
>‘Nederland was een van de laatste “beschaafde” landen dat een ministerie van OCW kreeg’
>Het ministerie heeft sindsdien vrijwel altijd geleden aan geldgebrek
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bestond op 25 september precies negentig jaar. Ter gelegenheid van dit jubileum vond vorige week een bijeenkomst plaats, waar UvA-historicus Jouke Turpijn een rede uitsprak. Daarnaast werd er een portrettengalerij onthuld met de beeltenissen van alle ministers en staatssecretarissen die de afgelopen negentig jaar voor het ministerie hebben gewerkt.
Vóór 1918 was onderwijs een van de aandachtsgebieden van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Bij de beslechting van de schoolstrijd in 1917, waarbij openbaar en bijzonder onderwijs voortaan gelijkelijk werden bedeeld, werd de oprichting van een eigen departement nodig geacht. De eerste minister van het toen nog geheten departement van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen was Johannes Theodoor de Visser, wiens portret nu ook te zien is in het ministerie.
Turpijn ging tijdens zijn toespraak vooral in op de veranderende rol van het ministerie in de samenleving. Hierin is een tekort aan financiële middelen de belangrijkste constante factor. ‘Nederland was één van de laatste “beschaafde” landen dat een ministerie van OCW kreeg, en toen het eenmaal zo ver was, volgden de crisisjaren en de Tweede Wereldoorlog. Het gevolg was dat minister Marchant (1933-1935) zich maar op een spellingsherziening stortte, en bekend werd met zijn slogan “Niet zoo, maar zo”.’ Ondanks het continue financieringstekort ging het departement zich in de jaren vijftig onder minister Cals meer met cultuur bemoeien. Turpijn: ‘Als nette roomse jongen onthield minister Cals Gerard van het Reve een literaire geldprijs, om de “goede zeden” tegen de “uitwassen” te beschermen. Toch was deze bemoeizucht het beste dat vernieuwers als Reve, Vinkenoog en Hermans kon overkomen om hun werk te verspreiden.’
Na Turpijns rede konden de nog levende ex-bewindslieden en genodigden de galerij met hun eigen beeltenis bezichtigen. Voormalig staatssecretaris Rutte (VVD): ‘Mijn serieuze blik met ondeugende glimlach vind ik zeer treffend.’ Voormalig minister Loek Hermans, ook VVD: ‘Zelf heb ik ook een klein glimlachje op het portret. Dat is omdat wij liberalen iets onspannender in het leven staan.’ (Tim Verlaan)
Ingedeeld in: Nieuws, Studenten, Haags nieuws,
Geplaatst op 30-09-2008 16:28
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
