
Illustratie: Peter van Straaten
>Emeritus hoogleraar politicologie Hans Daudt overleden.
>Daudt werd in de jaren zeventig door marxistische studenten van zijn leerstoel geschopt.
Emeritus hoogleraar politicologie Hans Daudt is afgelopen zaterdag op 83-jarige leeftijd overleden. Hij kreeg in de jaren zeventig veel kritiek te verduren van linkse en marxistische studenten van de toenmalige subfaculteit sociale wetenschappen A (FSW-A). Daudt werd ‘niet maatschappijkrities genoeg’ bevonden. Studenten eisten een ‘confrontatiestudie’ en ‘antikapitalistiese literatuur’. Traditionele politicologische literatuur van wetenschappers als Arend Lijphart en Robert Dahl was hen niet confronterend genoeg. De colleges van Daudt gingen in de ogen van studenten als Siep Stuurman en Kees van der Pijl (beide later hoogleraar) te veel uit van de conventionele politicologische theorieën, zoals die van de vertegenwoordigende democratie.
Een groot aantal studenten maakte zich druk om Vietnam, de wapenwedloop en Cuba. Ze eisten stellingname van de wetenschap en vergaand engagement met de problemen in de wereld. Uit oogpunt van wetenschappelijke zuiverheid was Daudt daartoe niet bereid. Later zei Daudt hierover in NRC Handelsblad: ‘Politicologie trekt mensen aan die zich emotioneel betrokken voelen bij de maatschappij. Dat kan op gespannen voet komen te staan met de wetenschappelijk attitude, die distantie en reflectie vereist. Dat maakt politicologie tot een schizofrene bezigheid.’Het conflict met de studenten leidde er toe dat Daudt werd kaltgestellt: er kwam een herstructurering van de opleiding politicologie. Daudt, die directeur was van het instituut voor wetenschap der politiek, werd hoogleraar bij de eenmansvakgroep theoretische politicologie ‘in oprichting’. Bij zijn emeritaat in 1990 was die vakgroep nog steeds ‘in oprichting’ en werd daarna afgeschaft.
In maart 2002 werd Daudt voor het laatst door Folia geïnterviewd. Hij sprak toen over het in zijn ogen democratisch tekort in Nederland. ‘Nederland is geen parlementaire democratie, maar een regentenmaatschappij’, zei hij. ‘Dat komt allemaal door de kieslijsten. Daardoor komen allerlei anonieme figuren in de Kamer die zich nog nooit hebben geprofileerd tegenover de kiezer. Ook de gemeenteraadsverkiezingen zijn in dit opzicht kiezersbedrog. Alle grote partijen kunnen in zekere zin meedoen aan een coalitie. Het gaat erom wie de baantjes heeft. Ik ben daarom erg in mijn schik met de opkomst van Pim Fortuyn en Leefbaar Nederland (LN). Het is een zweepslag voor de bestaande partijen. Ze worden gedwongen om te reageren. Als Fortuyn en LN kennelijk zoveel onbehagen kunnen mobiliseren, is er iets aan de hand en moet er wat gebeuren. In 1967 is dat ook gebeurd door de opkomst van D66 en de Boerenpartij. Dat was de opmaat naar het kabinet Den Uyl in de jaren zeventig, de staatscommissie voor de herziening van de kieswet werd ingesteld en de verzuilde politiek stortte vanaf dat moment ineen. Zoiets kan ons nu weer te wachten staan.’ (DW)
Ingedeeld in: FMG, Wetenschap, Studenten,
Geplaatst op 21-10-2008 18:18
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
