
>European Research Council kent subsidies toe.
>6,4 miljoen euro voor juridisch en sociaalwetenschappelijk onderzoek.
Communicatiewetenschapper Patti Valkenburg, antropoloog Annemarie Mol en jurist André Nollkaemper hebben gezamenlijk een bedrag van 6,4 miljoen euro onderzoeksgeld in de wacht gesleept. Het geld is afkomstig van de European Research Council (ERC), dat de drie ieder een ERC Advanced Grant heeft toegekend. De ERC is een instituut voor financiering van baanbrekend onderzoek binnen de Europese Unie. Valkenburg ontvangt 2,5 miljoen euro, Mol 1,8 miljoen euro en Nollkaemper 2,1 miljoen euro.
Valkenburg krijgt de subsidie voor haar onderzoeksvoorstel ‘De entertainisering van de jeugd’. Ze stelt dat alles voor de jeugd leuk, emotioneel en flitsend moet zijn. Dat geldt voor onderwijs, gezondheidsvoorlichting, reclame en nieuws. Valkenburg gaat de effecten daarvan onderzoeken op de cognitieve vaardigheden van kinderen, hun (agressief) gedrag en ADHD. Ook onderzoekt ze welke kinderen het meest gevoelig zijn voor de positieve en negatieve effecten van entertainisering. Daarbij kijkt ze naar individuele verschillen in genetische dispositie, en naar de rol van ouders en leeftijdsgenoten.
Mol ontvangt de zak met geld voor onderzoek naar het ‘etende lichaam’ in de Westerse wereld. Iedereen weet wat ‘eten’ is, maar in dit project wordt al die kennis tussen haakjes gezet, om zo met een frisse blik naar het bekende te kijken. Neem ‘gezond eten’: vereist dat sobere matigheid of valt er ook van te genieten? En hoe stemmen mensen hun smaak af op hun voedsel en hun voedsel op hun smaak? Hoe verhouden eters zich tot anderen (dichtbij en ver weg) met wie ze hun eten delen? Door aan de hand van dit soort vragen alledaagse praktijken te onderzoeken, hoopt Mol die praktijken in een nieuw perspectief te plaatsen, en bovendien de sociaal-wetenschappelijke taal en theorievorming te verrijken.
Nollkaemper krijgt 2,1 miljoen euro voor zijn onderzoek naar gedeelde verantwoordelijkheid in internationaal recht. Veel hedendaagse problemen kunnen alleen aangepakt worden door samenwerking tussen verschillende landen, internationale organisaties en andere actoren. Voorbeelden zijn de wereldwijde economische crisis, multinationale militaire operaties en problemen rondom klimaatverandering. De vraag rijst wie er verantwoordelijk is als er iets misgaat. In de praktijk (de nasleep van Srebrenica, maar ook het klimaatprobleem of het probleem van overbevissing) blijkt dat de betrokken actoren zich achter elkaar kunnen verschuilen: niemand heeft de schade immers alleen veroorzaakt. Nollkaemper zal onderzoeken welke beginselen en procedures ontwikkeld kunnen worden om in dergelijke gevallen te komen tot een gedeelde verantwoordelijkheid, waarbij de betrokken actoren aangesproken kunnen worden voor hun deel in een onrechtmatig handelen, ook al zijn zij niet verantwoordelijk (DW)
Ingedeeld in: FMG, Rechten, Wetenschap,
Geplaatst op 17-11-2009 17:39
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
