
>Ondernemers creëren werkgelegenheid, dragen bij aan innovatie, zijn efficiënter, productiever en zelfs gelukkiger dan werknemers.
>Tweeënzestig procent topondernemers is academisch opgeleid.
‘De overheid moet ondernemerszin bij hoogopgeleiden stimuleren, want zij zijn de beste ondernemers.’ Dit stelde Miriam van Praag, hoogleraar ondernemerschap en organisatie, in de vierde editie van ‘De Stelling van..’ in Spui25. Zij pleit voor belastinghervormingen om ondernemen aantrekkelijker te maken dan werknemen. Ondernemers creëren werkgelegenheid, dragen bij aan innovatie, zijn efficiënter en productiever dan werknemers, en ondernemers blijken zelfs gelukkiger dan werknemers. Dit geldt wel voornamelijk voor ‘goede’ ondernemers, volgens Van Praag snel groeiende ondernemers. Snelle groei betekent in dit geval groei qua omzet of groei qua werknemers. Snelle groeiers dragen veel bij aan de economie, in Scandinavie nemen de snelle groeiers zelfs álle economische groei voor hun rekening.
Op het moment beginnen net zoveel niet-hoogopgeleiden als hoogopgeleiden met ondernemen, terwijl die laatste veel succesvoller zijn. Daarom zijn er wijzigingen nodig aangezien de huidige belastingvoordelen voor startende ondernemers relatief kleiner zijn voor mensen met een hoog inkomen. Volgens Van Praag moeten zij dus meer worden gestimuleerd, terwijl niet-hoogopgeleiden misschien wel moeten worden afgeremd. Van Praag benadrukt dat zij alleen kijkt naar de economische baten.
Onderzoek van Van Praag wijst uit dat snelle groeiers vaak jonge, kleine bedrijven zijn, actief in de dienstensector, en gestart door een team. Persoonlijke determinanten voor economisch presteren blijken de hoogte van opleiding en intelligentie, bèta-achtergrond, brede oriëntatie, en ervaring met ondernemen enerzijds, of in de betreffende bedrijfstak anderzijds. Van Praag onderzocht een lijst van de beste tweehonderd ondernemers van Nederland, samengesteld uit onder andere de Quote 500 en de Deloitte Fast 50, waaruit bleek dat tweeënzestig procent academisch opgeleid is.
Ondanks dat blijkt de houding van studenten ten opzichte van ondernemerschap negatief. Spui25-directeur Wim Koning pleit voor een enquête waarin onderzocht wordt waarom studenten negatief ten opzichte van ondernemerschap staan: ‘Het is net als studenten die thuis blijven wonen omdat het zo lekker makkelijk is, terwijl uitwonende studenten beter presteren. Misschien is werknemerschap wel de makkelijke weg?’ Van Praag beaamt dat ‘werknemerschap in Nederland een redelijk gespreid bedje is.’ Zij weet ook niet waarom de houding van studenten negatief is, maar ziet onderwijs als beste weg om die houding te veranderen. (HvdM)
Ingedeeld in: landelijk, Financien, Studenten, Nieuws,
Geplaatst op 16-12-2008 14:00
Gerelateerde artikelen

















Karel van der Toorn is voor vier jaar herbenoemd als voorzitter van het College van Bestuur. Goed?

