
>Steeds meer nieuwe politieke partijen maken hun opmars in regeringscoalities, ten koste van de gevestigde orde.
>Politicoloog Sara de Lange geeft bij Broodje Kennis een inkijkje in haar onderzoek.
West-Europa is historisch gezien bijna altijd geregeerd door gevestigde partijen, maar de laatste decennia begint daar verandering in te komen. De centrum-linkse, centrum-rechtse en zogenaamde grand coalitions verliezen aan electorale kracht en halen anno 2011 nog maar net of net niet meer een meerderheid van de stemmen.
Politicoloog Sarah de Lange ontving vorig jaar een veni subsidie van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en doet onderzoek naar hoe goed deze nieuwe partijen het doen wanneer zij gaan regeren. In Broodje Kennis, de wekelijkse lunchlezing van SPUI25 vertelde De Lange over haar onderzoek met de titel: Nieuwe regeringspartijen: echec of succes?In Europa zijn in de afgelopen drie decennia 36 nieuwe partijen gaan regeren. Daaronder schaart De Lange partijen die net zijn opgericht en daarom nog geen bestuurlijke ervaring hebben opgedaan (zoals de LPF en de PVV in Nederland), en partijen die al lang bestaan, maar nooit eerder onderdeel van de regerende coalitie werden, zoals de ChristenUnie in Nederland (die in het kabinet Balkenende IV voor het eerst sinds zij vanaf 2000 onder die naam bestaan ging regeren).
‘Niet voor alle partijen was meeregeren even succesvol,’ vertelt De Lange. ‘Zo regeerde de LPF slechts zes maanden en traden er in diezelfde periode twee ministers en een staatssecretaris onder druk af. De ChristenUnie deed het juist heel goed. De partij leverde drie ministers op de in totaal zes zetels die ze hadden en hadden relatief veel invloed op het beleid.’
Op basis van een analyse van het succes en falen van partijen die voor het eerst gingen regeren, gaat De Lange nu een grootschalige Europese studie opzetten. De indicatoren waaraan alle 36 nieuwe partijen worden getoetst, zijn hoe goed ze onderhandelen voor het aantal ministers, of een nieuwe partij een eigen vakministerie regelt, of en hoe vaak er ministers tussentijds worden gewisseld, hoe veel of weinig beleidsinvloed ze uitoefenen en hoe lang ze meeregeren.
‘In eerdere onderzoeken had ik een duidelijke intuïtie waar mijn onderzoek toe zou leiden, dat heb ik nu helemaal niet,’ begon De Lange haar verhaal. Daar moet ook nog een tijdje op worden gewacht. Het onderzoek zal drie jaar duren.’ (FB)
Ingedeeld in: Nieuws, Wetenschap,
Geplaatst op 12-04-2011 17:23
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
