
De opleiding tot restaurator heeft een nieuw onderkomen aan de Hobbemastraat. Hoogleraar cultureel erfgoed, restauratie en conservering Frans Grijzenhout is opgetogen. ‘Heel bijzonder’, noemt Grijzenhout het nieuwe atelier dat begin deze maand door de minister van OCW, Ronald Plasterk, werd geopend. ‘Het nieuwe atelier kan zich meten met voorzieningen van de National Gallery of Art in Washington of het Victoria and Albert Museum en de National Gallery in Londen.’ Restauratie, onderzoek en onderwijs zitten in het nieuwe pand onder één dak. Grijzenhout: ‘De combinatie met de opleidingspoot is heel bijzonder.’ In het nieuwe ateliergebouw werken UvA-restauratoren samen met de restauratieateliers van het Rijksmuseum en het Instituut Collectie Nederland (ICN), het nationaal kennisinstituut voor beheer en behoud van roerend cultureel erfgoed. Sinds de restauratieopleiding van het ICN vorig jaar werd overgenomen door de UvA, was de opleiding gevestigd in de restauratielokalen van ICN aan de Gabriël Metsustraat. Foto: Jordi Huisman
In het nieuwe onderkomen wordt volgens Grijzenhout gewerkt met zeer geavanceerde onderzoeksapparatuur en -instrumenten voor onder meer röntgendiffractie. ‘Al zal ik daar zelf niet gebruik van maken. Ik zit er vooral voor de reflectie, de theorie en de geschiedenis. Met de praktijk zal Anne van Grevenstein, hoogleraar praktijk van conservering en restauratie zich bezighouden.’
Bijzonder aan het gebouw zijn de driehoekige ramen in de zijgevel waardoor alleen noorderlicht wordt toegelaten en direct zonlicht wordt vermeden. Het nieuwe atelier is het eerste gebouw dat gereed is gekomen in het kader van Het Nieuwe Rijksmuseum. (DW)
Ingedeeld in: Nieuws,
Geplaatst op 26-11-2007 00:00
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
