekracht veroorzaakt drukverschillen: dieper in de vloeistof heerst een hogere druk. Daarom vindt het onderzoek in de ruimte plaats. Hennes omschrijft de HTI als een ‘grote doos vol met isolatiemateriaal, hitteschilden, elektronica en verwarmingselementen.’ De HTI kan een kleine hoeveelheid van een bepaalde stof onder een specifieke druk en temperatuur brengen. ‘Tot een fractie van een millikelvin nauwkeurig’ aldus Hennes. De apparatuur zal door astronauten in het ruimtestation geïnstalleerd worden maar wordt vanaf aarde aangestuurd door de Franse wetenschappers. Op de UvA wordt al langer apparatuur gebouwd voor onderzoek naar kritische vloeistoffen. In de jaren tachtig stond een voorloper van de HTI opgesteld aan boord van het Russische ruimtestation Mir. De HTI is niet het enige apparaat dat op de UvA werd gebouwd voor gebruik in de ruimte door de Fransen. De dienst Technologie bouwde ook een deel van de Directional Solidification Insert (DSI), een meetinstrument dat de groei van kristallen registreert en een Alice Like Insert (ALI). Deze is vergelijkbaar aan de HTI, maar functioneert bij lagere temperaturen. Ook de overkoepelende besturings-electronica werd door de UvA geleverd. (EvdB) De overdracht van de HTI vindt plaats op woensdag 27 juni, om 15:30 in de kantine van gebouw J/K, Valckenierstraat 65
Ingedeeld in: Wetenschap,
Geplaatst op 22-06-2007 00:00
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
